Evenredigheid in het bestuursrecht

9 juli 2021

De staatsraden A-G Wattel en Widdershoven hebben op 7 juli 2021 een conclusie genomen over de rechterlijke toetsing bij niet-bestraffende bestuurlijke maatregelen en de rol die het evenredigheidbeginsel daarbij moet spelen. De toeslagenaffaire heeft geleerd dat de rechtsbescherming bij deze besluiten tekort kan schieten en dat rechterlijke toetsing niet altijd leidt tot correctie van onevenredige besluiten. Ook de wetgever is naarstig op zoek naar oplossingen om dergelijke onevenredige uitkomsten in de toekomst te voorkomen.

Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

Het evenredigheidsbeginsel is neergelegd in artikel 3:4 lid 2 Awb. Dit artikel bepaalt dat de voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen.

Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat een bestuursrechter de door een bestuursorgaan op grond van artikel 3:4 lid 2 Awb verrichte belangenafweging slechts terughoudend kan toetsen. In aanvulling hierop is overwogen dat het evenredigheidsbeginsel samenhangt met de context waarin het een rol speelt: bij verschillende typen besluiten zal toepassing van het evenredigheidsbeginsel een andere uitwerking krijgen. Dit betekent dat de uitkomst van de rechtelijke toets mede afhankelijk is van het type besluit en de bestuurlijke context. Bij toetsing aan het evenredigheidsbeginsel maakt de ABRvS een onderscheid tussen bestraffende en niet-bestraffende sancties. Bij bestraffende sancties, zoals een bestuurlijke boete, wordt indringend getoetst aan het evenredigheidsbeginsel. Dat komt omdat sancties waar leedtoevoeging voorop staat worden gelijkgesteld met een ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM. Bij niet-bestraffende sancties, zoals een woningsluiting of een dwangsom, wordt een terughoudende benadering op zijn plaats geacht. De bestuursrechter beoordeelt in dit geval slechts “of het bestuursorgaan bij afweging van alle betrokken belangen in redelijkheid tot dit besluit heeft kunnen komen”.

Conclusie A-G Wattel en Widdershoven

Wattel en Widdershoven bepleiten een aanpassing van de rechtelijke evenredigheidstoets voor niet-bestraffende sancties. Zij stellen een geïntegreerde benadering voor waarin het evenredigheidsbeginsel van artikel 3:4 lid 2 Awb wordt afgestemd op de Europeesrechtelijke evenredigheidsbeoordeling. Dat zou betekenen dat de toepassing van sancties en sanctiestelsels in Nederland wordt onderworpen aan de EU-rechtelijke doel-middeltoetsing op (i) geschiktheid, (ii) noodzakelijkheid en (iii) evenredigheid. Dit laatste toetsingselement vertaalt zich naar een nadrukkelijkere beoordeling van de hoogte of duur van een bestuurlijke maatregel. In omgevingsrechtelijke zaken waarin het Unierechtelijke evenredigheidsbeginsel wordt toegepast door de ABRvS komt een toetsing aan de hand deze drietrapsraket al terug (zoals de zaak Appingedam).

Gedifferentieerd toetsingskader

De staatsraden A-G pleiten voor een gedifferentieerde toetsing van het evenredigheidsbeginsel met variabele intensiteit. Zij formuleren hiervoor twee belangrijke oriëntatiepunten. In de eerste plaats zou de aard en het gewicht van de bij het sanctiebesluit betrokken belangen moeten worden meegewogen. Daarbij kan een onderscheid worden gemaakt tussen tweepartijgeschillen (overheid vs. burger) en omgevingsrechtelijke geschillen waarbij er meerdere belanghebbenden zijn. In dat laatste geval moet het bestuursorgaan een grote beslissingsruimte worden gelaten en is een meer terughoudende toetsing aangewezen.

Het tweede oriëntatiepunt is de ingrijpendheid van het sanctiebesluit en de mate waarin het fundamentele rechten van betrokkenen aantast. Hierbij overwegen de staatsraden expliciet dat ook een niet-bestraffende sanctie fundamentele rechten kan aantasten. Gaat het om een inbreuk op het door artikel 8 EVRM beschermde privéleven of is er anderszins sprake van een ingrijpende sancties zoals woningsluitingen en het intrekken van een vergunning, dan moet de rechter geïndividualiseerd en indringend toetsen. Bij minder-ingrijpende sancties dient terughoudender te worden getoetst.

Reikwijdte evenredigheidstoets

In de tweede plaats stellen de staatsraden A-G dat de rechterlijke evenredigheidstoets niet moet worden beperkt door de Grondwet of enig andere (beleids)regel. Op basis van het leerstuk van de exceptieve toetsing kan de bestuursrechter bepalen dat een regel buiten toepassing moet worden gelaten als deze onvoldoende ruimte biedt voor toetsing aan artikel 3:4 Awb. Dat geldt in de regel ook voor algemeen verbindende voorschriften, waarvoor de ABRvS in haar uitspraak van 12 februari 2020 een beoordelingskader heeft ontwikkeld. Het toetsingsverbod van artikel 120 Grondwet staat echter in veel gevallen aan toetsing van formele wetten in de weg. De staatsraden A-G zijn van oordeel dat de tijd rijp is voor een afschaffing van dit toetsingsverbod, zodat in de toekomst ook wetsbepalingen van dwingend recht kunnen worden getoetst aan algemene rechtsbeginselen zoals het evenredigheidsbeginsel.

Wetswijzigingen in de maak

Interessant is dat ook de formele wetgever niet stilzit. Het kabinet overweegt diverse wijzigingen in de Awb, zo blijkt uit een Kamerbrief van 29 juni 2021. Het streven is om in het voorjaar van 2022 een wetsvoorstel in consultatie te geven met daarin maatregelen die meer mogelijkheden én verplichtingen bevatten voor bestuursorganen om maatwerk te leveren bij beslissingen die burgers rechtstreeks treffen. Zo wordt onder meer nagedacht over een voorziening in de Awb waarmee bestuursorganen, en daarmee ook indirect de bestuursrechter, van een dwingende bepaling van formeel recht kunnen afwijken.

Tot slot

De conclusie van de staatsraden A-G biedt een interessant overzicht van de ontwikkeling van het evenredigheidsbeginsel als toetsingsmaatstaf voor bestuursrechtelijke sancties. Hoewel de ABRvS zich nog niet heeft uitgesproken over aanpassing van de huidige evenredigheidstoets, ligt het naar ons oordeel in de lijn der verwachting dat niet-bestraffende sancties, met name in tweepartijgeschillen tussen overheid en burger zoals belastingzaken, in de toekomst indringender zullen worden getoetst. Wij volgen de jurisprudentie van de ABRvS en de ontwikkelingen in de wetgeving op de voet.

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Jeroen Niederer of Joyce de Bruijn, advocaten bij de sectie Overheid en Vastgoed en specialisten bestuurs- en omgevingsrecht.

Gerelateerd

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
Afdeling bestuursrechtspraak bekrachtigt onteigeningsbeschikking onder de Omgevingswet in hoger beroep

Raad van State: eerste uitspraak in hoger beroep bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Op 4 februari 2026 heeft de Afdeling voor het eerst in hoger beroep uitspraak gedaan in een procedure tot bekrachtiging van een onteigeningsbeschikking onder...

Gerechtshof Den Haag: Veevoerproducenten hebben geen recht op nadeelcompensatie voor omzetderving door uitkoop veehouderijen

In zijn arrest van 27 januari 2026 heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld dat twee veevoerproducenten geen recht hebben op nadeelcompensatie voor...

Novelle bij de Wet versterking regie volkshuisvesting: aanpassing regeling voorkeursrecht Omgevingswet

Op 13 januari 2026 heeft de regering een novelle bij het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) ingediend bij de Tweede Kamer. De novelle...

Wegwijs in de Wegenwet

In Nederland zijn de meeste wegen in eigendom en beheer van een overheidslichaam. Een kleiner deel van de wegen is eigendom van particuliere partijen. Voor...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

09
april
2026
Seminar
Aanbesteding & Mededinging
Actualiteitenbijeenkomst Aanbestedingsrecht 2026

Het is inmiddels een begrip in aanbestedingsland: de Dirkzwager Actualiteitenbijeenkomst in Nijmegen-Lent. Hopelijk bent u er dit jaar ook (weer) bij op 9 april 2026.

Nijmegen
13:30 - 17:45
21
april
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Kwaliteitsregistraties: nieuwe verplichtingen, aandachtspunten en kansen sinds 1 januari 2026

De Wet kwaliteitsregistraties zorg (Wkz) verandert de manier waarop kwaliteitsregistraties in de zorg worden gebruikt om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren.   Een kwaliteitsregistratie verzamelt patiëntgegevens bij verschillende zorgaanbieders om de kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld bij een bepaalde aandoening, te meten en te verbeteren. Deze wet introduceert een wettelijke plicht voor zorgaanbieders om patiëntgegevens aan te leveren aan de kwaliteitsregistratie. Dat biedt kansen: toestemming van de patiënt is niet langer het uitgangspunt, maar vraagt tegelijkertijd om herziening van het interne beleid, waarbij aandacht moet zijn voor de privacyrechtelijke implicaties van de wet (waaronder de inrichting van een opt-out).

Wat betekent dit concreet voor uw organisatie en wat moet u regelen? Onze specialisten geven een compleet en praktisch overzicht van wat de wet verlangt, zodat u weet waar bijsturing nodig is en waar kansen liggen.

Online
10.00 - 11.30
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen