Zoeken
  1. Het is niet aan een notaris om de rechtmatigheid van een vonnis te betwisten

Het is niet aan een notaris om de rechtmatigheid van een vonnis te betwisten

X is door de kantonrechter bij vonnis veroordeeld tot betaling van achterstallige huurpenningen aan Y, welk vonnis uitvoerbaar bij voorraad is verklaard. Notaris N heeft vervolgens in opdracht van Y zijn medewerking verleend aan de voorgenomen executie van voornoemd vonnis door voorbereidingen te treffen tot openbare verkoop van de woning van X. De veiling die stond gepland, heeft niet plaatsgevonden. Het vonnis is in hoger beroep vernietigd. Thans is N door X aansprakelijk gesteld. X heeft g...
Artikel | 11 oktober 2013 | Ruben Berentsen
X is door de kantonrechter bij vonnis veroordeeld tot betaling van achterstallige huurpenningen aan Y, welk vonnis uitvoerbaar bij voorraad is verklaard. Notaris N heeft vervolgens in opdracht van Y zijn medewerking verleend aan de voorgenomen executie van voornoemd vonnis door voorbereidingen te treffen tot openbare verkoop van de woning van X. De veiling die stond gepland, heeft niet plaatsgevonden. Het vonnis is in hoger beroep vernietigd. Thans is N door X aansprakelijk gesteld. X heeft gesteld dat N onrechtmatig heeft gehandeld door de opdracht tot veiling aan te nemen.Volgens X had het N aanstonds en zonder diepgaand onderzoek duidelijk moeten zijn dat het vonnis van de kantonrechter niet executabel was.

De kantonrechter heeft de vordering van X afgewezen en in verband hiermee het volgende overwogen. Artikel 21 Wna meldt dat de notaris verplicht is hem bij of krachtens de wet opgedragen of door een partij verlangde werkzaamheden te verrichten, maar de notaris moet zijn diensten weigeren wanneer de handeling in strijd is met het recht of de openbare orde; wanneer zijn medewerking wordt verlangd bij handelingen die kennelijk een ongeoorloofd doel of gevolg hebben, of wanneer de notaris een ongegronde reden heeft voor dienstweigering. In beginsel moet de notaris zijn ministerie verlenen indien hij een opdracht van een partij krijgt maar hij dient deze opdracht ook als zelfstandig openbaar ambtenaar zorgvuldig te beoordelen, waarbij van hem een kritische houding wordt verwacht. De notaris heeft met belangen van de opdrachtgever èn de wederpartij te maken. De notaris heeft immers een eigen verantwoordelijkheid in die zin dat marginaal moet worden getoetst of voor zijn aan te nemen opdracht voldoende grond bestaat en dat betekent in dit geval niet dat het aan de notaris is om de rechtmatigheid van een vonnis ter discussie te stellen. De rechtmatigheid staat vast totdat een hogere rechter, dan wel dezelfde rechter na verzet, anders heeft beslist.

Ondanks het hoger beroep dat X had ingesteld, diende N uit te gaan van de juistheid van het vonnis van de kantonrechter zolang daarop nog niet was beslist. Hieruit volgt dat N ervan uit diende te gaan dat X aan Y een bedrag was verschuldigd. De door X aangevoerde argumenten, te weten dat het vonnis feitelijke en juridische misslagen zou bevatten en de verkoop van de woning voor X een noodtoestand zou opleveren, leveren geen omstandigheden op waardoor N zijn verplichting tot uitvoering van de opdracht tot openbare verkoop moest weigeren. De aangevoerde bezwaren betreffen weliswaar gronden om de tenuitvoerlegging van het vonnis te schorsen, maar dat is voorbehouden aan een hogere rechter en staat niet ter beoordeling aan de notaris.

Nu X niet vrijwillig aan het vonnis van de kantonrechter wilde voldoen, was de aankondiging van deN openbare verkoop van het huis van X waarop reeds executoriaal beslag lag, een logische volgende stap. In het kader van de ministerieplicht is N na daartoe strekkende opdracht terecht overgegaan tot het treffen van voorbereidingen ten behoeve van de veiling.

Door: Anita van Wijk / Hanneke Meeuwissen / Ruben Berentsen

Bronvermelding: Notamail 10 oktober 2013, Rb. Overijssel (team kanton) 24 september 2013, nr 426944 CV EXPL 13-72