Aanvullingen op het Belastingplan 2022

4 oktober 2021

De algemene politieke beschouwingen naar aanleiding van het Belastingplan 2022 hebben geleid tot een uitspraak van minister-president Mark Rutte over het toptarief in de vennootschapsbelasting en een aantal fiscale toezeggingen aan de Tweede Kamer door staatssecretaris van Financiën Vijlbrief naar aanleiding van ingediende moties. Het betreft onder andere aangekondigde maatregelen op het vlak van de renteaftrek (EBITDA-regel) en het behalen van fiscale voordelen bij een spreiding van activiteiten over meerdere vennootschappen.

Cuno Wittrock
Cuno Wittrock
Fiscalist - Managing Partner
In dit artikel

De volgende maatregelen zijn aangekondigd

 

Verhoging toptarief in de vennootschapsbelasting

Het (demissionaire) kabinet heeft aangegeven de zorgsalarissen te willen verhogen. In de algemene politieke beschouwingen heeft (demissionair) minister-president Rutte aangegeven dit te willen financieren uit een verhoging van het toptarief in de vennootschapsbelasting van 25% naar 25,8%.

Aftrekbaarheid van rente (EBITDA-regel) verder beperkt

Op grond van de generieke renteaftrekbeperking mag sinds 1 januari 2019 slechts maximaal 30% van de EBITDA (dit is kortgezegd de winst voor afschrijvingen, afwaarderingen en renten) van een vennootschapsbelastingplichtige als rente in aftrek komen op de fiscale winst van die belastingplichtige. Er zal een Nota van wijziging op het Belastingplan 2022 worden ingediend om dit percentage te verlagen van 30% naar 20% van de fiscale EBITDA.

Het (demissionaire) kabinet wenst eigen en vreemd vermogen fiscaal meer gelijk te behandelen. In dat kader wordt (ook op Europees niveau) gekeken naar de mogelijkheid en wenselijkheid om een fiscale vermogensaftrek in te voeren. Dit kan worden vormgegeven door het invoeren van een vermogensaftrek of door het verder beperken van de aftrekbaarheid van rente. Voorlopig is voor het laatste gekozen.

Tegengaan van "fiscaal gemotiveerde constructies"

De staatssecretaris heeft in zijn brief van 1 oktober 2021 aan de Tweede Kamer aangegeven dat hij de fiscale prikkel om activiteiten te spreiden over meerdere vennootschappen met als doel daarmee fiscale voordelen te behalen, in beschouwing gaat nemen. De fiscaal gemotiveerde constructies die door de staatssecretaris in zijn brief worden genoemd zijn onder andere:

a) Ontwijking van de generieke renteaftrekbeperking

Op grond van de generieke renteaftrekbeperking (zie hiervoor) mag een belastingplichtige minimaal €1.000.000 aan de in een jaar te betalen rente in aftrek brengen. Door activiteiten te verdelen over meerdere vennootschappen buiten een fiscale eenheid, kan zodoende meermaals gebruik worden gemaakt van de drempel van € 1.000.000. Wellicht komt er een maatregel waarbij de aftrekdrempel wordt verlaagd of slechts eenmaal op een bepaald niveau binnen een groep van vennootschappen mag worden toegepast.

b) Opstaptarief in de vennootschapsbelasting

Vanaf 1 januari 2022 zijn winsten tot € 395.000 belast tegen het lage vennootschapsbelastingtarief van 15%, terwijl winsten daarboven onderworpen zijn aan het hoge tarief (zie hiervoor). Door de spreiding van activiteiten over meerdere vennootschappen buiten een fiscale eenheid kan meermaals van het lage vennootschapsbelastingtarief gebruik worden gemaakt. Hierover hebben wij eerder een blog geschreven. Wellicht komt er een maatregel waarbij het tariefopstapje slechts eenmaal op een bepaald niveau binnen een groep van vennootschappen mag worden toegepast.

Wetsvoorstel excessief lenen bij de eigen vennootschap

Bij de Tweede Kamer is het wetsvoorstel "Excessief lenen bij de eigen vennootschap" reeds ingediend. Op grond van dit wetsvoorstel worden de leningen van een aanmerkelijkbelanghouder aan zijn eigen vennootschap aangemerkt als een (fictief) voordeel die belast is in box 2 (26,9%), voor zover die leningen € 500.000 overtreffen. Het is de bedoeling dat dit wetsvoorstel per 1 januari 2023 inwerking treedt. In een brief van de staatssecretaris van 1 oktober 2021 is verzocht het wetsvoorstel voorlopig aan te houden. Dit houdt verband met mogelijke wijzigingen in de belastingheffing van box 3, die men in samenhang met dit wetsvoorstel wil beoordelen.

Slotopmerkingen

Houdt u onze blogs in de gaten voor de verdere ontwikkelingen omtrent bovenstaande toezeggingen en wijzigingen.

Voor vragen of opmerkingen kunt u vanzelfsprekend contact opnemen met een van onze fiscalisten.

Gerelateerd

Aanvullende fiscale voorstellen na Prinsjesdag 2026

Op 29 september 2026 heeft het kabinet aanvullende fiscale voorstellen aangekondigd. De voorstellen betreffen wijzigingen in de inkomstenbelasting, waaronder...

Zzp'er in de zorg wél mogelijk, ondanks hetzelfde werk als werknemers

Sinds het handhavingsmoratorium in 2025 is opgeheven, heeft u ongetwijfeld veel berichten voorbij zien komen over de opstelling van de Belastingdienst ten...

Hoge Raad bevestigt dat latente verliezen onder artikel 20a vallen

Op 11 september 2026 heeft de Hoge Raad een belangrijke uitspraak gedaan over de toepassing van artikel 20a Wet Vpb 1969. Eerder schreven wij een kennisartikel...

Belastingplan 2027: de belangrijkste maatregelen van Prinsjesdag 2026

Op Prinsjesdag, dinsdag 15 september 2026, heeft het kabinet het Belastingplan 2027 gepresenteerd. Welke maatregelen raken uw onderneming, uw vermogen of uw...

Enkele btw-registratie onder ViDA: wat verandert er vanaf 2027?

Zoals in ons eerdere kennisartikel uitgelegd bestaat ViDA uit drie pijlers: elektronisch factureren en digitale rapportage, de digitale platformeconomie en de...

ViDA: welke btw-regels veranderen en wanneer?

Met het pakket ‘btw in het digitale tijdperk’, beter bekend als ViDA (VAT in the Digital Age), moderniseert de EU het btw-stelsel voor grensoverschrijdende...
No posts found