Kerninstrumenten Omgevingswet: de omgevingsvisie

30 augustus 2021

De Omgevingswet verplicht overheden nieuwe kerninstrumenten te gebruiken voor het beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving. In een reeks korte en praktische artikelen gaan wij nader in op elk van deze zes instrumenten. In dit eerste artikel bespreken wij de omgevingsvisie.

Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

De omgevingsvisie is een samenhangend strategisch plan over de fysieke leefomgeving. In een omgevingsvisie wordt bepaald hoe de taken van een bestuursorgaan worden ingevuld en worden de verdere ambities voor de lange termijn geformuleerd. Artikel 3.1 van de Omgevingswet biedt de juridische grondslag voor de omgevingsvisie. Op grond van deze bepaling zijn gemeenten (lid 1), provincies (lid 2) en de Staat (lid 3) verplicht om één omgevingsvisie vast te stellen.

Artikel 3.2 Omgevingswet stelt eisen aan de inhoud van de omgevingsvisie. De omgevingsvisie geeft een beschrijving van de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving (a), gaat in op de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer en de bescherming en het behoud van het grondgebied (b) en de hoofdzaken van het te voeren beleid op alle relevante terreinen van de fysieke leefomgeving (c). Daarmee bestrijkt de omgevingsvisie de hele breedte van de fysieke leefomgeving zoals bedoeld in de Omgevingswet: van water, milieu, natuur en landbouw tot verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed.

Bij het opstellen van de omgevingsvisie dient het bestuursorgaan rekening te houden met de in artikel 3.3 Omgevingswet genoemde beginselen: het voorzorgsbeginsel, het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron dienen te worden bestreden en het beginsel dat de vervuiler betaalt. Deze beginselen zijn overgenomen uit het milieubeleid van de Europese Unie, maar hebben in het Nederlandse omgevingsrecht een bredere uitwerking gekregen omdat de Omgevingswet méér omvat dan alleen het milieu.

Van structuurvisie naar omgevingsvisie

Met de introductie van de omgevingsvisie verdwijnen de huidige sectorale plannen, zoals de structuurvisie, de natuurvisie, het milieubeleidsplan, het verkeers- en vervoerplan en het waterplan. Onder de Omgevingswet is er één omgevingsvisie waarin het langetermijnbeleid van de gemeente is opgenomen. Dit is géén samenvatting van de sectorale beleidsvisies, maar een integrale afweging van de fysieke leefomgeving. Daarmee heeft de omgevingsvisie een bredere reikwijdte dat de huidige structuurvisie, die alleen ziet op aspecten in het kader van een goede ruimtelijke ordening. De brede reikwijdte wil niet zeggen dat alle onderwerpen in detail moeten worden uitgewerkt: gelet op artikel 3.2 Omgevingswet kunnen de gewenste kwaliteiten en functies op hoofdlijnen worden beschreven.

Net zoals de huidige structuurvisie is de omgevingsvisie vormvrij en zelfbindend. Alleen de bestuursorganen die de omgevingsvisie hebben vastgesteld zijn eraan gebonden. Bestuursorganen moeten echter ook rekening houden met de regels uit omgevingsvisies die door andere (hogere) bestuursorganen zijn opgesteld, zoals de nationale en provinciale omgevingsvisie(s). Gelet op het zelfbindende karakter staat er geen beroep open tegen het besluit tot vaststelling van de omgevingsvisie. Wel moeten de vaststellende bestuursorganen zorg dragen voor inspraak en voorbereiding conform afdeling 3.4 van de Awb. Participatie is daarbij een belangrijk onderdeel.

Participatie

Burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen moeten vroegtijdig bij de vaststelling van de omgevingsvisie worden betrokken. Dit volgt uit artikel 10.7 van het Omgevingsbesluit. In de vorm van een motiveringsplicht dient het vaststellende bestuursorgaan in de omgevingsvisie aan te geven hoe zij de publieksparticipatie heeft uitgevoerd en wat de resultaten daarvan zijn. Participatie is geen sluitstuk, maar de start van de visieontwikkeling. Het betreft juist het betrekken van partijen bij het besluitvormingsproces, voordat de formele besluitvorming van start gaat. Na de participatie wordt een ontwerp omgevingsvisie ter inzage gelegd, waartegen door eenieder zienswijzen kunnen worden ingediend.

Verhouding met het programma

Bestuursorganen kunnen een programma opstellen met beleid en maatregelen. De omgevingsvisie vormt daarvoor de basis. Indien de omgevingsvisie globaal wordt gehouden, dan kunnen bestuursorganen het beleid verder uitwerken in programma’s. De omgevingsvisie kan ook juist een meer uitgewerkte visie zijn, waardoor er met minder programma’s gewerkt kan worden. In het volgende artikel van deze reeks komt het programma aan bod.

Datum inwerkingtreding

Een omgevingsvisie voor gemeenten moet worden vastgesteld voor 1 januari 2025. Na vaststelling geldt de omgevingsvisie voor onbepaalde tijd. Het idee is dat de omgevingsvisie tussentijds kan worden aangepast als dat nodig is.

Meer weten?

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Joyce de Bruijn of een van de andere specialisten omgevingsrecht van Dirkzwager.

Gerelateerd

Wanneer is een vergunning vereist bij projectwijziging?

Voor het wijzigen van een project is niet in alle gevallen een nieuwe vergunning vereist. Wanneer een activiteit wordt aangemerkt als gewijzigde voortzetting...

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
Afdeling bestuursrechtspraak bekrachtigt onteigeningsbeschikking onder de Omgevingswet in hoger beroep

Raad van State: eerste uitspraak in hoger beroep bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Op 4 februari 2026 heeft de Afdeling voor het eerst in hoger beroep uitspraak gedaan in een procedure tot bekrachtiging van een onteigeningsbeschikking onder...

Gerechtshof Den Haag: Veevoerproducenten hebben geen recht op nadeelcompensatie voor omzetderving door uitkoop veehouderijen

In zijn arrest van 27 januari 2026 heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld dat twee veevoerproducenten geen recht hebben op nadeelcompensatie voor...

Novelle bij de Wet versterking regie volkshuisvesting: aanpassing regeling voorkeursrecht Omgevingswet

Op 13 januari 2026 heeft de regering een novelle bij het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) ingediend bij de Tweede Kamer. De novelle...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen