Zoeken
  1. Wordt men door verjaring eigenaar van een strook van de gemeente door het te bestraten met klinkers en sinds 1979 te gebruiken als parkeerstrook voor zichzelf en voor klanten?

Wordt men door verjaring eigenaar van een strook van de gemeente door het te bestraten met klinkers en sinds 1979 te gebruiken als parkeerstrook voor zichzelf en voor klanten?

Met deze vraag zag de Rechtbank Zeeland-West-Brabant zich geconfronteerd[1]. De eiser heeft in 1979 een strook grond van 30 meter met een breedte van 1,6 meter laten egaliseren, van bestratingszand voorzien en met straatklinkers bedekt. Daarna is de strook bij de eiser en zijn klanten in gebruik geweest.In 2015 verzoekt de eiser de gemeente om het perceel aan hem te verkopen. Dat gaat niet vanwege de in de strook aanwezige kabels van nutsbedrijven, maar huren is mogelijk, aldus de gemeente. D...
Auteur artikelJohn Wijnmaalen MRICS
Gepubliceerd13 maart 2017
Laatst gewijzigd13 maart 2017
Leestijd 
Met deze vraag zag de Rechtbank Zeeland-West-Brabant zich geconfronteerd[1]. De eiser heeft in 1979 een strook grond van 30 meter met een breedte van 1,6 meter laten egaliseren, van bestratingszand voorzien en met straatklinkers bedekt. Daarna is de strook bij de eiser en zijn klanten in gebruik geweest.

In 2015 verzoekt de eiser de gemeente om het perceel aan hem te verkopen. Dat gaat niet vanwege de in de strook aanwezige kabels van nutsbedrijven, maar huren is mogelijk, aldus de gemeente. Daar laat eiser het niet bij zitten en verzoekt de rechter onder meer om voor recht te verklaren dat hij ten gevolge van verjaring eigenaar is geworden. De gemeente stelt echter dat de strook met toestemming van de gemeente door eiser in gebruik is genomen. Daardoor is de eiser geen bezitter maar houder van de strook geworden. Voor een verkrijging op grond van verjaring is vereist dat er sprake is van bezit. Bovendien schrijft de wet voor dat een houder van een zaak geen bezitter kan worden. Bovendien is er blijkens de vaste rechtspraak geen sprake van bezit als men alleen verharding heeft aangebracht, bomen heeft geplant en schoon heeft gehouden.

Daartegen brengt de eiser in dat de Gemeente gedurende 20 jaar geen handeling heeft verricht of mededeling heeft gedaan waaruit blijkt dat zij rechten van eigendom pretendeert.

De rechter komt tot de slotsom dat er geen sprake van bezit door de eiser is geweest. Daarbij verwijst de rechter naar recente jurisprudentie van het Hof ’s-Hertogenbosch[2] waarbij het Hof onder meer heeft overwogen:
“Het particuliere gebruik van de stroken publieke grond zal dan ook in de regel niet op bezwaren van de eigenaar (de gemeente) stuiten […]. Dat de gemeente niet optreedt tegen particulier gebruik van stroken als hier bedoeld mag daarom niet snel worden uitgelegd als een blijk van desinteresse van de gemeente voor haar eigendommen, ook niet als de gemeente gebruik gedoogt dat een particuliere eigenaar niet van zijn buurman zou dulden.”

Kortom de door het Hof ingezette lijn die het minder waarschijnlijk maakt dat een gemeente haar eigendom ten gevolge van verjaring verliest vindt haar opvolging in lagere rechtspraak.

[1] ECLI:NL:RBZWB:2017:127
[2] ECLI:NL:GHSHE:2016:4559, 4676, 4677, 4678 EN 4679