Zoeken
  1. Geen redelijk aanbod tot aangaan nieuwe pachtovereenkomst

Geen redelijk aanbod tot aangaan nieuwe pachtovereenkomst

Verpachter heeft pachter een nieuwe pachtovereenkomst aangeboden met daarbij de voorwaarde dat een strook grond niet tot de nieuwe pachtovereenkomst behoort. Pachter wijst dit aanbod af met als argument dat door de verpachter geen redelijk aanbod is gedaan. Voorwaarde waaronder het aanbod is gedaan is dat de strook grond niet tot het gepachte zou behoren. Omdat pachter van mening is dat deze strook grond wel tot het verpachte behoort is betoogd dat de pachtovereenkomst niet kan worden ontbond...
Artikel | 03 december 2012 | Dirkzwager
Verpachter heeft pachter een nieuwe pachtovereenkomst aangeboden met daarbij de voorwaarde dat een strook grond niet tot de nieuwe pachtovereenkomst behoort. Pachter wijst dit aanbod af met als argument dat door de verpachter geen redelijk aanbod is gedaan. Voorwaarde waaronder het aanbod is gedaan is dat de strook grond niet tot het gepachte zou behoren. Omdat pachter van mening is dat deze strook grond wel tot het verpachte behoort is betoogd dat de pachtovereenkomst niet kan worden ontbonden. Het Hof Arnhem volgt pachter in zijn argumenten en bevestigt het oordeel van de pachtkamer in eerste aanleg.

Opzeggen pachtovereenkomst
Indien een verpachter een pachtovereenkomst met een pachter wil beëindigen dan kan hij de pachter een redelijk aanbod doen voor een nieuwe pachtovereenkomst. Indien de pachter dit aanbod niet aanvaardt bestaat de mogelijkheid voor de verpachter om de pachtovereenkomst op te zeggen. Verzet de pachter zich vervolgens tegen de opzegging dan kan de verpachter een beëindigingvordering instellen.

Niet instemmen met redelijk aanbod is beëindiginggrond
Artikel 7:370 BW bevat een limitatieve opsomming van de gronden die aanleiding kunnen zijn voor toewijzing van de beëindigingvordering ingesteld door de verpachter. Het niet instemmen van de pachter met een redelijk aanbod tot het aangaan van een nieuwe pachtovereenkomst is één van die gronden.  

Wat is een redelijk aanbod?
De vraag of een aanbod redelijk is hangt bijna altijd af van de concrete omstandigheden van het geval.

Wordt een overeenkomst aangeboden welke een kortere duur kent dan de huidige pachtovereenkomst, dan geldt dat de rechter het aanbod alleen als redelijk kan aanmerken indien de bijzondere omstandigheden van het geval dit rechtvaardigen en de algemene belangen van de landbouw niet worden geschaad (artikel 7:371 lid 2 BW).

Het feit dat verpachter het gepachte nog slechts voor beperkte tijd voor landbouwdoeleinden ter beschikking heeft omdat met voldoende waarschijnlijkheid na verloop van de aangeboden kortere duur een bestemmingswijziging zal plaats vinden (hetgeen een ontbindingsgrond oplevert) zou een bijzondere omstandigheid kunnen opleveren die een kortere duur kan rechtvaardigen. Dit geldt ook voor het feit indien de gegronde verwachting bestaat dat de verpachter na verloop van de aangeboden kortere duur het gepachte zelf in gebruik zal nemen. In de praktijk speelt het algemeen landbouwkundig belang nauwelijks nog een rol.

Geen redelijk aanbod
In deze casus was van belang dat pachter en zijn rechtsvoorgangers al gedurende 60 jaar een perceel grasland gebruikten op basis van een pachtovereenkomst. De vraag was of ook de strook grond, welke pachter toegang bood tot onder meer het verpachte, stilzwijgend tot de pachtovereenkomst was gaan behoren.  Het hof is van oordeel dat pachter er gerechtvaardigd vanuit heeft mogen gaan dat dit het geval is en hanteert hiertoe de volgende argumenten.

Om toegang te krijgen tot de percelen die pachter in gebruik heeft voor zijn bedrijfsuitoefening maakt hij gebruik van de strook grond. De strook(grasland) is sinds 1952 in gebruik door de pachter en zijn rechtsvoorgangers en wordt ook onderhouden als ware het onderdeel van het verpachte. De strook onderscheidt zich in niets van het omliggende grasland. Daar komt bij dat verpachter pas vanaf 2005 aanspraak is gaan maken op het strookje.

Nu de strook stilzwijgend aan het verpachte is toegevoegd en het aanbod voor de nieuwe pachtovereenkomst is gedaan onder de voorwaarde dat de strook geen onderdeel uitmaakt van het verpachte, wordt het aanbod niet als redelijk aangemerkt en heeft de beëindigingvordering van de verpachter geen kans van slagen.