Zoeken
  1. Aanwezigheid stalgebrek leidt tot ontbinding koopovereenkomst

Aanwezigheid stalgebrek leidt tot ontbinding koopovereenkomst

Op 5 september 2012 heeft de Rechtbank Arnhem uitspraak gedaan in een zaak waarin de koper van een pony de koopovereenkomst ontbonden had omdat de pony een luchtzuiger bleek te zijn.Op 17 april 2010 heeft de koper van de verkoper een pony gekocht. Helaas bleek de pony een luchtzuiger te zijn, waarna de koper op 18 april hierover heeft geklaagd bij de verkoper. De verkoper was echter van mening dat op het moment van de verkoop de pony het stalgebrek niet vertoonde en ook nooit eerder had verto...
Artikel | 16 oktober 2012 | Dirkzwager
Op 5 september 2012 heeft de Rechtbank Arnhem uitspraak gedaan in een zaak waarin de koper van een pony de koopovereenkomst ontbonden had omdat de pony een luchtzuiger bleek te zijn.

Op 17 april 2010 heeft de koper van de verkoper een pony gekocht. Helaas bleek de pony een luchtzuiger te zijn, waarna de koper op 18 april hierover heeft geklaagd bij de verkoper. De verkoper was echter van mening dat op het moment van de verkoop de pony het stalgebrek niet vertoonde en ook nooit eerder had vertoond. Op 14 september 2010 heeft de koper de koopovereenkomst door middel van een buitengerechtelijke verklaring ontbonden. De koper heeft de verkoper gesommeerd om de pony terug te nemen en de betaalde koopsom terug te betalen. De verkoper weigerde dit, waarna de koper de verkoper heeft gedagvaard.

Kernvraag is of het stalgebrek al bestond op het moment van levering van de pony aan de koper. Bij consumentenkoop geldt dat als een gebrek zich binnen zes maanden na de verkoop en levering openbaart, vermoed wordt dat het gebrek al bestond ten tijde van de levering. Het was dan ook aan de verkoper om te bewijzen dat het gebrek toen nog niet bestond. De verkoper  heeft tijdens de procedure twee getuigen laten horen om dit te bewijzen. Beiden verklaarden dat zij nooit een stalgebrek hadden waargenomen bij de pony. Ook werd er een schriftelijke verklaring van een dierenarts in het geding gebracht, waarin de dierenarts aangaf dat hij geen symptomen van luchtzuigen heeft waargenomen aan het gebit van de pony.

De rechter oordeelde echter dat de verkoper niet geslaagd was in de op hem rustende bewijslast. Uit de verklaringen bleek namelijk niet onomstotelijk dat de pony geen lucht zoog, alleen dat de betreffende personen het niet hadden waargenomen. De koopovereenkomst wordt dan ook ontbonden en de verkoper moet de pony terugnemen en de betaalde koopsom terugbetalen aan de koper.

De verkoper voert nog aan dat zij gecompenseerd moet worden voor het feit dat zij een pony terugkrijgt die door een gebrek aan training veel minder kan dan voorheen. De rechter is het daar echter niet mee eens. De koper had direct na het ontdekken van het stalgebrek geklaagd, waardoor de verkoper toen al actie had kunnen ondernemen om het nadeel dat zij stelt te lijden, te voorkomen. Omdat er geen actie is ondernomen door de verkoper heeft ook de koper kosten moeten maken voor voer, de dierenarts en de hoefsmid.  Daarom wordt de verkoper ook nog veroordeeld tot betaling van de verzorgingskosten die de koper heeft moeten maken gedurende de tijd dat zij de pony op stal had.

Uit deze uitspraak blijkt weer eens dat de bewijslast voor de verkoper om te bewijzen dat een paard een stalgebrek niet had op het moment van verkoop, heel zwaar is. Als dit niet bewezen kan worden kan de verkoper ook nog veroordeeld worden in alle verzorgingskosten die de koper heeft moeten maken. De gevolgen van deze zware bewijslast zijn dan ook vergaand.

Zie voor meer informatie het artikel 'Pony die lucht zuigt is gebrekkig'.

Door Christien Beernink, advocaat hippisch recht