Zoeken
  1. GÉÉN PROCESBELANG BIJ BEROEP TEGEN MEGABIOSCOOP

GÉÉN PROCESBELANG BIJ BEROEP TEGEN MEGABIOSCOOP

In een eerdere bijdrage heb ik gewezen op het feit dat een appellant bij hetgeen hij met een procedure wenst te bereiken nog voldoende procesbelang dient te hebben. Er is geen sprake van voldoende procesbelang als vernietiging van het bestreden besluit helemaal niet kan bijdragen aan het doel dat de appellant met het instellen van het beroep had. In een uitspraak van de Afdeling van 17 januari 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:107) loopt Unibail Rodamco tegen dit probleem aan. Zij is eigenaar van winkel...
Artikel | 30 januari 2018 | Jasper Molenaar
In een eerdere bijdrage heb ik gewezen op het feit dat een appellant bij hetgeen hij met een procedure wenst te bereiken nog voldoende procesbelang dient te hebben. Er is geen sprake van voldoende procesbelang als vernietiging van het bestreden besluit helemaal niet kan bijdragen aan het doel dat de appellant met het instellen van het beroep had. In een uitspraak van de Afdeling van 17 januari 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:107) loopt Unibail Rodamco tegen dit probleem aan. Zij is eigenaar van winkelcentrum Leidsenhage dat wordt getransformeerd tot “Mall of the Netherlands”. Het bestemmingsplan dat hiervoor is vastgesteld voorziet onder andere in de realisatie van een (mega)bioscoop. Unibail Rodamco ziet als concurrent de mogelijkheid van een bioscoop bij het Kyocera stadion (thans genaamd: Cars Jeans stadion) als mogelijke bedreiging voor de exploitatie van de voorziene megabioscoop in Leidsenhage en van hun bioscopen in Zoetermeer en Utrecht. Om die reden komt zij op tegen de partiële herziening bestemmingsplan “Forepark A4-A12 (Kyocera Stadion)”.

Geen nieuwe bestemming, slechts wijziging planregels
De Afdeling constateert allereerst dat het bestreden plan niet strekt tot het opnieuw, gewijzigd, vaststellen van het gehele bestemmingsplan “Forepark - A4-A12”, maar alléén tot het wijzigen van een aantal artikelen van de regels van dit plan. Het bestreden plan heeft dan ook niet tot strekking om ter plaatse opnieuw een bioscoop mogelijk te maken, maar uitsluitend om een nadere voorwaarde te verbinden aan de reeds op grond van het onherroepelijke bestemmingsplan “Forepark - A4-A12” bestaande mogelijkheid om ter plaatse van het Kyocera-stadion een bioscoop te realiseren.

Doel kan niet worden bereikt
Het betoog van Unibail Rodamco, indien zij niet zou opkomen tegen het bestreden bestemmingsplan, de planologische mogelijkheid van een bioscoop bij het Kyocera Stadion onherroepelijk wordt, wordt – gelet op het bovenstaande – door de Afdeling dan ook niet gevolgd. Het bestemmingplan “Forepark - A4-A12”, dat het plan is dat in deze mogelijkheid voorziet, is namelijk al onherroepelijk. De conclusie van de Afdeling is dan ook dat het door Unibail Rodamco met deze procedure nagestreefde doel, dat geen planologische mogelijkheid voor een megabioscoop meer wordt geboden binnen dit plangebied, niet met deze procedure kan worden bereikt. Vernietiging van het plan leidt er immers niet toe dat de op grond van het onherroepelijke bestemmingsplan “Forepark - A4-A12” bestaande mogelijkheid van een bioscoop bij het Kyocera Stadion vervalt. Sterker nog, vernietiging van het bestreden plan zou juist betekenen dat de mogelijkheden van een bioscoop bij het Kyocera Stadion worden verruimd, omdat de nadere voorwaarde die het bestreden plan daaraan verbindt dan vervalt. Gelet op het voorgaande is het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.

Geen verzoek tot herziening
In aansluiting op het bovenstaande is nog vermeldenswaardig dat de Afdeling bij dit oordeel in aanmerking neemt dat Unibail Rodamco geen verzoek om herziening van het bestemmingsplan “Forepark - A4-A12” heeft ingediend bij de raad. Het door Unibail Rodamco aan de Afdeling gedane verzoek de raad op te dragen het bestreden plan aldus te herzien dat geen planologische mogelijkheid meer wordt geboden voor een megabioscoop in het plangebied − welk verzoek erop neerkomt dat het bestemmingsplan “Forepark - A4-A12” in wezenlijk ander opzicht zou moeten worden herzien dan de raad bij het bestreden plan heeft gedaan − gaat volgens de Afdeling dan ook de omvang van deze procedure te buiten.

Commentaar
Daarbij dringt zich de vraag op of dit verzoek de omvang van de procedure niet te buiten zou gaan als Unibail Rodamco aan de raad wél tijdig een aanvraag om herziening van het bestemmingsplan “Forepark - A4-A12” zou hebben ingediend. De overweging van de Afdeling lijkt daar wel (meer) ruimte voor te bieden. Dit terwijl dat niets afdoet aan het feit dat met de procedure tegen de partiële herziening niet het doel kan worden bereikt dat Unibail Rodamco kennelijk nastreeft; het schrappen van de totale bioscoop. Op basis van de overweging van de Afdeling lijkt het niettemin verstandig een beroep tegen een dergelijke partiële herziening te combineren met een separaat verzoek om herziening van het onderliggende bestemmingsplan. Daarbij verdient het mijns inziens aanbeveling om ten aanzien van de partiële herziening niet uitsluitend te betogen dat de planologische mogelijkheid van de bioscoop moet komen te vervallen, maar tevens dat de voorgestane beperkingen niet ver genoeg gaan. Op die manier had Unibail Rodamco mogelijk een grotere kans om de hobbel van voldoende procesbelang te kunnen nemen.

Wilt u meer weten over procesbelang en de partiële vaststelling van bestemmingsplannen? Neem contact op met Jasper Molenaar