Zoeken
  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Onteigening Spooromgeving Geldermalsen: werkterrein of terreinwerk?

Onteigening Spooromgeving Geldermalsen: werkterrein of terreinwerk?

Het KB Spooromgeving Geldermalsen maakt duidelijk dat geen sprake is van een werkterrein als ter plaatse werken worden uitgevoerd. Ook komen in dit KB de positie van de Staatssecretaris en ProRail aan de orde.
Auteur artikelHanna Zeilmaker
Gepubliceerd10 oktober 2019
Laatst gewijzigd10 oktober 2019
Leestijd 

ProRail B.V. verzoekt om gronden ter onteigening aan te wijzen om het project Spooromgeving Geldermalsen mogelijk te maken. Meerdere eigenaren hebben een zienswijze ingediend.

Tijdelijk benodigd werkterrein of permanent benodigd terreinwerk
De betrokken eigenaar betoogde dat uit de situatietekening blijkt dat er een strook van zijn grond in de onteigening is betrokken aan de rivierzijde van de tunneltoegang. Uit het dwarsprofiel blijkt niet dat deze strook nodig is om de beoogde kerende wand te plaatsen. Kennelijk is er sprake van een werkstrook. Er is door ProRail geen daarop toegesneden afzonderlijk minnelijk aanbod gedaan. Dat is in strijd is met het bepaalde in de Handreiking Administratieve onteigeningsprocedure (hierna: de Handreiking).

De Kroon stelt vast dat uit ter plaatse van dwarsprofiel 4b een tunneltoegang wordt gerealiseerd. Aan de rivierzijde wordt er een grond kerende constructie aangebracht. Op dwarsprofiel 4b is gekozen voor een grijze lijn tussen de constructie en de onteigeningsgrens, waar de grond aan de rivierzijde van deze grond kerende constructie na de realisatie overeenkomt met het bestaande profiel en daarom niet permanent benodigd is. De gronden die wel permanent nodig zijn om het nieuwe profiel te realiseren, zijn met een zwarte lijn weergegeven. Uit de situatietekening blijkt echter dat er wel nieuw werk op deze “grijze” grond gerealiseerd wordt, en uit de grondtekening blijkt dat ProRail vraagt de “grijze” grond ter onteigening aan te wijzen.
Uit het onderzoek door de Kroon blijkt vervolgens dat de bewuste “grijze” grond permanent benodigd is om het beoogde werk te realiseren. De strook grond is namelijk nodig voor de aanleg van verharding naast de grondkerende constructie. De verharding zorgt voor de aansluiting van de grondkerende constructie op maaiveld. Ook is de verharding nodig om bij de grondkerende constructie te kunnen komen als er ter plaatse onderhoudswerkzaamheden verricht moeten worden. ProRail heeft desgevraagd kenbaar gemaakt dat de lijn aan de rivierzijde van de grond kerende constructie in het dwarsprofiel zwart had moeten zijn en dat er sprake is van een kennelijke verschrijving. De Kroon oordeelt dat de eigenaar door deze verschrijving niet in haar belangen is geschaad.

Commentaar: Uit dit KB blijkt duidelijk dat gronden waarop werken worden gerealiseerd niet kunnen worden aangemerkt als tijdelijk benodigd werkterrein. Zodra werken, zoals verharding, worden uitgevoerd is sprake van permanent benodigde grond. Een werkterrein is tijdelijk benodigd voor bijv. manoeuvreerruimte of tijdelijke opslag. Er worden dus geen werken op het werkterrein uitgevoerd. Na de uitvoering van het werk wordt het werkterrein weer in de oude staat (bijv. grasland) opgeleverd. In de praktijk zijn ook de permanent te onteigenen gronden werkterrein, immers daarop wordt het werk uitgevoerd. Werkterreinen in de zin van de Handreiking zijn gronden die nodig zijn om op ándere (naastgelegen) gronden een werk uit te voeren.

Positie Staatssecretaris
De eigenaren voerden verder aan dat het onbestaanbaar is dat de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat het onteigeningsbesluit mag nemen en dat de oordeelsvorming slechts eenzijdig is gevoed. Kennelijk doelen de eigenaren erop dat de Staatssecretaris althans de Minister ook verantwoordelijk is voor het Tracébesluit waartegen de eigenaren beroep hebben ingesteld. De Kroon verwerpt dit betoog. ProRail heeft ingevolge artikel 72a van de onteigeningswet een verzoek ingediend bij de Kroon om een koninklijk besluit te bevorderen en hiertoe de administratieve onteigeningsprocedure te starten. De Kroon is dan ook het bevoegd gezag om een koninklijk besluit te nemen; niet de Staatssecretaris. De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat is op grond van de onteigeningswet verantwoordelijk voor afhandeling van de administratieve onteigeningsprocedure. De Staatssecretaris heeft de voorbereiding van het koninklijk besluit ondergebracht bij de Corporate Dienst van Rijkswaterstaat. De argumenten tegen het Tracébesluit zijn behandeld in de beroepsprocedure op grond van de Wro. De Kroon ziet dan ook geen reden om te oordelen dat de oordeelsvorming hiermee eenzijdig is gevoed.

Bevoegdheid ProRail; randweg rechtstreeks voortvloeiende voorziening
Een van de eigenaren voerde aan dat ProRail B.V. niet bevoegd is tot het doen van een verzoek om onteigening voor zover dat betrekking heeft op haar gronden, die benodigd zijn voor de aanleg van de randweg. De Kroon volgt de eigenaar daarin niet. ProRail B.V. kan een verzoek indienen op grond van titel IIa van de onteigeningswet, mits wordt voldaan aan de voorwaarden van het in die titel neergelegde artikel 72a van de onteigeningswet en de voorgenomen onteigening in het algemeen belang is. Artikel 72a bepaalt dat onder andere kan worden onteigend voor de aanleg en verbetering van spoorwegen en de rechtstreeks daaruit voortvloeiende bijkomende voorzieningen. Als onderdeel van de verbeteringen van het spoor worden twee bestaande gelijkvloerse spoorovergangen vervangen door onderdoorgangen. Als gevolg van de hoogtebeperking van de onderdoorgangen is het nodig de verkeersstructuur ter plaatse aan te passen. Daarbij is er gekozen voor de aanleg van een randweg. De aanleg van deze randweg, waar de onroerende zaken van deze eigenaar voor benodigd zijn, is onlosmakelijk verbonden met de verbetering van de spoorweg. ProRail B.V. was daarom bevoegd tot het indienen van een onteigeningsverzoek om het te realiseren werk conform het tracébesluit te kunnen uitvoeren.

Wilt u meer weten over onteigening? Neemt u contact op met Hanna Zeilmaker, zeilmaker@dirkzwager.nl of Joske Hagelaars, hagelaars@dirkzwager.nl; de onteigeningsadvocaten van Dirkzwager!