De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Dekkingsgeschil: vernietiging polisvoorwaarden? Verrassende en ‘verstopte’ primaire dekkingsclausule?

Dekkingsgeschil: vernietiging polisvoorwaarden? Verrassende en ‘verstopte’ primaire dekkingsclausule?

Leestijd 
Auteur artikel Daan Baas
Gepubliceerd 15 februari 2021
Laatst gewijzigd 15 februari 2021
 

Het gerechtshof Amsterdam wees op 15 december 2020 een arrest in een dekkingsgeschil met dierenverzekeraar (agrarisch) Nationale Nederlanden (NN) in een zaak waar vleesvarkens zijn gestikt. Dat laatste komt doordat ventilatoren waren uitgevallen. Er is geen alarm afgegaan.

NN doet een beroep op art. 4.17 van haar polisvoorwaarden, waarin zakelijk weergegeven staat dat schade niet verzekerd is die verband houdt met het niet afgaan van het alarm. De rechtbank achtte dit beroep naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. Het zou een verrassende primaire dekkingsclausule betreffen en het had op de weg van NN gelegen om de verzekerde tijdig hierover te informeren. Het alarm functioneerde een dag voor het voorval nog naar behoren, zodat niet valt in te zien waarom het ten tijde van het voorval niet aan alle eisen zou voldoen. Onderzoek geeft geen verklaring waarom het alarm niet is afgegaan. De rechtbank houdt het ervoor dat sprake was van regelapparatuur die was aangesloten op een werkend alarmsysteem. Kortom: er is sprake van een gedekt evenement.

In hoger beroep wordt eerst een beroep van verzekerde op vernietiging van de polisvoorwaarden besproken. Deze zouden niet zijn ontvangen. Dit blijkt echter niet juist, omdat de tussenpersoon deze heeft ontvangen. Het hof bepaalt dat de kennis van de tussenpersoon dient te worden toegerekend aan de verzekerde. Zodoende gaat een beroep op vernietiging wegens een terhandstellingsgebrek niet op.

Vervolgens wordt ingegaan op het beroep van NN dat de regelapparatuur niet zou zijn aangesloten op een werkend alarmsysteem. Het hof laat dit in het midden: als het alarmsysteem niet kan worden aangemerkt als werkend, is er geen dekking. In het andere geval wel, indien is voldaan aan art. 4.17. Die uitsluiting is in beginsel van toepassing omdat het alarm niet is afgegaan. Het hof meent anders dan verzekerde dat art. 4.17 niet zit ‘verstopt’ in de polisvoorwaarden. Verzekerde is voldoende hierover geïnformeerd. Bovendien mag NN ervan uitgaan dat verzekerde, al dan niet met bijstand van haar tussenpersoon, van de polisvoorwaarden kennis neemt. De grote gevolgen van een beroep door NN op deze uitsluiting en het feit dat de oorzaak van het falen van het alarmsysteem onbekend is, zijn geen (voldoende) reden om het niet toe te staan. Zodoende is het beroep naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar.