Wie is bevoegd bij een grondgebiedoverstijgende aanvraag?

28 augustus 2026

Op 19 augustus 2026 boog de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ECLI:NL:RVS:2026:4867) zich over een omgevingsvergunning van de gemeente Breda voor hippische wedstrijden op een manege. De wedstrijdterreinen liggen deels op grondgebied van Breda en deels op grondgebied van de buurgemeente Zundert. Milieuvereniging De Groene Koepel betwistte om die reden de bevoegdheid van Breda om de vergunning te verlenen.

Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

Wat is het toetsingskader onder de Wabo?

Deze zaak is nog beoordeeld onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), omdat de aanvraag voor 1 januari 2024 is ingediend. Op grond van artikel 2.4, eerste lid, van de Wabo beslist het college van de gemeente waar het betrokken project in hoofdzaak wordt uitgevoerd op de aanvraag om een omgevingsvergunning. Alle activiteiten die samen het project vormen, moeten daarbij worden bekeken. Het komt dus neer op de vraag waar het zwaartepunt van het project ligt.

Wat voerde De Groene Koepel aan?

De Groene Koepel rekende voor dat de oppervlakte in Zundert (ruim 44.000 vierkante meter) groter is dan die in Breda (ruim 31.000 vierkante meter) en dat de meest ingrijpende afwijking van het bestemmingsplan, namelijk die van de natuurbestemming, op Zunderts grondgebied zou liggen. Op basis daarvan zou volgens haar Zundert het bevoegd gezag moeten zijn, en had de gemeenteraad van Zundert een verklaring van geen bedenkingen moeten afgeven.

Het oordeel van de Afdeling: méér dan alleen vierkante meters 

De Afdeling volgde dit betoog niet. Alleen kijken naar de oppervlakte per gemeente is onvoldoende om te bepalen waar een project in hoofdzaak wordt uitgevoerd. Ook de intensiteit van het aantal deelnemers, de frequentie van de wedstrijden en het bijbehorende parkeren moeten worden meegewogen. Dit was in Breda groter. De wedstrijden van type 1 en 2, die hoofdzakelijk op Bredase grond plaatsvinden, worden gezamenlijk tot zes weekenden per jaar georganiseerd met aanzienlijk meer deelnemers: tot 1.200 per dag bij type 1 en 160 per ring per weekend bij type 2. De wedstrijd van type 3, die hoofdzakelijk op Zundertse grond plaatsvindt, vindt daarentegen maar een weekend per jaar plaats met hooguit 100 deelnemers. Omdat de wedstrijden van type 1 en 2 aanzienlijk meer deelnemers hebben en frequenter plaatsvinden, vindt het project grotendeels op Bredase grond plaats.

Ook het argument over de natuurbestemming in Zundert sneuvelde. Uit de aanvraag bleek dat de wedstrijden op het perceel met de natuurbestemming niet door het beboste gedeelte gaan, zodat de afwijking daar niet groter of ingrijpender is dan de afwijking op de gronden met een agrarische bestemming. Omdat Breda het bevoegd gezag was, was geen verklaring van geen bedenkingen van de raad van Zundert vereist.

Hoe zit dit onder de Omgevingswet?

Artikel 2.4 Wabo is per 1 januari 2024 vervallen, maar heeft een rechtstreekse opvolger voor precies dit scenario: artikel 5.14 van de Omgevingswet (“bevoegd gezag grondgebiedoverstijgende aanvraag”). Dit artikel legt, net als het vroegere artikel 2.4 Wabo, de bevoegdheid bij de gemeente (of het waterschap of de provincie) waar de activiteit in hoofdzaak wordt verricht. Het verschil met de Wabo zit niet in het criterium zelf, maar in de plaats waar het is geregeld: onder de Wabo was het zwaartepuntcriterium verwerkt in dezelfde bepaling die ook de hoofdregel gaf (artikel 2.4, eerste lid), terwijl de Omgevingswet dit opknipt in een algemene hoofdregel (artikel 5.8: het college van burgemeester en wethouders, tenzij een ander orgaan is aangewezen) en een aparte, specifieke bepaling voor grensoverschrijdende activiteiten (artikel 5.14). De kernoverwegingen uit de uitspraak - dat oppervlakte alleen niet doorslaggevend is en dat intensiteit, frequentie en deelnemersaantallen moeten worden meegewogen bij de vraag waar een activiteit 'in hoofdzaak' wordt verricht - blijven daarom onverkort van belang bij de toepassing van artikel 5.14 Ow.

Heeft u vragen over een grondgebiedoverstijgende aanvraag, neem dan gerust contact op.

Gerelateerd

Nadeelcompensatie bij bomenkap?

Op 24 juli 2026 heeft de rechtbank Rotterdam een opvallende uitspraak gedaan over de toekenning van nadeelcompensatie aan een grondeigenaar ter vergoeding van...

Hotelappartementen in Amsterdam Oud-West na twaalf jaar toegestaan

Een verlaten hoek in Amsterdam Oud-West, al sinds 2010 braakliggend. Buurtbewoners die al meer dan tien jaar vechten voor woningen op die plek. Een...

Wetsvoorstel Wijzigingswet Omgevingswet: onteigening en nadeelcompensatie

Het wetsvoorstel voor de Wijzigingswet Omgevingswet stelselaspecten voorziet in wetswijzigingen die het stelsel van de Omgevingswet raken. Het doel is de...

Tweede bekrachtigingsuitspraak Raad van State: onteigening onder de Omgevingswet verder ingevuld

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 8 juli 2026 een tweede bekrachtigingsuitspraak gedaan over de onteigening voor het project...

Maatregelenpakket stikstof: wat betekent dit voor uw project?

Afgelopen vrijdag, op 26 juni 2026, presenteerde het kabinet het langverwachte Maatregelenpakket stikstof. Dit pakket beoogt de al jaren vastgelopen...

Bekrachtigingsuitspraak Palace Wyck: onteigeningsbelang en algemene beginselen van behoorlijk bestuur

Bij uitspraak van 24 maart 2026 heeft de Rechtbank Limburg de onteigeningsbeschikking van de raad van Maastricht bekrachtigd voor de onteigening van een woning...
No posts found