De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Spoedwet afschaffing vrije artsenkeuze: de logica ontbreekt

Spoedwet afschaffing vrije artsenkeuze: de logica ontbreekt

Het kabinet wil de vergoedingen voor ongecontracteerde zorgaanbieders kunnen verlagen en heeft daarvoor een 'Wetsvoorstel bevorderen contracteren' in voorbereiding. Dat wetsvoorstel moet nog naar de Tweede Kamer. Het staat inmiddels op een lijst spoedeisende wetsvoorstellen die het kabinet vanwege de coronacrisis heeft opgesteld. Het gevaar dreigt dat dit wetsvoorstel het slachtoffer wordt van het adagium 'haastige spoed is zelden goed'. Het is hopen op een kritisch parlement.
Auteur artikelKoen Mous
Gepubliceerd14 mei 2020
Laatst gewijzigd12 augustus 2020
Leestijd 

Het kabinet wil de vergoedingen voor ongecontracteerde zorgaanbieders kunnen verlagen en heeft daarvoor een 'Wetsvoorstel bevorderen contracteren' in voorbereiding. Dat wetsvoorstel moet nog naar de Tweede Kamer. Het staat inmiddels op een lijst spoedeisende wetsvoorstellen die het kabinet vanwege de coronacrisis heeft opgesteld. Het gevaar dreigt dat dit wetsvoorstel het slachtoffer wordt van het adagium 'haastige spoed is zelden goed'. Het is hopen op een kritisch parlement.

De hele gedachte achter dit voorstel is dat uit twee onderzoeken gebleken zou zijn dat ongecontracteerde aanbieders in de GGZ en wijkverpleging relatief duurder zijn. Zij krijgen echter maar 75% van de tarieven die gecontracteerde aanbieders krijgen. Hoe kan het dan dat de Minister denkt dat zij duurder zijn? Welnu: de gedachte is kennelijk (gebaseerd op de genoemde twee onderzoeken waar overigens bijzonder veel op aan te merken valt, maar dat laat ik verder onbesproken) dat er (in de GGZ en wijkverpleging) zorgaanbieders zijn die teveel zorg verlenen (en als je het aantal uren maar vergroot word je uiteindelijk toch duurder dan de gecontracteerde aanbieder). Als dit inderdaad het geval blijkt te zijn, is het natuurlijk onzinnig om de vergoeding voor ongecontracteerde zorg voor alle aanbieders (al dan niet in bepaalde segmenten), dus de doelmatige en de ondoelmatige, omlaag te brengen. De enige logische reactie hierop zou zijn om zorgverzekeraars onderzoek te laten doen naar ongecontracteerde zorgaanbieders die daadwerkelijk teveel (dus: ondoelmatig) zorg verlenen. Daartoe bestaan ook nu al middelen: materiële controles.

Mijn voorspelling is overigens dat slechts in enkele gevallen sprake zal blijken te zijn van daadwerkelijk ondoelmatige zorgverlening (en dan moet uiteraard ingegrepen worden). Als blijkt dat in het ongecontracteerde segment relatief langere (en dus duurdere) trajecten worden doorlopen (dus: meer zorg wordt verleend) dan zal dat lang niet altijd duiden op ondoelmatige zorgverlening. In veel gevallen zal dit waarschijnlijk (vooral) het directe gevolg zijn van het contracteerbeleid van (nota bene) de zorgverzekeraars zelf. De duimschroeven van gecontracteerde aanbieders worden in contracten inmiddels zodanig aangedraaid dat (a) gecontracteerde aanbieders in de GGZ en wijkverpleging niet (altijd) meer in staat zijn om zorg te verlenen die passend is bij de gezondheidstoestand van de patiënt omdat zij contractueel verplicht zijn per patiënt een maximum kostenbedrag aan te houden of een maximum aantal uren zorg te verlenen (terwijl de niet-gecontracteerde aanbieder daartoe niet verplicht is en dus gewoon zorg kan verlenen die medisch gezien passend is) en (b) de complexere patiënten (die langere trajecten nodig hebben en dus duurder zijn) daarom niet altijd terecht kunnen bij gecontracteerde aanbieders. Zo hebben gecontracteerde zorgaanbieders vaak een 'gemiddelde prijs per patiënt' afgesproken die niet mag worden overschreden (op straffe van terugbetaling). Een complexere (duurdere) patiënt drijft deze 'gemiddelde prijs' op, waardoor een gecontracteerde aanbieders soms 'nee' moet verkopen en/of wachtlijsten moet hanteren. Deze duurdere patiënten vinden dan hun weg naar niet-gecontracteerde aanbieders, resulterend in hogere kosten per individuele patiënt). Van ondoelmatige zorgverlening is dan helemaal geen sprake.

Kortom: het zou goed zijn om éérst onderzoek te doen naar het contracteerbeleid van zorgverzekeraars (en het effect daarvan) alvorens dit soort paardenmiddelen in te zetten. De zorgwereld is véél complexer dan wat de Minister kennelijk voorgespiegeld wordt.