De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Planschade gemeente Utrecht: verhoging schadevergoeding tijdens beroepsprocedure; nadelige gevolgen van de leefwijze van bewoners geen planschade

Planschade gemeente Utrecht: verhoging schadevergoeding tijdens beroepsprocedure; nadelige gevolgen van de leefwijze van bewoners geen planschade

Hangende de beroepsprocedures over de hoogte van de vergoeding van planschade heeft de raad, met herroeping van zijn eerdere besluiten, op basis van adviezen van een onafhankelijk deskundige, aan verzoekers een hogere planschadevergoeding toegekend. Inzet van het hoger beroep was zowel de gevolgde procedure als de planvergelijking en de diverse schadeaspecten. Voorafgaande aan het nieuwe besluit hangende het beroep heeft de gemeenteraad de verzoekers om planschade en ProRail als belanghebbend...
Leestijd 
Auteur artikel Hanna Zeilmaker
Gepubliceerd 03 november 2010
Laatst gewijzigd 16 april 2018
 
Hangende de beroepsprocedures over de hoogte van de vergoeding van planschade heeft de raad, met herroeping van zijn eerdere besluiten, op basis van adviezen van een onafhankelijk deskundige, aan verzoekers een hogere planschadevergoeding toegekend. Inzet van het hoger beroep was zowel de gevolgde procedure als de planvergelijking en de diverse schadeaspecten.

Voorafgaande aan het nieuwe besluit hangende het beroep heeft de gemeenteraad de verzoekers om planschade en ProRail als belanghebbenden niet gehoord, met als argument dat art. 7:9 Awb in de beroepsfase niet van toepassing is en dat het slechts een aanvulling op het eerder ingediende verweerschrift betrof.
In zijn uitspraak van 27 oktober 2010 (LJN: BO1826) oordeelt de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat de ingewonnen adviezen van aanmerkelijk belang zijn en dat verzoekers en ProRail in de gelegenheid hadden moeten worden gesteld op de adviezen te reageren. De Afdeling concludeert dan ook dat de rechtbank terecht heeft overwogen dat de nieuwe beslissing op bezwaar tot stand is gekomen in strijd met deze bepaling en op die grond niet in stand kan blijven.
In deze uitspraak overweegt de Afdeling (onder meer) dat de toename van zwerfvuil geen overlast is die inherent is aan het gebruik, zoals bijvoorbeeld verkeersbewegingen. Zwerfvuil is in beginsel geen ruimtelijk relevant gevolg van het planologische regime, maar is een gevolg is van de leefwijze en gedragingen van de bewoners van een gebied. Voor zover het ontstaan van zwerfvuil wel inherent is aan het gebruik van een station en spooronderdoorgangen, hebben verzoekers niet aannemelijk gemaakt dat een toename van het zwerfvuil nog invloed heeft op de omvang van het schadebedrag.
De Afdeling vernietigt het besluit, maar laat de rechtsgevolgen in stand.