Zoeken
  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Werkplan IGZ 2015

Werkplan IGZ 2015

Ieder jaar publiceert de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een werkplan waarin zij de doelen van de IGZ voor dat jaar concretiseert. Op 3 februari jl. is het Werkplan 2015 gepubliceerd, waaruit blijkt dat de focus van de IGZ steeds meer op de verantwoordelijkheden van het bestuur van zorginstellingen komt te liggen.In het Werkplan 2015 valt te lezen dat de IGZ haar doelen voor komend jaar heeft onderverdeeld in twee hoofdonderdelen, te weten: Werken aan gerechtvaardigd vertrouwen in vei...
Auteur artikelDirkzwager
Gepubliceerd25 februari 2015
Laatst gewijzigd16 april 2018
Leestijd 
Ieder jaar publiceert de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een werkplan waarin zij de doelen van de IGZ voor dat jaar concretiseert. Op 3 februari jl. is het Werkplan 2015 gepubliceerd, waaruit blijkt dat de focus van de IGZ steeds meer op de verantwoordelijkheden van het bestuur van zorginstellingen komt te liggen.

In het Werkplan 2015 valt te lezen dat de IGZ haar doelen voor komend jaar heeft onderverdeeld in twee hoofdonderdelen, te weten:

  • Werken aan gerechtvaardigd vertrouwen in veiligheid en kwaliteit van zorg. Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat zorgprofessionals adequaat behandelen, verzorgen en begeleiden en de fabrikant van geneesmiddelen of medische hulpmiddelen veilige producten levert. De inspectie ziet erop toe dat zorgaanbieders en fabrikanten deze verantwoordelijkheid nakomen.

  • Signaleren en adresseren van de grootste risico’s in de zorg. Hier benoemt de IGZ vijf prioriteiten, waarbij bijzondere aandacht wordt besteed aan de taken en verantwoordelijkheden van bestuurders. Dit artikel zal specifiek ingaan op de wijze waarop de IGZ in 2015 toezicht zal gaan houden op deze bestuurlijke verantwoordelijkheid.


Grote veranderingen in de zorgsector, waaronder de curatieve zorg (ziekenhuizen)
Met ingang van 1 januari 2015 heeft in een groot aantal ziekenhuizen een wijziging van het besturingsmodel plaatsgevonden, waarbij de verhouding tussen de medisch specialisten en de Raad van Bestuur van het ziekenhuis in veel gevallen anders is vorm gegeven, namelijk in de vorm van een samenwerkingsmodel tussen ziekenhuis en het medisch specialistisch bedrijf.

De IGZ verwacht dat de gewijzigde verhoudingen tussen de Raad van Bestuur, de Raad van Toezicht en de medisch specialisten binnen een ziekenhuis gevolgen kunnen hebben voor de besturing van het ziekenhuis. De Raad van Bestuur blijft echter, los van welk besturingsmodel is gekozen, de (wettelijke) eindverantwoordelijkheid voor de kwaliteit en veiligheid van de zorg houden. De IGZ zal toetsen of de Raad van Bestuur binnen het gekozen organisatiemodel en met de gemaakte afspraken, voldoende is uitgerust om deze verantwoordelijkheid waar te maken.

Daarnaast wijst de IGZ erop dat ze in de praktijk heeft bemerkt dat in een periode van grote organisatorische veranderingen de risico’s op blinde vlekken en fouten bij zorgaanbieders groter zijn. In een dergelijke periode is de aandacht meer naar binnen gericht, waardoor (tijdelijk) minder oog is voor de continuïteit en kwaliteit van de zorgverlening. Om deze reden is de IGZ voornemens om in haar risicotoezicht extra aandacht te besteden aan instellingen die ingrijpende organisatorische veranderingen doormaken, zoals een fusie, bestuurswissel, verhuizing of faillissement.

Bestuurlijke verantwoordelijkheid (governance)
De financiële en wettelijke kaders van de zorgverlening veranderen en op zorgaanbieders rust de taak om binnen deze kaders veilige en kwalitatief goede zorg te bieden. Dit vraagt, aldus de IGZ, om een aanscherping van de bestuurlijke rollen en verantwoordelijkheden en een professionele invulling daarvan door bestuurders. Hierbij dienen zij rekening te houden met patiënten, cliënten, medewerkers en andere belanghebbenden. De IGZ zal bestuurders van zorgorganisaties expliciet aanspreken op de manier waarop zij invulling geven aan hun bestuurlijke verantwoordelijkheden. Dit vereist stevig intern toezicht als een extra waarborg voor de continuïteit en kwaliteit van de zorgverlening.

De IGZ zal bij haar toezicht op de wijze waarop bestuurders hun verantwoordelijkheid nemen gebruik van maken van de volgende aanpak:

  1. Verbetering intern toezicht: De IGZ zal Raden van Bestuur en Raden van Toezicht actief en effectief aanspreken op het hebben van een adequaat systeem van intern toezicht. Het onderwerp ‘governance’ wordt breed op de agenda geplaatst van bestuurders, toezichthouders, koepels en verenigingen van professionals. De IGZ zal een normenkader opstellen om het toezicht op bestuurlijke verantwoordelijkheid objectiever te maken.

  2. Handhaving bij bestuurlijk onvermogen: Indien bestuurders hun bestuurlijke verantwoordelijkheid onvoldoende nemen, zal de IGZ handhavingsmaatregelen opleggen.

  3. Structurele voortzetting toezicht nieuwe zorgaanbieders: De IGZ zal contact opnemen met alle nieuwe zorgaanbieders binnen vier weken na de start van hun zorgverlening om te controleren of de nieuwe zorgaanbieder de eigen verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid voldoende heeft georganiseerd en of de aanbieder voldoende waarborgen heeft ingebouwd om risico’s tijdig te onderkennen.


Ook de doelen die de IGZ eind 2015 behaald wilt hebben, worden in het Werkplan 2015 geformuleerd. In de eerste plaats wil de IGZ het toezichtkader bestuurlijke verantwoordelijkheid hebben geactualiseerd en verder uitgewerkt. In de tweede plaats dient het aanspreken van bestuurders door de IGZ op hun integrale, bestuurlijke verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid eind 2015 eenduidig, structureel en effectief plaats te vinden. In de derde plaats zal de IGZ controleren of instellingen de verantwoordelijkheden en bevoegdheden ten aanzien van de bestuurlijke verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid belegd hebben bij de daarvoor aangewezen partijen (bestuur, intern toezicht, professionals). Instellingen moeten de voor hen geldende risico’s inzichtelijk hebben gemaakt en hierop acteren.

Uiteraard houdt de IGZ ook toezicht op andere belangrijke onderwerpen, zoals medicatieveiligheid, disfunctionerende beroepsbeoefenaren en de intramurale ouderenzorg. In dit artikel is echter gekozen om een overzicht te geven van de wijze waarop de IGZ har toezicht op bestuurders vorm zal gaan geven. Hoe een en ander in de praktijk uit gaat pakken, wachten we met belangstelling af.