De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Beoordelingssystematiek mag subjectief

Beoordelingssystematiek mag subjectief

Recent hebben zowel de Arnhemse kort gedingrechter als de Commissie van Aanbestedingsexperts duidelijk gemaakt dat subjectiviteit in een beoordelingssystematiek is toegestaan, mits voldaan is aan bepaalde (objectieve) randvoorwaarden.
Auteur artikel Tony van Wijk
Gepubliceerd 20 november 2020
Laatst gewijzigd 23 november 2020
Leestijd 

Uitgangspunt: transparant en objectief

In artikel 1.9 Aw 2012 is bepaald dat een aanbestedende dienst transparant moet handelen. Met betrekking tot kwalitatieve gunningscriteria is deze transparantieverplichting in de rechtspraak als volgt geconcretiseerd. Van belang is dat (i) zodanige criteria worden geformuleerd dat het voor een inschrijver volstrekt duidelijk is aan welke kwaliteitseisen hij moet voldoen, (ii) de inschrijvingen aan de hand van een zo objectief mogelijk systeem worden beoordeeld en (iii) de aanbestedende dienst zijn uiteindelijke keuze motiveert op een wijze die het voor de afgewezen inschrijvers mogelijk maakt om (a) de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen en (b) te controleren of de beoordeling de (voorlopige) gunningsbeslissing rechtvaardigt. Een aanbestedende dienst is gehouden om de inschrijving overeenkomstig de door hem gestelde eisen te beoordelen en mag geen afwegingsregels of subcriteria toepassen die hij niet vooraf ter kennis van de inschrijvers heeft gebracht (dan wel niet hadden mogen verwacht), omdat anders in strijd met de beginselen van gelijke behandeling en transparantie zou worden gehandeld.

Subjectiviteit toegestaan 

In een vonnis van 12 november 2020 overweegt de kort gedingrechter van de rechtbank Arnhem dat als aanbestedingsrechtelijk uitgangspunt heeft te gelden dat gunningscriteria transparant en objectief behoren te zijn. Dit laat echter onverlet dat een aanbestedende dienst de vrijheid heeft om gunningscriteria in enigszins algemene zin te formuleren. Door de aard van deze algemene gunningscriteria heeft de beoordelingscommissie een grote mate van beoordelingsvrijheid, en een dergelijke opzet laat de ruimte voor enige subjectiviteit in de beoordeling.

Ook de Commissie van Aanbestedingsexperts komt in een recentelijk gepubliceerd advies tot het oordeel dat een beoordelingssystematiek die veel ruimte laat voor subjectiviteit is toegestaan, mits de toepassing daarvan zoveel mogelijk wordt geobjectiveerd. In het kader van de objectiviteit zijn een aantal punten van groot belang:

  • De inschrijvingen op de kwalitatieve gunningscriteria worden beoordeeld door meerdere beoordelaars.
  • De beoordelingssystematiek wordt op gelijke wijze toegepast op alle inschrijvingen.
  • De aanbestedende dienst dient zijn uiteindelijke beslissing te motiveren op een wijze die het voor de afgewezen inschrijvers mogelijk maakt om (a) de wijze waarop de beoordeling heeft plaatsgevonden te toetsen en (b) te controleren of de beoordeling de (voorlopige) gunningsbeslissing rechtvaardigt.

Hoge eisen aan motivering gunningsbeslissing

Bij een beoordelingssystematiek, waarin vooraf niet concreet is aangegeven hoe een inschrijving een bepaalde score kan behalen (dus veel ruimte voor subjectiviteit), dient de gunningsbeslissing aan een afgewezen inschrijver duidelijk te maken welke door de winnende inschrijver voorgestelde oplossingen uiteindelijk een betere score hebben opgeleverd dan door de afgewezen inschrijver voorgestelde oplossingen én waarom dat zo is.