De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Een bulk aan civielprocesrechtelijke beschouwingen

Attendering: een nieuwe bundel met civielprocesrechtelijke beschouwingen

Onlangs las ik het liber amicorum ter gelegenheid van de 75e verjaardag van de grote procesrechtkenner Daan Asser. Bepaald geen straf.
Leestijd 
Auteur artikel Tom van Malssen
Gepubliceerd 30 januari 2021
Laatst gewijzigd 30 januari 2021
 

Voordeel van een Festschrift is dat de auteurs een wat vrijere hand hebben dan wanneer alles in drievoud methodologisch moet worden verantwoord. Dat belemmert toch het vrije denken en kost in ieder geval veel energie. Vaak zijn de reflecties in een vriendenbundel om die reden des te interessanter, ook of misschien wel met name voor de wetenschappelijk geïnteresseerde lezer. Keerzijde is dat de prikkel tot stringentie en doortimmerdheid door contribuenten niet altijd even sterk lijkt te worden gevoeld, waardoor de beschouwingen soms een wat vrijblijvende of onvoldragen indruk bij de lezer achterlaten.

De Asser-bundel is in al deze opzichten een echt liber amicorum. In ieder geval valt voor de procesrechtelijk geïnteresseerde lezer genoeg te beleven, zij het dat het aantal – onvermijdelijke – beschouwingen over de modernisering van het bewijsrecht naar mijn smaak wat aan de hoge kant is.

Een kleine greep uit de praktisch georiënteerde bijdragen: een prikkelende beschouwing van Ahsmann over wat er wel en niet in een zittingsagenda zou moeten zijn opgenomen, een kritisch relaas van kortgedingrechter Boonekamp over oorzaken van en oplossingen voor de steeds verdere uitdijing van processtukken, en een scherpe reflectie van rechter Hidma over voorlopige oordelen ter zitting, beperkingen van het proces-verbaal en mogelijkheden van beeld- of geluidsopnames van de zitting.

Verder bevat de bundel – voor de fijnproever – meerdere stukken over complexe bewijsrechtelijke vragen (Klaassen, Snijders, Tjong Tjin Tai), visies op de beperkingen die aan bewijslevering worden of zouden moeten worden gesteld (Van Schaick, Von Schmidt auf Altenstadt, Verkerk), enkele systeembeschouwingen, pleidooien voor een versoepeling van het appelprocesrecht in dienst van de waarheidsvinding (Valk), en ter afsluiting een pleidooi van Ynzonides voor differentiatie in het procesrecht.

Genoeg stof tot nadenken. Lezen, zou ik zeggen.