Zoeken
  1. Wie is belanghebbende bij een bouwaanvraag?

Wie is belanghebbende bij een bouwaanvraag?

Op 15 augustus 2018 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State nog eens herhaald in welke gevallen degene die verzoekt om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk als belanghebbende bij de beslissing op dat verzoek kan worden aangemerkt.
Auteur artikelBart de Haan
Gepubliceerd22 augustus 2018
Laatst gewijzigd22 augustus 2018
Leestijd 

Ondanks het feit dat de jurisprudentielijn die de Afdeling heeft uitgezet niet nieuw is, is het interessant om deze lijn nog eens in herinnering te brengen aan de hand van de uitspraak van uitspraak van 15 augustus 2018 (ECLI:NL:RVS2018:2717).


Wat was het geval?
Meneer X heeft verzocht om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van drie balkons op de achtergevel van een pand. Eén van deze drie balkons was voorzien aan een appartement dat niet bij meneer X in eigendom was, te weten appartement nummer 2  (de uitspraak vermeldt niet of dat wel geldt voor het appartement, waaraan de twee andere balkons voorzien waren). De eigenaar van een appartement op de begane grond (appartement nummer 4) maakte bezwaar tegen de verlening van de omgevingsvergunning voor het plaatsen van de drie balkons en stelde zich op het standpunt dat meneer X geen belanghebbende was bij zijn verzoek om een omgevingsvergunning omdat hij niet de eigenaar is van appartement nummer 2 en ook niet namens deze eigenaar optrad. Ook had hij een verklaring overgelegd van de eigenaar van appartement nummer 2 waarin stond dat die nooit heeft gevraagd om een balkon aan het appartement nummer 2 en daarvoor ook geen toestemming heeft gegeven.


De Afdeling overweegt als volgt:


“Zoals de afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 26 juli 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2002), wordt degene die verzoek om een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk in beginsel verondersteld belanghebbende te zijn bij een beslissing op het door hem ingediende verzoek. Dit is anders indien aannemelijk wordt gemaakt dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt. Het criterium is dus niet meer dat aannemelijk moet zijn dat het bouwplan nimmer kan worden verwezenlijkt. Dit was nog wel het geval ten tijde van de uitspraak van de Afdeling van 17 juli 2013, ECLI:NL:RVS:2013:375, waar de rechtbank naar heeft verwezen.”

Kortom, niet relevant is of aannemelijk is dat het bouwplan nimmer kan worden verwezenlijkt, maar of aannemelijk is dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt.

Vervolgens overweegt de Afdeling dat het aannemelijk is dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt, omdat meneer X niet gerechtigd is het balkon te bouwen en vanwege de verklaring van de eigenaar van appartement nummer 2 dat die geen toestemming verleent voor die bouw. Omdat meneer X zelf geen stuk had overgelegd waaruit blijkt dat hij wel toestemming had om het balkon te bouwen is de Afdeling van oordeel dat het bouwplan niet kan worden verwezenlijkt en dat meneer X geen belanghebbende is. 

De reactie van het bestuursorgaan op het verzoek van een niet-belanghebbende is geen besluit in de zin van artikel 1:3 lid 1 van de Awb. Het bezwaar van een niet-belanghebbende verzoeker (zoals meneer X) tegen een negatieve reactie van het bestuursorgaan dient dan ook niet-ontvankelijk verklaard te worden.

Heeft u vragen over omgevingsvergunningen ? Neemt u dan contact op met Bart de Haan.