Bestuurder stichting derdengelden advocatuur: opgelet!

31 januari 2019
Een bestuurder van een stichting derdengelden advocatuur heeft een controleplicht ter voorkoming van ongeoorloofde betalingen. Indien hem een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt, kan hij persoonlijk aansprakelijk zijn. In de zaak die resulteerde in een recent arrest van het hof Amsterdam, leidde de afwezigheid van controle niet tot bestuurdersaansprakelijkheid.
Joost Bindels
Joost Bindels
Advocaat - Partner
In dit artikel

Casus

Op 18 december 2018 wees het gerechtshof Amsterdam een arrest over de aansprakelijkheid van een bestuurder van een Stichting Derdengelden van een advocatenkantoor.

Op grond van de boekhoudverordening van de Nederlandse Orde van Advocaten mag niet één advocaat/bestuurder bevoegd zijn een Stichting Derdengelden te vertegenwoordigen. In onderhavig geval waren twee advocaten/bestuurders gezamenlijk bevoegd, zodat bij elke transactie twee handtekeningen waren vereist.

Bij Rabobank werd een bankrekening geopend en ten behoeve van het uitvoeren van betalingen vanaf de derdengeldenrekening werden twee zogenaamde Rabo Online Keypasses verstrekt. Rabobank stuurde beide Keypasses en pincodes naar het adres van mr. A, die een eenmanskantoor had.

Mr. A verrichtte ongeoorloofde betalingsopdrachten en werd later door de Raad van Discipline van het tableau geschrapt. Door de ongeoorloofde betalingen is Z benadeeld. Z stelt de andere advocaat, mr. X, aansprakelijk omdat hij in zijn hoedanigheid van bestuurder zou zijn tekortgeschoten in de vervulling van zijn bestuurstaak van de Stichting Derdengelden omdat hij onvoldoende controle vooraf en achteraf heeft uitgeoefend om te voorkomen dat de betalingsopdrachten zouden worden gegeven. De rechtbank wijst de vorderingen af.

Hof: geen ernstig persoonlijk verwijt

In hoger beroep overweegt het hof dat indien een stichting tekortschiet in de nakoming van een verbintenis of een onrechtmatige daad pleegt, uitgangspunt is dat alleen de stichting aansprakelijk is voor de daaruit voortvloeiende schade. Onder bijzondere omstandigheden is evenwel, naast aansprakelijkheid van de stichting, ook ruimte voor aansprakelijkheid van een bestuurder van de stichting. Voor het aannemen van zodanige aansprakelijkheid is vereist dat die bestuurder persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt.

Mr. X wist niet van de ongeoorloofde betalingsopdrachten af en niet is gebleken dat hij had kunnen ontdekken dat deze waren gedaan. Daarnaast lag het niet in zijn macht om de betalingsopdrachten ongedaan te maken. Op deze gronden kunnen de vorderingen daarom niet worden toegewezen, zodat in zoverre in het midden kan blijven of mr. X persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt.

Wat betreft het verwijt dat hij wist dat het systeem was gewijzigd in een keycard-systeem en dat hij onvoldoende erop heeft toegezien dat door middel van het keycard-systeem misbruik werd gemaakt door mr. A, overweegt het hof als volgt. De Stichting Derdengelden fungeerde als stichting derdengelden ten behoeve van de door mr. A zelfstandig gevoerde advocatenpraktijk. Het kantoor van mr. X was gevestigd op een ander adres dan dat van mr. A en van de Stichting Derdengelden. Mr. X was verzekerd dat mr. A de Stichting Derdengelden niet of nauwelijks zou gebruiken. Daarmee strookt dat pas ongeveer anderhalf jaar na de oprichting van de Stichting Derdengelden een bankrekening is geopend en dat mr. X pas enkele maanden na het openen van de rekening enkele betalingsopdrachten heeft moeten autoriseren. Daarnaast heeft hij onweersproken aangevoerd dat de overboekingen die hij wel heeft geautoriseerd geschiedden door het handmatig plaatsen van een tweede handtekening onder een betalingsopdracht. Weliswaar staat vast dat Rabobank twee Keypasses heeft verzonden naar het kantooradres van de Stichting Derdengelden, ook staat vast dat mr. X nooit een keypas heeft ontvangen. Onweersproken is dat mr. X niet wist dat het keypassysteem inmiddels was ingevoerd.

Mr. X heeft onweersproken aangevoerd dat hij ervan uitging dat een keypas niet kon worden geactiveerd zonder dat persoonlijk met hem contact zou worden opgenomen om te verifiëren wie hij was. Tegen deze achtergrond behoefde hij redelijkerwijs geen rekening te houden met de mogelijkheid dat mr. A misbruik zou maken van zijn keycard.

Kortom: van een ernstig persoonlijk verwijt en dus aansprakelijkheid van mr. X is geen sprake.

Conclusie

Een bestuurder van een stichting derdengelden advocatuur heeft een controleplicht ter voorkoming van ongeoorloofde betalingen. Indien hem een ernstig persoonlijk verwijt kan worden gemaakt, kan hij persoonlijk aansprakelijk zijn. In dit geval leidde de afwezigheid van controle niet tot persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder.

Gerelateerd

Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen