Tekort aan zorgpersoneel: is een regionale flexpool de oplossing?

8 april 2026

Het aanhoudende tekort aan zorgpersoneel zetten de continuïteit en kwaliteit van de zorgverlening structureel onder druk. Tegelijkertijd is het speelveld rondom de inzet van zelfstandigen volop beweging. Zorginstellingen zoeken daarom nadrukkelijk naar alternatieven voor de inzet van zzp’ers, zeker in situaties waarin een (verhoogd) risico op schijnzelfstandigheid bestaat. Een van de alternatieven die wij in de praktijk zien, is de vorming van een regionale flexpool in coöperatief verband. Deze samenwerkingsvorm biedt kansen, maar roept ook belangrijke aandachtspunten op. Voor samenwerkingspartners is het van belang deze aandachtspunten vroegtijdig te adresseren om de slagingskans van deze samenwerkingsvorm te vergroten.

Marieke van Dongen
Marieke van Dongen
Advocaat - Partner
Marèl Baak
Marèl Baak
Toegevoegd notaris - Counsel
In dit artikel

Twee varianten van de regionale flexpool in de zorg

In de praktijk komen grofweg twee varianten van de regionale flexpool voor.

In de eerste variant worden zorginstellingen lid van een coöperatie. Deze coöperatie faciliteert dat zorgprofessionals – veelal voormalig zzp’ers die in dienst treden bij één van de betrokken zorginstellingen - ook kunnen worden ingezet bij andere aangesloten zorginstellingen. Hiermee wordt flexibiliteit gecombineerd met een dienstverband, waardoor risico’s op schijnzelfstandigheid worden beperkt.

In de tweede variant worden de zelfstandige zorgprofessionals zelf lid van de coöperatie. De coöperatie treedt dan op als zorgaanbieder en verleent, met inzet van de bij haar aangesloten zorgprofessionals, zorg in onderaanneming van andere zorginstellingen die behoefte hebben aan specialistische zorg- en dienstverlening door zorgprofessionals.

Governance: verdeling van bevoegdheden binnen de coöperatie

De coöperatie kent een bestuur en een algemene vergadering (AV). De AV is de ‘hoogste macht’ binnen de coöperatie. Via de AV kunnen de leden (de aangesloten zorginstellingen of zorgprofessionals) invloed uitoefenen op de koers van het samenwerkingsverband. Aan de AV komen dwingendrechtelijk belangrijke bevoegdheden toe, zoals het benoemen, schorsen en het ontslaan van de leden van het bestuur en de raad van commissarissen (indien ingesteld), het vaststellen van de jaarrekening en de eventuele winstuitkering, statutenwijzing en ontbinding van de coöperatie.

Het bestuur bestuurt de coöperatie en is in beginsel autonoom. In de statuten kan echter worden bepaald dat ingrijpende bestuursbesluiten aan de voorafgaande goedkeuring van de AV zijn onderworpen. Daarnaast kan de AV een instructierecht krijgen ten aanzien van de hoofdlijnen van het financiële, zorginhoudelijke, sociale, economische en personeelsbeleid.

De statutaire balans tussen autonomie van het bestuur en invloed van de AV verdient zorgvuldige afweging. Enerzijds wil men voldoende grip houden op strategische keuzes (tariefstelling, toelatingsbeleid, kwaliteitskaders). Anderzijds kan een vergaande betrokkenheid van leden bij operationele of marktgevoelige besluiten mededingingsrechtelijke risico’s vergroten (waarover hierna meer).  

Mededingingsrecht en kartelverbod: wat betekent dit voor zorginstellingen?

Samenwerking tussen zorginstellingen kan raken aan het kartelverbod van artikel 6 lid 1 Mededingingswet (Mw). Concurrentiebeperkende afspraken zijn slechts toegestaan indien zij voldoen aan de uitzonderingsvoorwaarden van artikel 6 lid 3 Mw: de positieve effecten moeten opwegen tegen de negatieve effecten. Belangrijk is dat samenwerkingspartners in beginsel zelf moeten beoordelen of hun samenwerking verenigbaar is met het kartelverbod (self-assessment). Er is dus geen voorafgaande goedkeuring van de Autoriteit Consument en Markt vereist, maar de samenwerkingspartners dragen wel een voortdurende eigen verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat hun samenwerking in overeenstemming blijft met het kartelverbod. Het is daarom raadzaam het self-assessment periodiek te blijven uitvoeren. Voor regionale flexpools betekent dit onder meer dat zorgvuldig moet worden gekeken naar afspraken over tarieven, de arbeidsvoorwaarden, verdeling van personeel, exclusiviteit en uitwisseling van concurrentiegevoelige informatie. De governancestructuur en de verdeling van bevoegdheden tussen bestuur en AV kunnen eventuele risico’s beperken.

Wanneer geldt een meldingsplicht bij de ACM of NZa?

De mededingingsrechtelijke beoordeling verandert wanneer de samenwerking kwalificeert als een concentratie in de zin van artikel 27 Mw. In dat geval is geen afzonderlijke self-assessment op grond van het kartelverbod vereist, maar kan een meldingsplicht bij de NZa en/of ACM ontstaan. Een melding bij de NZa is verplicht indien bij ten minste één van de betrokken zorgaanbieders in de regel 50 of meer personen zorg verlenen. Een melding bij de ACM is verplicht indien de gezamenlijke wereldwijde omzet in het voorafgaande kalenderjaar meer dan EUR 150 miljoen bedroeg en ten minste twee betrokken ondernemingen ieder ten minste EUR 30 miljoen omzet in Nederland hebben behaald.

Van een concentratie kan onder meer sprake zijn bij de oprichting van een volwaardige gemeenschappelijke onderneming. Daarvoor moet zijn voldaan aan (i) het gezamenlijkheidscriterium (de betrokken ondernemingen hebben gezamenlijke zeggenschap) én (ii) het volwaardigheidscriterium (de gemeenschappelijk onderneming vervult duurzaam alle functies van een zelfstandige economische eenheid).  

Btw en schijnzelfstandigheid bij personeelsinzet in de zorg

Naast governance- en mededingingsrechtelijke aandachtspunten verdienen ook fiscale en personele aspecten nadrukkelijk aandacht. Een belangrijke aanleiding voor oprichting van  een regionale flexpool is immers gelegen in de hervatte handhaving op schijnzelfstandigheid door de Belastingdienst. De gekozen samenwerkingsstructuur moet daarom niet alleen juridisch “kloppen”, maar ook fiscaal houdbaar zijn. Anders schiet de flexpool zijn doel voorbij. Daarnaast krijgt de coöperatie een eigen, zelfstandige fiscale positie die afhankelijk van de daadwerkelijke activiteiten van de coöperatie zelf anders kan zijn dan die van de deelnemende zorginstellingen. 

Van groot belang bij iedere flexpool is dat de onderlinge inzet van personeel niet resulteert in kostprijsverhogende btw. Binnen de btw-wet- en regelgeving zijn er diverse mogelijkheden om personeel flexibel in te zetten zonder dat btw-heffing aan de orde is. Wel zijn de voorwaarden voor toepassing van die mogelijkheden. Het is zeker geen gegeven dat de inzet is vrijgesteld van btw. Zorgvuldige inrichting van de coöperatie en werkwijze van de coöperatie is dan ook van belang, om de regionale flexpool in de vorm van een coöperatie ook fiscaal aantrekkelijk te laten zijn.  

Regionale flexpool als structurele oplossing voor personeelstekort in de zorg 

Regionale flexpools kunnen een waardevolle bijdrage leveren aan het verkleinen van de personeelstekorten in de zorg, en daarmee aan het verbeteren van de continuïteit van de zorg. De regionale flexpool kan, mits op zorgvuldige wijze ingericht, daarbij het risico op schijnzelfstandigheid verkleinen. Om het doel van de regionale flexpool in de vorm van een coöperatie daadwerkelijk succesvol te bereiken, zal echter wel aandacht moeten worden besteed aan aspecten van arbeidsrecht, zorgspecifieke wet- en regelgeving, mededingingsrecht en overkoepelend de governance van de coöperatie. Wordt dit goed toegepast, dan kan de regionale flexpool in de vorm van een coöperatie een gedegen antwoord zijn op de krapte op de arbeidsmarkt.  

Gerelateerd

jurisprudentie participatiewet

Jurisprudentie Participatiewet: belangrijkste uitspraken van maart 2026

Bekijk een overzicht van belangrijke juridische uitspraken binnen het sociaal domein die voor de Participatiewet in maart 2026 zijn gepubliceerd. Iedere zaak...
Jeugdwet en Wmo 2015: belangrijke juridische uitspraken

Jeugdwet en Wmo 2015: belangrijkste jurisprudentie van maart 2026

Bekijk een overzicht van belangrijke juridische uitspraken binnen het sociaal domein die voor de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo)...
Btw-koepelvrijstelling: kansen voor samenwerkingsverbanden

Btw-koepelvrijstelling: kansen voor samenwerkingsverbanden

Samenwerking tussen (semi)publieke organisaties, zoals zorg- en onderwijsinstellingen, neemt toe. Binnen de zorgsector zien we meer en meer regionale...
Publiek-private samenwerking: 4 aandachtspunten voor gemeenten en zorgorganisaties

Publiek-private samenwerking: 4 aandachtspunten voor gemeenten en zorgorganisaties

De zorgvraag in Nederland groeit, terwijl de beschikbare capaciteit onder druk staat. Stijgende kosten, personeelstekorten en toenemende complexiteit van...
Samenwerking binnen en met de eerstelijnszorg: aandachtspunten vanuit gezondheidsrecht en privacyrecht

Samenwerking binnen en met de eerstelijnszorg: aandachtspunten vanuit gezondheidsrecht en privacyrecht

De zorgvraag neemt toe en wordt complexer, terwijl personeel en middelen niet altijd voorhanden zijn. Samenwerking binnen en met de eerstelijnszorg is mede...

Regionale flexpool in de zorg: waarom het soms vastloopt op wet- en regelgeving

Schaarste op de arbeidsmarkt, veranderende wensen van medewerkers, strengere handhaving van de Wet DBA en een toenemende zorgvraag maken het voor...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

07
mei
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Zorginkoop: onderhandelingsruimte zorgaanbieders & kaders NZa (Zorgverzekeringswet)

Hoeveel ruimte heeft een zorgaanbieder binnen het kader van de Zorgverzekeringswet in de onderhandelingen met een zorgverzekeraar als de tarieven structureel onder druk staan? Welke regels stelt de NZa rond zorginkoop en kunnen zorgverzekeraars worden aangesproken voor het niet-naleven van de regels?

Aan de hand van concrete casus en recent gevoerde procedures geven we niet alleen een update van de laatste regelgeving en jurisprudentie, maar tevens een uniek kijkje achter de schermen.

Online
14.00 - 15.30
19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen