Wet voorkeursrecht gemeenten: motivering en belangenafweging van de aanwijzing

25 september 2020

De Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) biedt gemeenten een nuttig instrument om regie te houden op ruimtelijke ontwikkelingen. In haar uitspraak van 19 augustus 2020 oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak over de aanwijzing van gronden in de gemeente Nunspeet, en gaat hij nader in op de eisen die aan de motivering en belangenafweging worden gesteld.

Hanna Zeilmaker
Hanna Zeilmaker
Advocaat - Partner
Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

De Wet voorkeursrecht gemeenten geeft gemeenten de mogelijkheid om gronden aan te wijzen ten behoeve van een gemeentelijk voorkeursrecht van koop. Voorwaarde is dat een niet-agrarische bestemming is toegedacht of opgenomen, en dat het feitelijke gebruik van die bestemming afwijkt.

Door de aanwijzing van de grond verkrijgt de gemeente een eerste recht van koop op de aangewezen gronden. De eigenaar die zijn grond wil verkopen is verplicht de grond eerst aan de gemeente aan te bieden.

De wet heeft meerdere vestigingsgrondslagen. In de regel is de eerste aanwijzing de voorlopige aanwijzing door het college, op grond van artikel 6 Wvg. Die wordt binnen drie maanden gevolgd door een aanwijzing door de raad. De raad kan aanwijzen op grond van de zogenaamde ‘toegedachte bestemming’ (artikel 5 Wvg), of op grondslag van een structuurvisie met een aanwijzing voor de toegedachte bestemming (artikel 4 Wvg), of op grondslag van het bestemmingsplan (artikel 3 Wvg). Een aanwijzing op grond van artikel 5, de toegedachte bestemming, blijft op de grond rusten als de planologische vervolgstappen tijdig binnen de wettelijke termijnen worden genomen.

Motivering: regierol en het voorkomen van speculatie

In de uitspraak van 19 augustus 2020 oordeelt de Afdeling over de motivering van het aanwijzingsbesluit. De grondeigenaar had betoogd dat aan het voorkeursrecht geen legitieme onderbouwing ten grondslag lag. Vanwege onduidelijkheid over cijfers uit een rapport over de woningbehoefte was de vaststelling van de structuurvisie stopgezet. De raad maakte zich kennelijk geen zorgen over een tekort aan ruimte voor woningbouw. De rechtbank heeft volgens de eigenaar in beroep miskend dat de raad het voorkeursrecht vooral baseerde op gestelde activiteiten van projectontwikkelaars en agrariërs in het gebied. De echte aanleiding was echter dat een agrariër zijn grond te koop heeft aangeboden. Er zijn volgens de eigenaar voldoende andere locaties om aan de woningbehoefte te voldoen.

De eigenaar voerde verder aan dat de raad onvoldoende rekening had gehouden met zijn belangen.

De Afdeling is van oordeel dat de raad de woningbehoefte wel voldoende heeft onderbouwd. De raad had verwezen naar cijfers van Primos en Centraal Bureau voor de Statistiek, en heeft voldoende toegelicht dat er behoefte bestaat aan woningen in de gemeente. De Afdeling verwijst naar haar uitspraak van 22 mei 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1638, waarin zij heeft geoordeeld dat de systematiek van de Wvg met zich brengt dat op het moment dat het voorkeursrecht kan worden aangewend, veelal nog niet zeker zal zijn of de beoogde uitwerking feitelijk zal kunnen worden gerealiseerd.

De raad heeft toegelicht dat het voorkeursrecht is gevestigd om te voldoen aan de woningbehoefte. Daarbij wil de raad de regie houden bij het realiseren van nieuwe woningen. Bovendien moet prijsopdrijving worden tegengegaan, aldus de raad. De Afdeling overweegt hierover:

De Afdeling heeft in haar uitspraak van 8 april 2015, ECLI:NL:RVS:2015:1089, geoordeeld dat uit de geschiedenis van de totstandkoming van de Wvg volgt dat de wetgever met de invoering daarvan heeft beoogd om de positie van gemeenten bij de grondverwerving ten behoeve van de verwezenlijking van het ruimtelijke beleid te versterken door de raad een middel te geven waarmee speculatie kan worden tegengegaan en de regie bij de verwezenlijking van de voorgestane ruimtelijke ontwikkelingen kan worden behouden. De raad heeft toegelicht dat het voorkeursrecht is gevestigd om te voldoen aan de woningbehoefte. Daarbij wil de raad de regie houden bij het realiseren van nieuwe woningen. Bovendien moet prijsopdrijving worden tegengegaan, aldus de raad. Deze motieven zijn in overeenstemming met het doel en de strekking van de Wvg.” (onderstreping DZ)

Verder overweegt de Afdeling, onder verwijzing naar een uitspraak van 22 mei 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:1638), dat op het moment van vestiging van het voorkeursrecht, veelal nog niet zeker is of de beoogde uitwerking feitelijk zal kunnen worden gerealiseerd. In het verleden heeft de Afdeling geoordeeld dat dit temeer geldt voor een vestiging op grond van artikel 5 Wvg, omdat de raad juist dan voor de vaststelling van een bestemmingsplan of structuurvisie slagvaardig kan optreden. Op die manier kan de raad voorkomen dat de verwezenlijking van de toegedachte bestemming wordt belemmerd (ABRvS 28 maart 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW0295).

Belangenafweging: algemeen belang versus individuele belangen

Verder betoogt de grondeigenaar dat de raad onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn belangen bij de vestiging van het voorkeursrecht.

De Afdeling heeft in meerdere uitspraken geoordeeld dat de wetgever bij de totstandkoming van de Wvg het met het vestigen van een voorkeursrecht te dienen algemeen belang heeft afgewogen tegen het individuele financiële belang van de betrokken grondeigenaar. Dit individuele financiële belang hoeft dus niet opnieuw in een belangenafweging te worden betrokken. Nu het belang van de betreffende grondeigenaar uitsluitend financieel van aard is, betekent dit dat de raad met een meer algemene motivering van de aanwijzing kon volstaan.

Bovendien overweegt de Afdeling dat met het gevestigde voorkeursrecht niet tot gevolg heeft dat de grondeigenaar zijn eigendomsrecht niet meer kan uitoefenen. Het voorkeursrecht heeft uitsluitend tot doel dat de gemeente, indien de grondeigenaar wenst te verkopen, een eerste recht van koop te verschaffen op de gronden.

Meer weten?

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Hanna Zeilmaker, advocaat bij de sectie Overheid en Vastgoed en specialist op het gebied van de Wet voorkeursrecht gemeenten.

Gerelateerd

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
Afdeling bestuursrechtspraak bekrachtigt onteigeningsbeschikking onder de Omgevingswet in hoger beroep

Raad van State: eerste uitspraak in hoger beroep bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Op 4 februari 2026 heeft de Afdeling voor het eerst in hoger beroep uitspraak gedaan in een procedure tot bekrachtiging van een onteigeningsbeschikking onder...

Gerechtshof Den Haag: Veevoerproducenten hebben geen recht op nadeelcompensatie voor omzetderving door uitkoop veehouderijen

In zijn arrest van 27 januari 2026 heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld dat twee veevoerproducenten geen recht hebben op nadeelcompensatie voor...

Novelle bij de Wet versterking regie volkshuisvesting: aanpassing regeling voorkeursrecht Omgevingswet

Op 13 januari 2026 heeft de regering een novelle bij het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) ingediend bij de Tweede Kamer. De novelle...

Wegwijs in de Wegenwet

In Nederland zijn de meeste wegen in eigendom en beheer van een overheidslichaam. Een kleiner deel van de wegen is eigendom van particuliere partijen. Voor...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

09
april
2026
Seminar
Aanbesteding & Mededinging
Actualiteitenbijeenkomst Aanbestedingsrecht 2026

Het is inmiddels een begrip in aanbestedingsland: de Dirkzwager Actualiteitenbijeenkomst in Nijmegen-Lent. Hopelijk bent u er dit jaar ook (weer) bij op 9 april 2026.

Nijmegen
13:30 - 17:45
21
april
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Kwaliteitsregistraties: nieuwe verplichtingen, aandachtspunten en kansen sinds 1 januari 2026

De Wet kwaliteitsregistraties zorg (Wkz) verandert de manier waarop kwaliteitsregistraties in de zorg worden gebruikt om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren.   Een kwaliteitsregistratie verzamelt patiëntgegevens bij verschillende zorgaanbieders om de kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld bij een bepaalde aandoening, te meten en te verbeteren. Deze wet introduceert een wettelijke plicht voor zorgaanbieders om patiëntgegevens aan te leveren aan de kwaliteitsregistratie. Dat biedt kansen: toestemming van de patiënt is niet langer het uitgangspunt, maar vraagt tegelijkertijd om herziening van het interne beleid, waarbij aandacht moet zijn voor de privacyrechtelijke implicaties van de wet (waaronder de inrichting van een opt-out).

Wat betekent dit concreet voor uw organisatie en wat moet u regelen? Onze specialisten geven een compleet en praktisch overzicht van wat de wet verlangt, zodat u weet waar bijsturing nodig is en waar kansen liggen.

Online
10.00 - 11.30
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen