Zoeken
  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Hoge Raad over slapende dienstverbanden. Ontslagplicht?

Hoge Raad over slapende dienstverbanden. Ontslagplicht?

BREAKING NEWS: Vandaag heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan over de vraag of een werkgever een slapend dienstverband met een werknemer moet beëindigen onder uitbetaling van de transitievergoeding.
Auteur artikelBoy Stenden
Gepubliceerd08 november 2019
Laatst gewijzigd11 november 2019
Leestijd 

Wat is een slapend dienstverband?

De problematiek over slapende dienstverbanden is al jaren onderwerp van discussie. Het “slapend” houden van een dienstverband houdt in dat een werkgever een arbeidsongeschikte werknemer na twee jaar arbeidsongeschiktheid – onbetaald - in dienst houdt. Door het dienstverband niet te beëindigen hoeft de werkgever geen transitievergoeding te betalen. Volgens schattingen zouden er inmiddels enkele duizenden tot tienduizenden slapende dienstverbanden zijn.

De laatste jaren is veelvuldig geprocedeerd over de vraag of een werkgever gedwongen kan worden om het dienstverband te beëindigen en de transitievergoeding aan de werknemer uit te betalen. Een ontslagplicht is in de rechtspraak niet aangenomen. Ook vorderingen uit hoofde van goed werkgeverschap werden steevast afgewezen.

Compensatieregeling

Dit veranderde enigszins nadat duidelijk werd dat de wetgever een compensatieregeling in het leven riep, die vanaf 1 april 2020 in werking treedt. De regeling compenseert de door werkgevers aan werknemers vanaf 1 juli 2015 betaalde transitievergoedingen in verband met langdurige arbeidsongeschiktheid. De compensatieregeling maakte dat de rechter in enkele gevallen oordeelde dat de werkgever wél gehouden was om de arbeidsovereenkomst met een langdurige arbeidsongeschikte werknemer te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding. Zo slaagde mijn kantoorgenoot mr. Hoving er als één van de eerste in om op 28 maart 2019 een dergelijke uitspraak af te dwingen.

Prejudiciële vragen

In een zaak voor de rechtbank Limburg heeft de advocaat van de werknemer een ietwat andere benadering aan de rechter voorgelegd. De werknemer betoogde dat, op grond van de omgekeerde Stoof/Mammoet benadering, de werkgever verplicht is om in te gaan op een redelijk voorstel van de werknemer tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst onder betaling van de transitievergoeding. Er zijn vervolgens op 10 april 2019 prejudiciële vragen aan de Hoge Raad gesteld.

Conclusie A-G

In september 2019 heeft Advocaat-Generaal De Bock een onafhankelijk advies gegeven aan de Hoge Raad. Advocaat-Generaal De Bock concludeerde dat het minder voor de hand ligt om de problematiek van het slapend dienstverband te benaderen via de maatstaf uit het Stoof/Mammoet-arrest. Advocaat-Generaal De Bock neemt als uitgangspunt dat het goed werkgeverschap meebrengt dat de werkgever gehouden is om het slapende dienstverband van de langdurige arbeidsongeschikte werknemer met wederzijds goedvinden te beëindigen onder toekenning van de transitievergoeding, tenzij dit redelijkerwijs niet van de werkgever kan worden gevergd.

Hoge Raad

De Hoge Raad volgt in vergaande mate de Conclusie van de Advocaat-Generaal. De Hoge Raad overweegt dat de werkgever op grond van goed werkgeverschap gehouden is in te stemmen met een voorstel van de werknemer tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden onder toekenning van de wettelijke transitievergoeding. Op dit uitgangspunt wordt een uitzondering aanvaard als de werkgever een gerechtvaardigd belang heeft bij instandhouding van de arbeidsovereenkomst.

Heeft u vragen over slapende dienstverbanden en de hoogte van de te betalen transitievergoeding, neemt u dan gerust contact met ons op via 024 - 381 31 24.