Doorlooptijd ontslagprocedure bij het UWV vanaf 1 juli 2015

5 februari 2015
Onderdeel van het nieuwe ontslagrecht is dat het UWV enkel nog ontslag kan worden verzocht in de situatie van bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid. Bij alle andere ontslaggronden zal de werkgever zich direct tot de kantonrechter moeten wenden. De ontslagprocedure bij het UWV is voor veel werkgevers al een bekende weg. Op een aantal onderdelen zal de procedure echter veranderen. Eén van de belangrijkste veranderingen is de doorlooptijd. Op dit moment geldt nam...
In dit artikel
6

Onderdeel van het nieuwe ontslagrecht is dat het UWV enkel nog ontslag kan worden verzocht in de situatie van bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid. Bij alle andere ontslaggronden zal de werkgever zich direct tot de kantonrechter moeten wenden.


De ontslagprocedure bij het UWV is voor veel werkgevers al een bekende weg. Op een aantal onderdelen zal de procedure echter veranderen. Eén van de belangrijkste veranderingen is de doorlooptijd. Op dit moment geldt namelijk dat een werknemer van het UWV twee weken de gelegenheid krijgt om op de ontslagaanvraag te reageren. Als het UWV een tweede schriftelijke ronde nodig acht (wat bij het voeren van een inhoudelijk verweer meestal de situatie is), dan krijgt de werkgever 10 dagen om op het verweer van de werknemer te reageren. Vervolgens krijgt de werknemer weer 10 dagen om daarop te reageren. Daarna wordt de aanvraag aan de Ontslagadviescommissie (OAC) voorgelegd. Meestal wordt binnen zes tot acht weken na indiening van de ontslagaanvraag door het UWV beslist.


De wetgever ziet graag dat dat in de toekomst sneller gaat. Vanaf 1 juli 2015 moet een ontslagprocedure in principe een totale doorlooptijd hebben van vier weken. De werknemer krijgt nog steeds twee weken de gelegenheid om verweer te voeren tegen de ontslagaanvraag. Als een tweede schriftelijke ronde volgens het UWV nodig is, dan krijgen beide partijen een termijn van 7 dagen in plaats van de huidige 10 dagen. De inzet van een tweede schriftelijke rond wordt echter sterk beperkt tot ruim minder dan de helft van alle ontslagzaken. Daarnaast – en dit is een belangrijke wijziging – zal de OAC lang niet meer in alle gevallen worden betrokken bij beslissingen van het UWV, maar enkel nog in maximaal 5% (!) van alle ontslagprocedures. Thans is dit nog 100%. In de toekomst wordt de OAC namelijk alleen nog betrokken bij zaken betreffende een ontslag om bedrijfseconomische redenen, waarin twijfel kan bestaan over de te nemen beslissing en waar (sector)specifieke kennis van de leden van de OAC een toegevoegde waarde kan hebben. Bij ontslagen op grond van langdurige arbeidsongeschiktheid wordt de OAC helemaal niet meer betrokken. Tot slot zal om de snelheid te vergroten de procedure worden gedigitaliseerd. Zie voor het voorgaande de Memorie van Antwoord van 1 mei 2014 (Kamerstukken II 2013/14, 33818, C, p. 55).


Wat betekent dit voor de te verwachten doorlooptijd? Volgens de regering zal in geval van ontslag om bedrijfseconomische redenen 70% van de zaken binnen vier weken, 5% binnen vijf weken en 25% binnen zeven weken worden afgehandeld. Bij zaken vanwege langdurige arbeidsgongeschiktheid zal 60% binnen vier weken worden afgehandeld en 40% binnen acht weken.


Hiermee wordt weliswaar een snellere doorlooptijd behaald, maar het uitgangspunt dat in 70% van de verzoeken gegrond op bedrijfseconomische redenen maar één schriftelijke ronde zal plaatsvinden en geen advies aan de OAC wordt gevraagd zal mogelijk ten koste gaan van de kwaliteit van de beslissingen. In feite zal het UWV door deze tijdsdruk vaker moeten beslissen aan de hand van minder of onvolledige informatie. Tenslotte worden in tweede schriftelijke rondes vaak nog belangrijke argumenten aangedragen, die straks (mogelijk) worden gemist. Met name de werkgever zal hierbij oplettendheid moeten betrachten. Die kan niet meer volstaan met een onvolledige ontslagaanvraag ingediend onder het mom dat, als de werknemer inhoudelijk verweer besluit te voeren, in de tweede schriftelijke ronde altijd nog een nadere motivering kan worden gegeven.


De keerzijde van het nieuwe ontslagrecht is dat werkgever en werknemer de uitkomst van de ontslagprocedure kunnen laten toetsen door de rechter. Ik kan mij goed voorstellen dat één van de gevoerde argumenten zal zijn dat de beslissing van het UWV niet juist tot stand is gekomen, omdat geen tweede schriftelijke ronde is gevoerd en/of geen advies aan de OAC is gevraagd, waar dit wel geëigend was.


Gerelateerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...

Stappenplan pensioentransitie: van analyse naar implementatie vóór 2028

De pensioentransitie vraagt om een gestructureerde aanpak. Werkgevers en sociale partners hebben tot 1 januari 2028 de tijd om hun pensioenregelingen in lijn...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen