Zoeken
  1. Kan een bestuurder zich beroepen op een forumkeuzebeding dat de vennootschap is overeengekomen?

Kan een bestuurder zich beroepen op een forumkeuzebeding dat de vennootschap is overeengekomen?

Partijen bij een overeenkomst willen vooraf duidelijkheid welke rechter bevoegd is om over hun geschillen te oordelen. In het internationale handelsverkeer is dat nog belangrijker. Dit leg je vast in een forumkeuzebeding.
Artikel | 03 oktober 2018 | Lotte te Linde

Een overeenkomst tussen twee vennootschappen wordt gesloten door de (natuurlijke) vertegenwoordigers van deze vennootschappen. Een relevante vraag is of ook deze vertegenwoordigers een beroep kunnen doen op het namens de vennootschap gesloten forumkeuzebeding. Deze vraag is voor hen relevant als zij persoonlijk aansprakelijk worden gesteld voor de gevolgen van het niet-nakomen van de overeenkomst door de vennootschap (bijvoorbeeld op grond van bestuurdersaansprakelijkheid).

Deze vraag heeft vorig jaar de nodige stof doen opwaaien. Uiteindelijk is het Hof van Justitie om uitsluitsel gevraagd. Wat was er in die betreffende zaak aan de hand?

Casus

Twee vennootschappen met de statutaire zetel op Malta en de werkelijke zetel in Griekenland hebben met elkaar in juni 2006 een overeenkomst gesloten. Op basis van deze overeenkomst verhuurde de ene vennootschap (Malcon Navigation) aan de andere vennootschap (Brave Bulk Transport) het schip ‘Sea Pride’. Brave Bulk Transport werd bij het sluiten van de overeenkomst bevoegd vertegenwoordigd door haar statutair bestuurder Leventis en algemeen directeur Vafeias.

Brave Bulk Transport heeft het schip doorverhuurd aan het Iraakse ministerie van Handel.Vijf maanden later dan op grond van de overeenkomst had gemoeten, heeft Brave Bulk Transport het schip aan Malcon Navigation geretourneerd. Malcon Navigation had hierdoor schade geleden. Malcon Navigation is een arbitrageprocedure tegen Brave Bulk Transport gestart om deze schade te verhalen. In deze procedure heeft Brave Bulk Transport zich op het standpunt gesteld dat zij het schip niet eerder kon retourneren omdat zij het schip op haar beurt ook te laat van het Iraakse ministerie had teruggekregen. Brave Bulk Transport had om die reden op haar beurteen gerechtelijke procedure gestart tegen de Iraakse staat.

Als tijdelijke oplossing voor hun geschil hebben Malcon Navigation en Brave Bulk Transport vervolgens op 14 november 2007 een onderhandse (schikkings-)overeenkomst ondertekend. Brave Bulk Transport werd ook bij het sluiten van deze (schikkings-)overeenkomst vertegenwoordigd door Leventis en Vafeias. Deze overeenkomst bepaalde:

- (i) dat de lopende arbitrage gedurende zes maanden zou worden opgeschort;

- (ii) dat Brave Bulk Transport Malcon Navigation zou informeren over het verloop van de tegen de Iraaks Staat ingestelde procedure;

- (iii) dat Brave Bulk Transport na een eventuele schikking met de Iraakse Staat een percentage van het bedrag van deze schikking aan Malcon Navigation zou voldoen; en niet onbelangrijk

- (iv) dat de overeenkomst door het Engelse recht werd beheerst en aan de rechtsmacht van de Engelse rechter was onderworpen.

Kortom, de overeenkomst bevatte een forumkeuze voor de Engelse rechter.

Later bleek dat Brave Bulk Transport zonder medeweten van Malcon Navigation inderdaad een schikking had getroffen met de Iraakse staat. Brave Bulk had via deze schikking een vergoeding van de Iraakse staat gekregen. Brave Bulk had alleen verzuimd het afgesproken percentage van deze schikking aan Malcon Navigation te voldoen. Als reactie hierop heeft Malcon Navigation de arbitrageprocedure voortgezet. Daarnaast heeft Malcon Navigation bij de Griekse rechter een vordering tot schadevergoeding ingesteld tegen zowel Brave Bulk Transport als haar vertegenwoordigers Leventis en Vafeias. In die procedure in Griekenland stelde Malcon Navigation dat zij schade had geleden doordat Brave Bulk Transport niet het afgesproken percentage van de schikking met de Iraakse Staat aan haar had voldaan. Volgens Malcon Navigation hadden Leventis en Vafeias bewust ervoor gezorgd dat Brave Bulk Transport niet aan haar verplichtingen voldeed. Dit was naar mening van Malcon Navigation een grond voor bestuurdersaansprakelijkheid.

Het zou vervolgens jaren duren voordat inhoudelijk over deze aansprakelijkheid zou worden geoordeeld. Vanwege het forumkeuzebeding in de overeenkomst van november 2007 verklaarde de Griekse rechter zich ten aanzien van de vordering tegen Brave Bulk Transport namelijk onbevoegd. In mijn ogen een terechte beslissing. Een rechtsgeldige forumkeuze is immers exclusief. Ten aanzien van de vordering van Leventis en Vafeias achtte de Griekse rechter zich wel bevoegd. Deze bevoegdheid werd echter door Leventis en Vafeias tot in hoogste Griekse instantie betwist. Na vele jaren is uiteindelijk het Hof van Justitie van de Europese Unie (“Hof van Justitie”) om uitsluitsel is gevraagd.

Geldt het forumkeuze beding ook voor de bestuurders die de vennootschap bij het sluiten van de overeenkomst hebben vertegenwoordigd?

Aan het Hof van Justitie werd de vraag voorgelegd of ook vertegenwoordigers van een vennootschap het forumkeuzebeding kunnen inroepen dat zij namens de vennootschap in de betreffende overeenkomst hebben vastgelegd. Deze vraag is zoals gezegd van belang voor de situatie dat deze vertegenwoordigers hoofdelijk (bestuurders-)aansprakelijk worden gehouden voor schade die het gevolg is van het niet nakomen van de overeenkomst door de vennootschap.

Oordeel van het Hof van Justitie

Het Hof van Justitie heeft op de hiervoor uiteengezette vraag geantwoord dat de mogelijkheid om een bevoegd gerecht aan te wijzen een voortvloeisel is van het partijautonomiebeginsel. Partijen, en zeker twee professionele partijen, zijn in beginsel vrij hun rechtsverhouding in te richten zoals zij dat wensen. Het partijautonomiebeginsel brengt ook met zich mee dat over afspraken tussen partijen wilsovereenstemming tussen de contractspartijen moet zijn. Deze wilsovereenstemming tussen partijen moet er ook zijn over een afspraak over de bevoegde rechter.

Het moet dus gaan over wilsovereenstemming tussen de contractspartijen. Dit betekent dat in principe ook alleen de contractspartijen bij de overeenkomst aan een forumkeuzebeding zijn gebonden. Als een overeenkomst wordt gesloten tussen twee vennootschappen zijn het in principe ook dus slechts deze twee vennootschappen die het forumkeuzebeding kunnen inroepen. Leventis en Vafeias waren in dit geval persoonlijk geen partij bij de overeenkomst van november 2007. Zij vertegenwoordigden enkel contractspartij Brave Bulk Transport. Leventis en Vafeias hebben dan ook niet hun eigen wil voor de Engelse rechter, maar de wil van Brave Bulk Transport geuit.

De conclusie van het Hof van Justitie is dan ook duidelijk: Leventis en Vafeias konden geen beroep doen op het forumkeuzebeding dat zij namens Brave Bulk Transport met Malcon Navigation waren overeengekomen.

Gevolgen van het oordeel van het Hof van Justitie

Een onlosmakelijk gevolg van het oordeel van het Hof van Justitie is dat Malcon Navigation voor twee verschillende rechtbanken in twee verschillende Europese landen moest doorprocederen. Over de vordering tegen Leventis en Vafeias moest worden doorgeprocedeerd in Griekenland. De vordering tegen Brave Bulk Transport moest echter worden ingesteld in Engeland. Uiteraard is dit niet kostenefficiënt.

Daarbij bestaat het risico op mogelijke tegenstrijdige beslissingen. Van een tegenstrijdige uitspraak zou bijvoorbeeld sprake zijn als in Engeland wordt geoordeeld dat Brave Bulk Transport niet toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst met Malcon Navigation, terwijl de Griekse rechter dit juist wel oordeelt en daaraan tevens de conclusie verbindt dat dit bestuurdersaansprakelijkheid van Leventis en Vafeias tot gevolg heeft gehad.

Artikel 30 van de Brussel I bis-Verordening biedt een mogelijke oplossing

Gelijktijdig in twee landen procederen met het risico op tegenstrijdige beslissingen is in het kader van de rechtszekerheid onwenselijk. Dit vindt ook de Europese wetgever. Deze heeft hiervoor dan ook een oplossing bedacht. Tegenstrijdige beslissingen kunnen mogelijk voorkomen worden op basis van artikel 30 Brussel I bis- Verordening. Artikel 30 Brussel I bis-Verordening geeft namelijk een regeling voor samenhangende oftewel connexe vorderingen die bij gerechten van verschillende lidstaten aanhangig zijn gemaakt. Specifiek bepaalt artikel 30 Brussel I bis het volgende:

Wanneer samenhangende vorderingen aanhangig zijn voor gerechten van verschillende lidstaten, kan het gerecht waarbij de zaak het laatst is aangebracht, zijn uitspraak aanhouden.”

Als er een gevaar voor tegenstrijdige uitspraken bestaat, is er volgens standaard Europese rechtspraak al sprake van een ‘samenhangende vordering’ in de zin van artikel 30 Brussel I bis-Verordening.

In de zaak die in dit blog wordt besproken hadden (juridische) kosten uitgespaard kunnen worden. Brave Bulk Transport had namelijk bij de Engelse rechter het verzoek kunnen doen de vordering aan te houden tot dat de Griekse rechter over de vordering ten aanzien van Leventis en Vafeias zou hebben geoordeeld. Daarmee was voorkomen dat partijen gelijktijdig in beide landen zouden moeten procederen.