Mag een vertegenwoordiger van een merk dat merk zelf registreren?

19 november 2020

Mag een vertegenwoordiger, agent of distributeur van merkproducten op eigen naam een merkregistratie verrichten, zonder toestemming van houder van dat merk?

Joost Becker
Joost Becker
Advocaat - Partner
In dit artikel

'Agentenmerk'

Bij de vraag of een vertegenwoordiger, agent of distributeur zelf op eigen naam het merk van de merkhouder mag registreren, gaat het over de uitleg van de wettelijke bepaling over het zogenaamde ‘agentenmerk’.

Daarover is in de wet onder meer het volgende opgenomen (artikel 6 septies Unieverdrag van Parijs):

'Indien de agent of de vertegenwoordiger van de houder van een merk in een der landen van de Unie, zonder de toestemming van deze houder de inschrijving van dat merk op eigen naam in één of meer van die landen vraagt, zal de houder het recht hebben om zich te verzetten tegen de gevraagde inschrijving, of om de doorhaling te vorderen, ofwel, indien de wet van het land dit toestaat, om de overdracht van de inschrijving te zijnen behoeve te vorderen, tenzij de agent of vertegenwoordiger zijn handelingen rechtvaardigt.'

en (artikel 8, lid 3, van verordening nr. 207/2009):

'de inschrijving van een merk [wordt] geweigerd indien deze door de gemachtigde of de vertegenwoordiger van de houder op eigen naam en zonder toestemming van de houder wordt aangevraagd, tenzij de gemachtigde of vertegenwoordiger zijn handelwijze rechtvaardigt.'

Overeenstemmend merk

Het Hof van Justitie heeft deze bepalingen uitgelegd in een recent arrest. Eén van de vragen is of deze wettelijke bepalingen van toepassing zijn als niet een gelijk merk, maar een overeenstemmend merk wordt geregistreerd door een agent, vertegenwoordiger of distributeur. Geldt de wet ook in gevallen waarin de conflicterende merken overeenstemmen en dus onder deze bepaling kunnen vallen?

Het Hof oordeelt dat uit de ontstaansgeschiedenis blijkt dat daaruit niet kan worden afgeleid dat de werkingssfeer van deze bepaling beperkt is tot de gevallen waarin de conflicterende merken gelijk zijn. Het Hof wijst daarbij ook op het doel van de wettelijke bepaling van het 'agentenmerk':

‘Zoals het Gerecht in punt 25 van het bestreden arrest correct heeft opgemerkt, beoogt deze bepaling te voorkomen dat de gemachtigde of de vertegenwoordiger van de houder van het oudere merk misbruik maakt van dit merk. Deze personen kunnen immers profiteren van de kennis en de ervaring die ze tijdens de handelsrelatie met de houder hebben opgedaan, en dus ongerechtvaardigd voordeel halen uit de inspanningen en de investeringen die de merkhouder heeft gedaan.’

Merk bij distributieovereenkomst?

Het Hof gaat verder nog in op de vraag wie de ‘gemachtigde’ is in de zin van deze wettelijke bepalingen. Oftewel; kan er ook sprake van een ‘agentenmerk’ indien er sprake is van een distributieovereenkomst (in plaats van agentuur)?

Het Hof gaat uit van een ruime uitlegging van de begrippen „gemachtigde” en „vertegenwoordiger”. Deze kunnen betrekking hebben op ‘alle vormen van relaties die zijn gebaseerd op een contractuele overeenkomst waarbij een van de partijen de belangen van de andere vertegenwoordigt, zodat het voor de toepassing van die bepaling volstaat dat er tussen de partijen een commerciële samenwerkingsovereenkomst bestaat die een vertrouwensrelatie tot stand brengt doordat de aanvrager, uitdrukkelijk of stilzwijgend, een algemene vertrouwens- en loyaliteitsverplichting wordt opgelegd ten aanzien van de belangen van de houder van het oudere merk’.

Er was in de onderhavige kwestie ook sprake van een distributieovereenkomst, waarbij was overeengekomen dat de merkhouder de waren met de benaming „Magic Minerals by Jerome Alexander” aan John Mills zou leveren, en dat John Mills de waren van de houder in de Europese Unie en wereldwijd zou distribueren. John Mills wordt ‘minstens’ als geprivilegieerde distributeur van deze waren bestempel, er gold een non-concurrentiebeding en duidelijk was ter zake de intellectuele-eigendomsrechten dat de merkhouder het oudere merk op deze waren hield. Bovendien dateerde de laatste bestelbon waarmee John Mills „Magic Minerals”-waren heeft besteld bij de merkhouder van slechts ongeveer twee maanden vóór de indiening van het litigieuze merk.

Op grond van deze omstandigheden wordt John Mills als gemachtigde gekenmerkt, wegens het bestaan van de distributieovereenkomst voor het merk, en kan de merkhouder deze bepaling op dit punt inroepen.

De merkhouder wordt aldus beschermd tegen een inschrijvingsaanvraag door de gemachtigde of de vertegenwoordiger, op eigen naam en zonder toestemming van deze houder, en zonder dat de gemachtigde of de vertegenwoordiger zijn handelwijze rechtvaardigt. Dat geldt ook voor overeenstemming van de conflicterende merken. Voor de toepassing daarvan is ook niet vereist te toetsen aan verwarringsgevaar, aldus het Hof.

Zelfde waren merkhouder als distributeur?

Ten slotte oordeelt het Hof dat gekeken moet worden naar de wezenlijke functie van een merk, die erin bestaat de commerciële herkomst van de bedoelde waren of diensten aan te duiden. Om die reden kan de bepaling over het agentenmerk ook ingeroepen worden als het bij door het oudere merk aangeduide waren of diensten niet gaat om dezelfde, maar om soortgelijke waren met die waarvoor het 'agentenmerk' is ingeschreven. Ook de soortgelijkheid van de betrokken waren of diensten moet dus rekening worden gehouden. Dit geldt ook in distributierelaties.

Heeft u vragen over merkgebruik van distributeurs? Schroom dan niet contact met ons op te nemen.

Gerelateerd

Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

09
april
2026
Seminar
Aanbesteding & Mededinging
Actualiteitenbijeenkomst Aanbestedingsrecht 2026

Het is inmiddels een begrip in aanbestedingsland: de Dirkzwager Actualiteitenbijeenkomst in Nijmegen-Lent. Hopelijk bent u er dit jaar ook (weer) bij op 9 april 2026.

Nijmegen
13:30 - 17:45
21
april
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Kwaliteitsregistraties: nieuwe verplichtingen, aandachtspunten en kansen sinds 1 januari 2026

De Wet kwaliteitsregistraties zorg (Wkz) verandert de manier waarop kwaliteitsregistraties in de zorg worden gebruikt om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren.   Een kwaliteitsregistratie verzamelt patiëntgegevens bij verschillende zorgaanbieders om de kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld bij een bepaalde aandoening, te meten en te verbeteren. Deze wet introduceert een wettelijke plicht voor zorgaanbieders om patiëntgegevens aan te leveren aan de kwaliteitsregistratie. Dat biedt kansen: toestemming van de patiënt is niet langer het uitgangspunt, maar vraagt tegelijkertijd om herziening van het interne beleid, waarbij aandacht moet zijn voor de privacyrechtelijke implicaties van de wet (waaronder de inrichting van een opt-out).

Wat betekent dit concreet voor uw organisatie en wat moet u regelen? Onze specialisten geven een compleet en praktisch overzicht van wat de wet verlangt, zodat u weet waar bijsturing nodig is en waar kansen liggen.

Online
10.00 - 11.30
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen