Sturende rol van de werknemer bij keuze ontslagtraject beperkt

2 februari 2010
Rechters zijn steeds verdeeld geweest over de vraag of werknemers de kantonrechter kunnen verzoeken de arbeidsovereenkomst tijdens de opzegtermijn te ontbinden, nadat werkgevers de arbeidsovereenkomst al hebben opgezegd. Recent heeft de Hoge Raad zich hierover uitgelaten en de kans op succes voor werknemers in deze ontbindingsprocedures beperkt.Als werkgevers zich door bedrijfseconomische of bedrijfsorganisatorische redenen genoodzaakt zien werknemers te ontslaan, wordt veelal gekozen voor de...
Frédérique Hoppers
Frédérique Hoppers
Advocaat - Partner
In dit artikel
Rechters zijn steeds verdeeld geweest over de vraag of werknemers de kantonrechter kunnen verzoeken de arbeidsovereenkomst tijdens de opzegtermijn te ontbinden, nadat werkgevers de arbeidsovereenkomst al hebben opgezegd. Recent heeft de Hoge Raad zich hierover uitgelaten en de kans op succes voor werknemers in deze ontbindingsprocedures beperkt.

Als werkgevers zich door bedrijfseconomische of bedrijfsorganisatorische redenen genoodzaakt zien werknemers te ontslaan, wordt veelal gekozen voor de ontslagprocedure bij het UWV Werkbedrijf (voorheen CWI). Op werkgevers rust dan in beginsel geen verplichting tot het betalen van een vergoeding en dit is voor werkgevers de voornaamste reden een ontslag via het UWV Werkbedrijf te bewerkstelligen, in plaats van via een ontbindingsprocedure bij de kantonrechter.

Werknemers ervaren het vaak als onrechtvaardig dat deze keuze van werkgevers in het ontslagtraject bepalend is voor de vraag of zij aanspraak kunnen maken op een vergoeding. Zij proberen steeds vaker zelf de regie in handen te nemen door tijdens de opzegtermijn een ontbindingsverzoek bij de kantonrechter in te dienen, zodat de kantonrechter alsnog een financiële tegemoetkoming voor het ontslag kan opleggen. Dit fenomeen lijkt de Hoge Raad in een arrest van 11 december 2009 een halt toe te roepen. De Hoge Raad neemt als uitgangspunt dat ontbindingsverzoeken van werknemers ingediend tijdens de opzegtermijn slechts kunnen worden toegewezen, als sprake is van een zodanige verandering in omstandigheden in de (invulling van de) arbeidsverhouding dat het dienstverband op een nóg eerder tijdstip behoort te eindigen dan via de inmiddels door de werkgever gedane opzegging. De enkele omstandigheid dat aan de werknemers geen vergoeding toekomt op het moment dat de arbeidsovereenkomst door de opzegging eindigt, levert volgens de Hoge Raad geen grond voor ontbinding op. Het recente arrest van de Hoge Raad vindt al navolging in de lagere rechtspraak. Meerdere kantonrechters hebben onder verwijzing naar het door de Hoge Raad geformuleerde uitgangspunt ontbindingsverzoeken van werknemers tijdens de opzegtermijn afgewezen.

Werknemers zullen dus van goeden huize moeten komen, wil de kantonrechter omstandigheden aanvaarden die aanleiding vormen het dienstverband op een eerder moment te doen eindigen. Dit wil niet zeggen dat een ontbindingsprocedure op voorhand gedoemd is te mislukken. Omdat werkgevers in zwaar weer veelal huiverig zullen zijn voor ontbindingsprocedures wordt nog wel eens getracht deze procedures tegen te houden door de arbeidsovereenkomst na de verkregen ontslagvergunning met directe ingang op te zeggen. Werkgevers zullen hierin echter zorgvuldig te werk moeten gaan. Als zonneklaar is dat werkgevers dit alleen maar doen om ontbindingsverzoeken van werknemers tegen te houden, kan dat de geldigheid van de opzegging aantasten. Werkgevers zullen hierin bovendien direct een juiste keuze moeten maken. Als zij aanvankelijk opzeggen met inachtneming van de opzegtermijn en vervolgens voor een tweede maal opzeggen zonder de opzegtermijn te respecteren (om zo het ontbindingsverzoek van de werknemer te frustreren), dan levert deze tweede opzegging volgens de Hoge Raad misbruik van bevoegdheid op. Werkgevers doen er dan ook verstandig aan hierop bedacht te zijn. Deze bedachtzaamheid dient niet alleen te gelden bij de keuze voor een bepaald ontslagtraject, maar ook bij de keuze de opzegtermijn al dan niet te respecteren en de wijze waarop dit aan de werknemers gepresenteerd wordt.

Gerelateerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...

Stappenplan pensioentransitie: van analyse naar implementatie vóór 2028

De pensioentransitie vraagt om een gestructureerde aanpak. Werkgevers en sociale partners hebben tot 1 januari 2028 de tijd om hun pensioenregelingen in lijn...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen