De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. De drankkeet en de horecavergunning.

De drankkeet en de horecavergunning.

De Raad van State deed op 10 november jl. uitspraak over een drankkeet, waarbij de bezoekers als vaste vriendengroep bijeen komen.  Bij toerbeurt zorgen zij voor de drank. Er wordt niet per geconsumeerde drank afgerekend.  B & W oordeelden terecht dat er dus geen sprake was van het verstrekken van alcoholhoudende drank als bedoeld in de Drank-en Horecawet. Het gemeentebestuur van Zwartewaterland heeft terecht afgezien van het treffen van maatregelen tegen 'Keet de Blokhut'. Dat heeft de A...
Leestijd 
Auteur artikel Maarten Baneke (uit dienst)
Gepubliceerd11 november 2010
Laatst gewijzigd16 april 2018
 
De Raad van State deed op 10 november jl. uitspraak over een drankkeet, waarbij de bezoekers als vaste vriendengroep bijeen komen.  Bij toerbeurt zorgen zij voor de drank. Er wordt niet per geconsumeerde drank afgerekend.  B & W oordeelden terecht dat er dus geen sprake was van het verstrekken van alcoholhoudende drank als bedoeld in de Drank-en Horecawet.
Het gemeentebestuur van Zwartewaterland heeft terecht afgezien van het treffen van maatregelen tegen 'Keet de Blokhut'. Dat heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in een uitspraak van 10 november (Nr 201004854/1)  bepaald. De plaatselijke afdeling van Koninklijk Horeca Nederland (KHN) had aan B & W verzocht om op te treden tegen de keet, omdat sprake zou zijn van een café waarvoor een drank- en horecawetvergunning nodig is, waarover de keet niet beschikt.
De Raad van State vindt dat drankkeet geen café is, 'gelet op de feiten en omstandigheden in dit concrete geval, bezien in onderling verband', zodat daarvoor ook geen vergunning op grond van de Drank- en Horecawet nodig is. Daarbij heeft de Raad van State het van belang geacht dat het hier gaat om een besloten drankkeet waar een vaste vriendengroep op zaterdagavond bijeen komt. De consumpties worden op basis van een 'gentleman's agreement' per toerbeurt door twee vrienden verzorgd. Zij ontvangen daarvoor geen entreegeld of een bijdrage in de kosten van de boodschappen. Ook vindt geen enkele vorm van verrekening plaats, aldus de Raad van State. De rechtbank heeft in dit verband dan ook ten onrechte doorslaggevende betekenis toegekend aan de omstandigheid dat de jongeren een keer de boodschappen zouden moeten verzorgen, willen zij op andere avonden vrij kunnen drinken.
De rechtbank Zwolle-Lelystad stelde in een eerdere uitspraak van april 2010 KHN in het gelijk en oordeelde dat de keet op grond van de Drank- en Horecawet wel een vergunning nodig heeft. De jongeren zouden voor de consumpties betalen, omdat zij op een bepaald moment toch een keer de boodschappen moeten verzorgen om op andere avonden vrij te kunnen drinken, aldus de rechtbank. Tegen die uitspraak was het gemeentebestuur in hoger beroep gekomen bij de Raad van State.
Deze uitspraak betekent niet dat drankketen in Nederland nu geen horecavergunningen meer nodig hebben. Voor elke keet zal van geval tot geval moeten worden beoordeeld of sprake is van een café of dat het gaat om een zogenoemde “verlengde huiskamer”.

Vermeldenswaard is, dat de plaatselijke afdeling van KHN als belanghebbende ontvankelijk werd verklaard.  Zij behartigde met het verzoek om handhaving een collectief belang van haar leden, aldus de Raad van State.

Meer informatie over dit onderwerp kan worden verkregen bij Mr M.R.J. Baneke