Zoeken
  1. Wijze van vergunningverlening in strijd met rechtszekerheid

Wijze van vergunningverlening in strijd met rechtszekerheid

Op 17 april 2018 heeft de rechtbank Oost-Brabant een uitspraak gedaan over een omgevingsvergunning voor de activiteiten “bouwen” en “milieu”. Deze vergunning was voor het veranderen van en het in werking hebben van een veehouderij (varkens- en pluimveehouderij) en het verbouwen van een varkensstal. Omdat de aanvraag meermalen is aangevuld, heeft tot een situatie geleid waarin voor vergunninghoudster niet duidelijk was waar zij zich aan moet houden. Door alle wijzigingen is niet duidelijk van welke gegevens GS is uitgegaan bij het verlenen van de Nbw-vergunning. De rechtbank kan niet afleiden wat de vergunde stikstofdepositie nu was. De vergunningverlening is daarom in strijd met de rechtszekerheid.
Auteur artikelJosé Jochemsen-Vernooij (uit dienst)
Gepubliceerd03 mei 2018
Laatst gewijzigd03 mei 2018
Leestijd 

Op 17 april 2018 heeft de rechtbank Oost-Brabant een uitspraak gedaan over een omgevingsvergunning voor de activiteiten “bouwen” en “milieu” ten behoeve van het veranderen van en het in werking hebben van een veehouderij (varkens- en pluimveehouderij) en het verbouwen van een varkensstal.

De aanvraag waarop uiteindelijk is besloten, is meermalen aangevuld. Dat leidt tot een situatie waarin vergunninghoudster niet weet waar zij zich aan moet houden. Eisers weten niet waar ze aan toe zijn. Door alle wijzigingen is niet duidelijk van welke gegevens het college van Gedeputeerde Staten (GS) is uitgegaan bij het verlenen van de Nbw-vergunning. De rechtbank kan uit het bestreden besluit niet afleiden wat de vergunde stikstofdepositie is. De vergunningverlening is daarom in strijd met de rechtszekerheid. Het college van burgemeester en wethouders (het College) krijgt de gelegenheid de geconstateerde gebreken te herstellen.

Feiten
Vergunninghoudster exploiteert een varkens- en pluimveehouderij voor 9000 biggen en 9000 legkippen. In 2005 is voor deze inrichting een revisievergunning verleend op basis van de Wet milieubeheer. In 2009 is een veranderingsvergunning verleend. In de vergunde situatie zijn de biggen gehuisvest in stallen met een chemische luchtwasser met een ammoniakreductie van 70%. Dit, terwijl de vergunninghoudster een aanvraag ingediend heeft voor een omgevingsvergunning voor het wijzigen van een chemische luchtwasser in een biologische combiwasser bij de biggenstallen en wat andere kleine wijzigingen. Het college heeft de aanvraag aangemerkt als een aanvraag om een revisievergunning.

GS heeft op 12 mei 2015 een vergunning op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 verleend.

Vergunninghoudster heeft vervolgens de aanvraag meermalen aangevuld:
- op 16 juni 2015 is een ander (chemisch) luchtwassysteem aangevraagd;
- op 9 november 2015 zijn een gewijzigde inrichtingstekening en een V-stacksberekening ingediend en
- op 26 september 2017 is een gewijzigde plattegrondtekening ingediend.

Het College heeft een eerste ontwerpbesluit ter inzage gelegd op 27 mei 2013 en een tweede ontwerpbesluit op 24 februari 2017. Eisers hebben tegen beide ontwerpbesluiten zienswijzen ingediend.

Verweer en weerlegging
Volgens eisers is door de vele wijzigingen sprake van een onduidelijk en onoverzichtelijke besluitvorming. Zij maken bezwaar tegen het wijzigen van de aanvraag naar de chemische luchtwassers. Zij stellen dat zij hierdoor in hun belangen worden geschaad, omdat die luchtwassers minder bescherming bieden tegen geuroverlast.
Het College is van mening dat juist zorgvuldig is gehandeld door, na het wijzigen van de aanvraag naar de chemische luchtwassers, een tweede ontwerpbesluit ter inzage te leggen. De diverse aanvullingen die daarna hebben plaatsgevonden, beschouwt het College als ondergeschikte wijzigingen. Het College geeft ook aan dat de vergunninghoudster niet kan worden verplicht een nieuwe aanvraag in te dienen.

Oordeel rechtbank
De rechtbank merkt in de eerste plaats op dat nagenoeg ieder document dat vergunninghoudster heeft ingediend, onderdeel uitmaakt van het bestreden besluit. Het gaat om vier plattegrondtekeningen, maar ook om systeembeschrijvingen van zowel een biologische als chemische luchtwasser. Dit staat op gespannen voet met de voorschriften van de vergunning, waarin het houden van biggen is gekoppeld aan een systeem met een chemische luchtwasser. Dit komt de duidelijkheid van het bestreden besluit niet ten goede. Vergunninghoudster weet aldus niet waar hij zich aan moet houden. Eisers weten niet waar ze aan toe zijn. Deze wijze van vergunningverlening is daarom in strijd met de rechtszekerheid. Zeker omdat het bestreden besluit een revisievergunning is, had verweerder duidelijk moeten aangeven welke documenten de werking van de inrichting bepalen. Het bestreden besluit is daarmee in strijd met de rechtszekerheid.

In het akoestisch onderzoek van 4 januari 2013 is uitgegaan van de plaatsing van 3 biologische combiwassers op de varkensstallen, terwijl vergunning is verleend voor de plaatsing van chemische luchtwassers. Het College had niet zonder meer op basis van dit akoestische onderzoek kunnen overgaan tot vergunningverlening en het opnemen van de grenswaarden in het bestreden besluit. Mogelijk zijn andere typen ventilatoren noodzakelijk alsmede andere aantallen vervoersbewegingen in verband met het in werking houden van de luchtwassers. Ook kan niet worden overzien of chemische luchtwassers niet meer geluid produceren dan biologische luchtwassers. De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat de inrichting maar net aan de vergunde grenswaarden kan voldoen. Het College had een actualisatie van het akoestische onderzoek moeten verlangen en moeten beoordelen. Deze beroepsgrond slaagt.

Conclusie
Waar het gaat om veranderingen van de aanvraag voorafgaand aan vergunningverlening dient voldoende duidelijk gemaakt te worden of het aanvullingen op de aanvraag betreft of wijzigingen op de aanvraag. Voor het bevoegd gezag moet duidelijk zijn welke situatie wordt aangevraagd, zodat de documenten die niet langer deel uitmaken van de aanvraag ook buiten beschouwing blijven bij vergunningverlening. Zo wordt overzicht gehouden.

Bij wijzigingen van de aanvraag in vergunningstrajecten dient daarom goed bekeken te worden of de onderliggende stukken ook nog voor de gewijzigde situatie voldoen. Is daar iets op aan te merken dan is het advies om een actualisatie van het rapport te verstrekken / verlangen.

In besproken situatie dient alsnog een actualisatie plaats te vinden, zodat na de beoordeling alsnog het besluit in stand kan blijven of vernietigd kan worden.

Heeft u nog vragen omtrent agrarisch gerelateerde kwesties, neem dan contact op met José Jochemsen-Vernooij, advocaat agrarisch recht.