Zoeken
  1. Advocaat draait op voor kosten (gegronde) tuchtklacht

Advocaat draait op voor kosten (gegronde) tuchtklacht

Als gevolg van de nieuwe Richtlijn Kostenveroordeling 2018 kan er sprake zijn van een (hogere) veroordeling van de advocaat in de kosten bij een tuchtrechtprocedure. Indien een tuchtklacht tegen een advocaat gegrond wordt verklaard en daarbij een maatregel wordt opgelegd (of als die beslissing in hoger beroep wordt bekrachtigd), kan de advocaat worden veroordeeld in de kosten. Het gaat daarbij om kosten van de klager, de Nederlandse Orde van Advocaten en de Staat. De totale kosten kunnen oplo...
Auteur artikelDaan Baas
Gepubliceerd07 maart 2018
Laatst gewijzigd07 maart 2018
Leestijd 
Als gevolg van de nieuwe Richtlijn Kostenveroordeling 2018 kan er sprake zijn van een (hogere) veroordeling van de advocaat in de kosten bij een tuchtrechtprocedure. Indien een tuchtklacht tegen een advocaat gegrond wordt verklaard en daarbij een maatregel wordt opgelegd (of als die beslissing in hoger beroep wordt bekrachtigd), kan de advocaat worden veroordeeld in de kosten. Het gaat daarbij om kosten van de klager, de Nederlandse Orde van Advocaten en de Staat. De totale kosten kunnen oplopen tot EUR 1.350 (eerste aanleg) – EUR 1.600 (hoger beroep).

Kostenveroordeling

Onlangs schreef ik op onze Kennispagina al dat de notaris vanaf 1 januari 2018 opdraait voor de kosten van een (gegronde) tuchtklacht. Voor advocaten is eenzelfde soort regime gaan gelden voor klachten ingediend op of na 1 januari 2018. Voor klachten die tussen 1 januari 2015 en 1 januari 2018 zijn ingediend blijft de Tijdelijke Richtlijn Kostenveroordeling Hof en Raden van Discipline gelden.

Het nieuwe regime is het gevolg van de Richtlijn Kostenveroordeling 2018. Het betreft een richtlijn, zodat er onder omstandigheden van afgeweken kan worden.

Op grond van art. 48ac en 57 lid 2 van de Advocatenwet kan de tuchtrechter een advocaat veroordelen in de kosten. Voor een kostenveroordeling is vereist dat (i) de klacht gegrond is verklaard, en (ii) aan de advocaat een maatregel wordt opgelegd (of als die beslissing in hoger beroep wordt bekrachtigd).

Uitgangspunt is dat de advocaat in de kosten wordt veroordeeld, tenzij er bijzondere omstandigheden zijn om dat niet te doen (bijvoorbeeld een geringe ernst van het feit, draagkracht van de advocaat en/of opstelling van de advocaat in de aanloop naar en tijdens de tuchtprocedure). De tuchtrechter toetst dit ambtshalve, zodat het er niet eens om hoeft te worden verzocht.

Met deze richtlijn wordt tegemoetgekomen aan het principe dat de kosten van de tuchtprocedure zoveel mogelijk worden gedragen door degene die ertoe aanleiding heeft gegeven dat die procedure noodzakelijk was. Dit is inmiddels ook in breder perspectief een maatschappelijke trend. De klager kan niet in de kosten worden veroordeeld, ook niet als de klacht ongegrond wordt verklaard.

Om welke kosten gaat het?

De advocaat kan veroordeeld worden in de kosten van (1) de klager, (2) de Nederlandse Orde van Advocaten, en (3) de Staat.

Ad (1) kosten van de klager

Nieuw is dat bij een gegronde klacht het griffierecht ad EUR 50 wordt vergoed.

Daarnaast kunnen de kosten die de klager in verband met de behandeling van de klacht redelijkerwijs heeft moeten maken worden vergoed. Klager krijgt in beginsel echter geen verlet- of gemachtigdenkosten vergoed.

Net als onder de eerdere richtlijn gelden de reiskosten van de klager naar een zitting van de raad van discipline of Hof van Discipline de volgende forfaitaire bedragen:

  • EUR 0 bij een enkele reisafstand onder 10 kilometer;

  • EUR 25 bij een enkele reisafstand van 10-50 kilometer;

  • EUR 50 bij een enkele reisafstand van meer dan 50 kilometer.


Ad (2) kosten van de Nederlandse Orde van Advocaten

Beslist kan worden dat de advocaat de kosten van de Nederlandse Orde van Advocaten in verband met de behandeling van de klacht heeft moeten maken (kosten van de griffies en de leden-advocaten van de tuchtcolleges). Het gaat om de volgende forfaitaire bedragen:

  • raad van discipline: EUR 750;

  • Hof van Discipline: EUR 750.


Onder de eerdere richtlijn gold nog een forfaitair bedrag van EUR 1.000.

Ad (3) kosten van de Staat

Voorts kan beslist worden dat de advocaat de overige kosten die in verband met de behandeling van de zaak zijn gemaakt (bijvoorbeeld de kosten van de rechterlijke leden van de tuchtcolleges) moet vergoeden aan de Staat. Dit is nieuw.

Deze kosten worden op grond van de Wet Doorberekening kosten juridische beroepen vervolgens door de Staat doorberekend aan de NOvA. Met die wet wordt de verantwoordelijkheid voor de handhaving van en het bevorderen van de kwaliteit van de beroepsuitoefening volgens de wetgever neergelegd bij de beroepsgroepen zelf. Eerder schreef ik daarover al dit artikel op onze Kennispagina.

Het gaat om de volgende forfaitaire bedragen:

  • raad van discipline: EUR 500;

  • Hof van Discipline: EUR 750.


Totale kosten

De totale kosten ingeval van een gegronde tuchtklacht (met maatregel) kunnen dus oplopen tot EUR 1.350 (eerste aanleg) – EUR 1.600 (hoger beroep).

Beroepsaansprakelijkheidsverzekering

Op grond van artikel 28 lid 2 sub d van de Advocatenwet en artikel 6.24 lid 1 van de Verordening op de advocatuur moet de advocaat adequaat verzekerd zijn ter zake van het risico van zijn beroepsaansprakelijkheid. Hoewel een gegronde tuchtklacht niet gelijk staat aan beroepsaansprakelijkheid, zal mogelijk ook voor onderhavige tuchtrechtelijke kosten dekking moeten bestaan.

Op grond van artikel 6.25 lid c van de Verordening op de advocatuur moet de beroepsaansprakelijkheidsverzekering immers de schade dekken die voortvloeit uit alle werkzaamheden die gerekend kunnen worden tot de beroepsuitoefening van de advocaat.

Doorgaans is onder de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van de advocaat schade gedekt ten gevolge van een aanspraak (waaronder vaak wordt verstaan de vordering tot vergoeding van schade die jegens de advocaat). De kosten zijn echter dermate beperkt dat deze veelal onder het eigen risico zullen vallen.

Conclusie

Als gevolg van de nieuwe Richtlijn Kostenveroordeling 2018 kan er sprake zijn van een (hogere) veroordeling van de advocaat in de kosten bij een tuchtrechtprocedure. Indien een tuchtklacht tegen een advocaat gegrond wordt verklaard en daarbij een maatregel wordt opgelegd (of als die beslissing in hoger beroep wordt bekrachtigd), kan de advocaat worden veroordeeld in de kosten. Het gaat daarbij om kosten van de klager, de Nederlandse Orde van Advocaten en de Staat. De totale kosten kunnen oplopen tot EUR 1.350 (eerste aanleg) – EUR 1.600 (hoger beroep). Ook hier geldt het nogal dédain uitgedrukte adagium ‘de vervuiler betaalt’.