Zoeken
  1. Adviseur HvJ EU: geen auteursrecht op smaak

Adviseur HvJ EU: geen auteursrecht op smaak

De advocaat-generaal van het Europese Hof van Justitie heeft geconcludeerd dat het auteursrecht niet bedoeld is om smaak te beschermen. De Auteursrechtrichtlijn 'verzet zich tegen auteursrechtelijke bescherming van de smaak van een voedingsmiddel'. Het is de vraag of het Hof deze conclusie, genomen in de Heksenkaas-zaak, gaat volgen.
Artikel | 25 juli 2018 | Joost Becker

Auteursrecht op werken

Het auteursrecht beschermt tegen het openbaar maken en verveelvoudigen van eigen creaties of scheppingen. Het moet gaan om "materiaal dat oorspronkelijk is in die zin dat het gaat om een eigen intellectuele schepping van de auteur ervan". Er moet sprake zijn van een oorspronkelijk „werk”, wil een auteursrecht geclaimd worden.

Is smaak een werk?

De advocaat generaal beantwoordt de vraag of smaak een (oorspronkelijk) werk is of kan zijn. De wetgeving geeft een niet-uitputtende lijst hiervan. Boeken, muzikale composities en computerprogramma's (software) zijn specifiek in wetten en verdragen genoemd, maar smaak niet, aldus de advocaat-generaal.

"De smaak van een voedingsmiddel vertoont geen raakvlakken met een van de door dit verdrag beschermde „werken” en voor zover ik weet biedt geen enkele andere bepaling van internationaal recht auteursrechtelijke bescherming aan de smaak van een voedingsmiddel."

Niet het recept

De advocaat-generaal maakt een uitdrukkelijk onderscheid tussen een recept enerzijds en de smaak anderzijds:

"Verder ben ik (...) van mening dat het ontwikkelen van de smaak van een voedingsmiddel of van een parfum weliswaar inspanningen en deskundigheid vergt, maar deze smaak en dit parfum slechts auteursrechtelijk kunnen worden beschermd indien zij oorspronkelijk zijn. Auteursrechtelijke bescherming heeft betrekking op oorspronkelijke uitdrukkingsvormen, en niet op denkbeelden, procedures, werkwijzen of mathematische concepten als zodanig. Ik ben van mening dat de vorm waarin een recept wordt uitgedrukt (uitdrukkingsvorm) weliswaar auteursrechtelijk kan worden beschermd als de uitdrukkingsvorm oorspronkelijk is, maar het auteursrecht het recept als zodanig (denkbeeld) niet beschermt. Dit onderscheid wordt in het Engels idea/expression dichotomy genoemd."

Smaken verschillen?

De advocaat-generaal oordeelt vervolgens dat de 'oorspronkelijke uitdrukkingsvormen voldoende nauwkeurig en objectief identificeerbaar zijn' en wijst op het subjectieve karakter van de smaakervaring. "De organoleptische eigenschappen van voedingsmiddelen kunnen namelijk worden waargenomen en beoordeeld door de zintuigen, voornamelijk de smaak- en reukzin, maar ook de tastzin, op basis van de subjectieve ervaring van de impressies die het voedingsmiddel daarop veroorzaakt. Het is nog niet gelukt deze ervaringen objectief weer te geven.”

Kortom, het blijft door de aard van smaak "een subjectieve aangelegenheid".

Nauwkeurige en objectieve identificatie

Dat smaken zelf vergankelijk, vluchtig en instabiel zijn, pleit volgens de advocaat-generaal tegen nauwkeurige en objectieve identificatie ervan, en derhalve tegen de kwalificatie ervan als werken in de zin van het auteursrecht.

Conclusie

De conclusie luidt dat de smaak van een voedingsmiddel geen „werk” is en dus niet onder het auteursrecht valt.

Het is nu wachten of het Hof van Justitie dit advies overneemt. Zodra er nieuws is, berichten wij hierover.

Joost Becker, advocaat auteursrecht