De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Toestemming echtgenote nodig als aandelen zijn gecertificeerd?

Toestemming echtgenote nodig als aandelen zijn gecertificeerd?

Artikel 1:88 BW bepaalt dat een echtgenoot de toestemming van de andere echtgenoot moet hebben voor het aangaan van overeenkomsten die ertoe strekken dat hij zich, anders dan in de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf, als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt, of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. Als die toestemming er niet is, kan de andere echtgenoot de rechtshandeling vernietigen.Deze toestemming is echter n...
Leestijd 
Auteur artikel Marèl Baak
Gepubliceerd 29 oktober 2010
Laatst gewijzigd 16 april 2018
 
Artikel 1:88 BW bepaalt dat een echtgenoot de toestemming van de andere echtgenoot moet hebben voor het aangaan van overeenkomsten die ertoe strekken dat hij zich, anders dan in de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf, als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt, of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. Als die toestemming er niet is, kan de andere echtgenoot de rechtshandeling vernietigen.

Deze toestemming is echter niet vereist (lid 5 van dit artikel) indien de rechtshandeling wordt verricht door een bestuurder van een NV of BV , die daarvan alleen of met zijn mede-bestuurders de meerderheid van de aandelen houdt en mits de rechtshandeling geschiedt ten behoeve  van de normale uitoefening van het bedrijf van die vennootschap.

De vraag is aan de orde of de uitzondering van lid 5 (geen toestemming echtgenote vereist) kan gelden indien de aandelen in een vennootschap zijn gecertificeerd, dat wil zeggen ten titel van beheer zijn overgedragen aan een stichting die daarvoor certificaten van aandelen heeft uitgegeven.
Naar de letter van de wet wordt immers niet voldaan aan de uitzonderingssituatie, aangezien de handelend echtgenoot geen aandelen houdt, maar certificaten van aandelen.

De Hoge Raad heeft op 8 oktober 2010 bepaald dat beoordeeld moet worden of in een voorkomend geval de handelend echtgenoot zo nauw is verbonden met de onderneming dat hij in de praktijk als ondernemer kan gelden, doordat hij de zeggenschap uitoefent en financieel belang heeft bij de resultaten van de betreffende vennootschap. Indien de echtgenoot op het moment dat hij de rechtshandeling aangaat (enig) bestuurder van de vennootschap én van de stichting is, en ook nog  certificaathouder, is voldaan aan de uitzondering van artikel 1:88 lid 5. Er kan dan geen beroep worden gedaan op vernietiging van de betreffende rechtshandeling wegens het ontbreken van de toestemming van de echtgenoot. Deze toestemming was immers niet vereist.