Zoeken
  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Plaatsgebonden karakter woonboot doorslaggevend (1)

Plaatsgebonden karakter woonboot doorslaggevend

In een uitspraak van 16 april 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:1331) merkt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) een woonboot aan als “bouwwerk”. Waar voorheen nog de mogelijkheid om eenvoudig af te koppelen en de eventuele verbinding met de kade cruciaal waren voor deze kwalificatie kwam in deze zaak aan de omstandigheid dat de boot al geruime tijd op de dezelfde plek lag een doorslaggevende betekenis toe. Als gevolg van deze uitspraak zullen er naar verwachting veel woonboten...
Auteur artikelJasper Molenaar
Gepubliceerd04 juni 2015
Laatst gewijzigd16 april 2018
Leestijd 
In een uitspraak van 16 april 2014 (ECLI:NL:RVS:2014:1331) merkt de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) een woonboot aan als “bouwwerk”. Waar voorheen nog de mogelijkheid om eenvoudig af te koppelen en de eventuele verbinding met de kade cruciaal waren voor deze kwalificatie kwam in deze zaak aan de omstandigheid dat de boot al geruime tijd op de dezelfde plek lag een doorslaggevende betekenis toe. Als gevolg van deze uitspraak zullen er naar verwachting veel woonboten binnen de reikwijdte van het begrip “bouwwerk” vallen en kan voor het (ver)bouwen en gebruiken daarvan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) een omgevingsvergunning zijn vereist.

Wabo

Op grond van artikel 2.1 lid 1 onder a Wabo is het verboden om een bouwwerk zonder omgevingsvergunning te (ver)bouwen, te gebruiken in strijd met het bestemmingsplan of in stand te laten. Omdat het begrip bouwwerk in de Wabo niet wordt omschreven wordt daarvoor aangesloten bij het begrip "bouwwerk" zoals dat onder de Woningwet werd aangeduid. Zoals de ABRvS eerder heeft overwogen (uitspraak van 17 juli 2013 in zaak nr. 201300743/1/A1), kan voor de uitleg van het begrip bouwwerk ook bij toepassing van de Wabo aansluiting worden gezocht bij de modelbouwverordening. Deze luidt: "elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren".

Voor de kwalificatie van een woonboot komt het met name aan op de criteria dat deze “direct of indirect met de grond is verbonden” en bedoeld is om “ter plekke te functioneren”. De woonboot was aan de kade verbonden met twee stalen kabels. Ook waren er verbindingen aanwezig ten behoeve van nutsvoorzieningen. De ABRvS acht voor de kwalificatie niet bepalend hoe de verbondenheid fysiek is vormgegeven, maar oordeelt dat doorslaggevend is of de woonboot bedoeld is om ter plaatse als woning te functioneren. Dat is het geval. De woonboot kon namelijk niet zelfstandig kon varen en lag sinds 1954 vrijwel onafgebroken op dezelfde plaats lag. Dat de woonboot binnen vijftien minuten kon worden losgekoppeld en relatief eenvoudig was te verplaatsen doet daaraan niet af.

Gevolgen praktijk

De uitspraak heeft tot gevolg dat voor het (ver)bouwen en gebruiken van woonboten waarschijnlijk sneller een omgevingsvergunning nodig is. Op korte termijn kan dit gevolgen hebben voor bestemmingsplannen. De gebruiks- en bouwregels zijn hier mogelijk niet op afgestemd. Ook zal een woonboot mogelijk moeten voldoen aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012. Veel bestaande woonboten zullen daarom strikt genomen flink moeten worden verbouwd. In het verlengde hiervan zijn gemeenten ‘in beginsel’ verplicht om tegen overtredingen van de Wabo op te treden. Ook het handhavingsbeleid zal daarom mogelijk moeten worden aangepast. Voor meer informatie over de vergunningsplicht van woonboten en de samenhangende implicaties  met het bestemmingsplan en beleid kunt u contact opnemen met Jasper Molenaar, advocaat op de sectie Overheid & Vastgoed.