Zoeken
  1. Huur en Wmo: verhuurders zijn de klos

Huur en Wmo: verhuurders zijn de klos

Op 18 juli 2014 is artikel 2.3.7 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) in werking getreden. Dit artikel kan grote gevolgen hebben voor verhuurders. Zo is een huurder op grond van artikel 2.3.7 lid 1 Wmo bevoegd om zonder toestemming van de eigenaar-verhuurder een woningaanpassing aan te brengen indien het college van burgemeester en wethouders een Wmo-maatwerkvoorziening of persoonsgebonden budget voor een woningaanpassing aan de huurder heeft verstrekt. De kosten van het event...
Auteur artikelRobert Rijpstra MRICS
Gepubliceerd07 januari 2015
Laatst gewijzigd16 april 2018
Leestijd 
Op 18 juli 2014 is artikel 2.3.7 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) in werking getreden. Dit artikel kan grote gevolgen hebben voor verhuurders. Zo is een huurder op grond van artikel 2.3.7 lid 1 Wmo bevoegd om zonder toestemming van de eigenaar-verhuurder een woningaanpassing aan te brengen indien het college van burgemeester en wethouders een Wmo-maatwerkvoorziening of persoonsgebonden budget voor een woningaanpassing aan de huurder heeft verstrekt. De kosten van het eventueel weer in oude staat herstellen van de woning bij einde van de huur komen voor rekening van de verhuurder, zo blijkt uit het derde lid van artikel 2.3.7 Wmo. Robert Rijpstra heeft hierover een artikel geschreven in het Tijdschrift voor Vastgoedrecht (Robert Rijpstra, 'Huur en Wmo: verhuurders zijn de klos', Vastgoedrecht 2014-6, p. 212-215). Hij is onder meer van mening dat artikel 2.3.7 Wmo een inbreuk maakt op het eigendomsrecht van de verhuurder, omdat een compensatieregeling ontbreekt.