Zoeken
  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Het openbare elektriciteitsnet zit ‘vol’: wat nu?

Het openbare elektriciteitsnet zit ‘vol’: wat nu?

Het openbare elektriciteitsnet van Nederland heeft een capaciteitsprobleem, mede ontstaan door de aanleg van zonneparken. Mag een netbeheerder een aanvraag voor een aansluiting weigeren met de mededeling dat daarvoor onvoldoende capaciteit bestaat?
Auteur artikelHarm van Schilt
Gepubliceerd26 november 2019
Laatst gewijzigd26 november 2019
Leestijd 

De casus

Een projectontwikkelaar wilde ten behoeve van een windpark en twee zonne-akkers in de gemeente Emmen een aansluiting op het openbare elektriciteitsnetwerk voor de transport van elektriciteit. Enexis, de netbeheerder in de provincie Drenthe, weigerde de aanvraag met de mededeling dat de gevraagde transportcapaciteit niet meer beschikbaar was. De projectontwikkelaar had echter een belang bij het zo snel mogelijk hebben van een aansluiting in het kader van de aan haar toegekende SDE-subsidie (Stimulering Duurzame Energie).

Het geschil

In kort geding vordert de projectontwikkelaar Enexis te bevelen een aanbod te doen voor een aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. De projectontwikkelaar stelt daartoe dat Enexis op grond van de Elektriciteitswet 1998 (E-wet) een absolute verplichting heeft om de betreffende aansluiting aan te bieden en binnen een redelijke termijn. Enexis zou niet hebben aangegeven, laat staan bewezen, dat de aansluiting op het openbare elektriciteitsnet niet mogelijk zou zijn. Met name omtrent dit laatste punt procederen partijen in rechte.

De beoordeling

De voorzieningenrechter stelt in zijn uitspraak voorop dat in deze kwestie twee vragen spelen:

  1. Is Enexis verplicht om de projectontwikkelaar aan te sluiten op het openbare elektriciteitsnet?
  2. Is Enexis verplicht om de projectontwikkelaar een aanbod te doen om het transport van elektriciteit over het door Enexis beheerde net uit te voeren?

Het antwoord op vraag 1 in dezen is eenvoudig: ja die verplichting heeft Enexis op grond van art. 23 van de E-wet en die verplichting is absoluut. De projectontwikkelaar heeft dus recht op een aansluiting. Dit is niet afhankelijk van de vraag of er transportcapaciteit aanwezig is.

Het antwoord op vraag 2 ligt genuanceerder. De E-wet bepaalt dat de netbeheerder aan ‘degene die daar om verzoekt’ in beginsel verplicht is een aanbod te doen. Dit is slechts anders indien de netbeheerder redelijkerwijs geen capaciteit ter beschikking heeft voor het gevraagde transport (art. 24 lid 2 E-wet). Volgens Enexis was hiervan sprake. De bewijslast hiervan rust op de netbeheerder zelf.

De voorzieningenrechter overweegt in deze uitspraak dat de stelling van Enexis, dat de transportcapaciteit contractueel aan andere partijen was vergeven, niet voldoende is. De netbeheerder kan zich alleen op de hiervoor genoemde bepaling beroepen indien het fysiek niet mogelijk is om de elektriciteit te transporteren. Het gaat derhalve om het ‘fysieke gebruik’, het daadwerkelijke gebruik van de transportrechten op ieder moment. Enexis had in dit verband onvoldoende aannemelijk gemaakt dat zij redelijkerwijs geen capaciteit ter beschikking heeft, zoals bedoeld in art. 24 E-wet.

Maatregelen aangekondigd

Onlangs heeft minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (tijdelijke) maatregelen aangekondigd om het capaciteitsprobleem te lijf te gaan. Zo is de eis ingevoerd dat een aanvraag voor een SDE+-subsidie vergezeld moet gaan van een document van de netbeheerder waarin wordt toegezegd dat de te produceren stroom kan worden getransporteerd.

Minister Wiebes heeft tevens aangegeven dat in de toekomstige Energiewet meer ruimte moet worden gegeven aan netbeheerders om ‘congestiemanagement’ en flexibiliteit toe te passen. Op deze onderwerpen zal ik in een apart artikel nader ingaan.