De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Vernietigingsbestendig maken rechterlijke uitspraak

Het vernietigingsbestendig maken van de uitspraak door de rechter

De rechter die wil voorkomen dat zijn uitspraak door een hogere rechter wordt vernietigd, heeft de nodige instrumenten om zijn uitspraak dicht te timmeren. Zo kan hij verschillende gronden aanvoeren die de beslissing zelfstandig kunnen dragen. Een recente beschikking van het Haagse gerechtshof (ECLI:NL:GHDHA:2020:1126) vormt daar een treffend voorbeeld van.
Leestijd 
Auteur artikel Robert Andes
Gepubliceerd 07 augustus 2020
Laatst gewijzigd 18 januari 2021
 

Achtergrond

De aanleiding van deze zaak is een tragische. In een Haags ziekenhuis is in 2015 een kindje geboren met een ernstige hersenbeschadiging. De ouders wilden - voorsorterend op een eventuele aansprakelijkheidsprocedure - onderzocht hebben of dit hersenletsel het gevolg was van een medische fout. Daartoe dienden de ouders bij de rechtbank een verzoek tot een voorlopig deskundigenbericht in op grond van art. 202 lid 1 Rv.

Het verzoek werd toegewezen, maar het deskundigenbericht had niet de uitkomst die de ouders hadden gehoopt. Omdat de deskundige erop zinspeelde dat iemand met een andersoortige expertise wellicht beter zijn licht op de zaak kon laten schijnen, verzochten de ouders de rechter een tweede deskundigenbericht te bevelen. Dat was voor de rechtbank echter een brug te ver:

“Gelet op de inhoud van het verzoekschrift, de beschikking van de rechtbank en het uitgebrachte rapport is daarvoor in deze fase van de procedure geen plaats. Indien verzoekers een volgend deskundigenbericht wensen, dienen zij daartoe een afzonderlijk verzoek in te dienen.”

Gerechtshof

Tegen dit oordeel stelden de ouders hoger beroep in. Daarin voerden zij twee grieven aan. Ten eerste had de rechtbank het verzoek nog een tweede deskundige te benoemen, niet mogen afwijzen; ten tweede had de rechtbank de opdracht aan de eerste deskundige anders moeten verwoorden.

Het gerechtshof bestempelt het verzoek om een tweede deskundige te benoemen als een vermeerdering van verzoek (art. 283 Rv). Uit de hierboven geciteerde overweging leidt de appelrechter af dat de rechtbank deze vermeerdering in strijd met de goede procesorde heeft geacht. En tegen een dergelijk oordeel staat geen hoger beroep open (art. 130 Rv). Hetzelfde geldt voor de vraagstelling aan de deskundige door de rechtbank: ook daartegen kan de teleurgestelde verzoeker geen appel instellen (204 lid 2 Rv). Conclusie: ten aanzien van beide grieven zijn de ouders niet-ontvankelijk.

Daarmee is de juridische kous af. Toch wijdt het hof ook nog inhoudelijke overwegingen aan de beide grieven. Daarin wordt duidelijk dat ook als de ouders wel door de ontvankelijkheidstoets waren gekomen, het hoger beroep zou hebben gefaald. De appelrechter geeft dus aan dat het hoger beroep op twee zelfstandige gronden afstuit: een formalistische (de niet-ontvankelijkheid van de ouders) en een inhoudelijke (de ongegrondheid van de grieven).

Het gevolg

Deze aanpak door het hof heeft twee consequenties. In de eerste plaats is de aanvaardbaarheid van de beschikking vergoot, doordat de verzoekers weten dat hun appel niet louter op niet-ontvankelijkheid, maar ook op inhoudelijke gronden is afgestuit. Ten tweede is de uitspraak (meer) vernietigingsbestendig geworden. Een eventueel cassatieberoep tegen de beschikking van het hof zal namelijk zowel het niet-ontvankelijkheidsoordeel als het inhoudelijke oordeel aan de kaak moeten stellen. Ditzelfde geldt overigens - mutatis mutandis - voor hoger beroep tegen een uitspraak in eerste aanleg, zo illustreert een voorbeeld uit dit eerdere blog van Tom van Malssen.

Conclusie

De onderhavige zaak laat zien hoe de rechter zijn uitspraak op meerdere gronden kan baseren. Daarmee wint de uitspraak aan vernietigingsbestendigheid. Een eventueel rechtsmiddel zal namelijk alle gronden die de uitspraak zelfstandig kunnen dragen, moeten aantasten. Bij het aanvechten van een ‘dichtgetimmerde’ uitspraak is dan ook extra oplettendheid geboden.

Heeft u een civiele appel- of cassatiezaak waar u ondersteuning bij nodig heeft, of heeft u procesrechtelijke vragen, neem dan gerust contact op met een van de leden van het Cassatie- en (Appel)procesrechtteam van Dirkzwager Legal & Tax: Tom van Malssen (cassatieadvocaat), Margo Hengeveld of Robert Andes.