De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Gerechtshof: geen redelijke verwachting legale software bij 150 euro betalen voor software die 6000 euro kost

Gerechtshof: geen redelijke verwachting legale software bij 150 euro betalen voor software die 6000 euro kost

Het Gerechtshof Den Bosch heeft in een geschil over een tweedehands laptop geoordeeld dat een koper die weet dat bepaalde software erg duur is, niet mag verwachten dat niettemin voor 150 euro een legaal exemplaar van de software op de laptop wordt geplaatst. Bovendien overweegt het Hof dat het gebruik van de software voor eigen risico van de laptopeigenaar is.
Auteur artikel Mark Jansen
Gepubliceerd 22 oktober 2020
Laatst gewijzigd 22 oktober 2020
Leestijd 

Het Gerechtshof Den Bosch heeft in een geschil over een tweedehands laptop geoordeeld dat een koper die weet dat bepaalde software erg duur is, niet mag verwachten dat niettemin voor 150 euro een legaal exemplaar van de software op de laptop wordt geplaatst. Bovendien overweegt het Hof dat het gebruik van de software voor eigen risico van de laptopeigenaar is.

Koop laptop met software

De casus is ontzettend overzichtelijk. Een eenmanszaak koopt op 19 september 2017 een tweedehands laptop. De laptop zou specifiek geschikt moeten zijn om een bepaald technische programma op te gebruiken. De verkoper heeft die geschiktheid aangetoond door te laten zien dat inderdaad een versie van die software op de laptop was geïnstalleerd. Op de factuur wordt ook 150 euro in rekening gebracht voor "software" (zonder verdere specificatie).

Constatering illegaal gebruik

De koper leent de laptop uit aan een technisch tekenbureau.

Vervolgens wordt door de rechthebbende op de software geconstateerd dat de software bij dat tekenbureau illegaal wordt gebruikt (ik vermoed via phone home functionaliteit). Het technisch tekenbureau wordt daarop aangeschreven.

Na wat correspondentie schikt de koper van de laptop vervolgens voor 7.500 euro met de rechthebbende voor een licentie en een jaar onderhoud. 

Koper spreekt verkoper aan

Daarop spreekt de koper de verkoper aan. De verkoper stelt dat hij slechts een proefversie op de laptop heeft geinstalleerd en niet weet of verantwoordelijk is voor wat er na verkoop met de laptop gebeurt.

Gerechtshof: wat is overeengekomen?

Het Hof toetst allereerst wat partijen zijn overeengekomen. Het Hof stelt vast dat de koper moet onderbouwen dat is overeengekomen dat een legale versie van de software zou worden geleverd. De koper is daar op voorhand niet in geslaagd.

Het Hof overweegt zelfs dat de opvatting van de koper dat hij voor 150 euro legale software mocht verwachten op voorhand niet aannemelijk is:

De stelling van [geïntimeerde] , dat [appellant] een legale versie van [softwareprogramma] moest leveren, is niet aanstonds aannemelijk. Het is [geïntimeerde] die in het kader van zijn bedrijfsvoering gebruik wilde maken van dit specifieke ontwerpprogramma [softwareprogramma] voor het maken van tekeningen voor metaalconstructies. Ook al zou [geïntimeerde] niet hebben geweten wat de kosten van een legale versie van [softwareprogramma] waren, dan nog geldt dat een bedrijf dat zich professioneel bezig houdt met het ontwerpen van metaalconstructies en daarvoor een dergelijk ontwerpprogramma nodig heeft, niet redelijkerwijs mag verwachten dat voor de prijs van in totaal € 150,00 exclusief btw een legale versie van een dergelijk ontwerpprogramma wordt geleverd. Dat dit desondanks wel is afgesproken, blijkt niet uit de factuur en evenmin uit enig ander document.

Hof: discussie over trialversie niet relevant, gebruik voor eigen risico

Het Hof vervolgt met de constatering dat de discussie of er nu wel of niet is overeengekomen dat een trial-versie zou worden geïnstalleerd niet relevant is. 

Verder stelt het Hof dat het gebruik van de software op de laptop voor eigen risico van de koper is, zelfs als de verkoper daarop een illegale versie zou hebben geinstalleerd. De gebruiker zou dan namelijk beter hebben moeten weten:

Als de levering van een legale versie van [softwareprogramma] niet is overeengekomen, komt het gebruik van de illegale versie van [softwareprogramma] , die zich (volgens [geïntimeerde] ) op de laptop bevond, voor risico van [geïntimeerde] zelf. Dit geldt ook als [geïntimeerde] [appellant] terecht zou verwijten dat de enkele aanwezigheid van de illegale versie een tekortkoming is in een verplichting om een opgeschoonde laptop te leveren. Er is namelijk geen goede reden om aan te nemen dat [geïntimeerde] redelijkerwijs mocht verwachten dat het een legale versie van een dergelijk kostbaar ontwerpprogramma betrof, als de levering daarvan niet was overeengekomen. Als [geïntimeerde] een legale versie wilde gebruiken, had hij behoren na te vragen of de versie legaal was. Er zijn geen of onvoldoende feiten of omstandigheden naar voren gebracht waaruit volgt dat uit de onderhavige overeenkomst een waarschuwingsplicht voor [appellant] voortvloeide ten aanzien van het gebruik van de versie van [softwareprogramma] die op de laptop stond.

Hof: de koper had meer kennis dan de verkoper over de software

Ook wijst het Hof er uitdrukkelijk op dat de verkoper niet deskundig gehouden hoeft te worden inzake deze software. Het is juist de koper die hier veel meer van wist. Op verkoper rust dan ook geen waarschuwingsplicht:

Evenmin heeft [geïntimeerde] feiten of omstandigheden aangedragen die het oordeel rechtvaardigen dat hij [appellant] voor deskundig mocht houden ten aanzien van [softwareprogramma] en de kosten daarvan. Het was [geïntimeerde] zelf die voor een bepaald project dit specifieke programma wilde gaan gebruiken en [appellant] moest een laptop leveren die daarvoor geschikt was. Er valt dan ook niet in te zien waarom op [appellant] een verplichting rustte om [geïntimeerde] te waarschuwen voor de kosten van een licentie voor het gebruik van [softwareprogramma] . Een dergelijke verplichting vloeide in elk geval niet voort uit art. 7:754 BW, omdat de verkoop van de laptop, al dan niet met een legale versie van [softwareprogramma] , niet kan worden gekwalificeerd als aanneming van werk.

Slotopmerking

Het arrest is nog een tussenarrest, dus de kwestie kan nog kantelen indien de koper aantoont dat is overeengekomen dat een legale versie van de software zou worden geleverd. Dat lijkt echter op voorhand wel een erg lastige kwestie.

Tegelijkertijd roept de kwestie wel de vraag bij me op waar die 150 euro dan voor is betaald. Dat wordt vooralsnog niet duidelijk. 

Het arrest laat verder zien dat het Hof, zeker bij een deskundige gebruiker, in de basis uitgaat van eigen verantwoordelijkheid rondom het gebruik van software. Een klacht hierover aan de verkoper is, in ieder geval in dit soort deskundigheidsverhoudingen, dus lastig. Mogelijk dat het wel anders ligt in de deskundigheid anders verdeeld ligt.