Politiek tumult over uitspraak nabestaandenpensioen terecht?

6 oktober 2020
De Tweede Kamerleden Pieter Omtzigt en Evert-Jan Slootweg (CDA) hebben onlangs opheldering van Koolmees geëist over het nabestaandenpensioen. Op 5 oktober 2020 hebben zij hierover Kamervragen ingezonden.
Frédérique Hoppers
Frédérique Hoppers
Advocaat - Partner
In dit artikel

De Tweede Kamerleden Pieter Omtzigt en Evert-Jan Slootweg (CDA) hebben onlangs opheldering van Koolmees geëist over het nabestaandenpensioen. Op 5 oktober 2020 hebben zij hierover Kamervragen ingezonden. Zij willen weten wat de (juridische) positie van nabestaanden is op het moment dat hun overleden partner in het verleden geconfronteerd is geweest met een wijziging van de partnerpensioenregeling van opbouwbasis naar risicobasis. Aanleiding voor deze Kamervragen is een arrest van het Gerechtshof in Den Bosch van 8 oktober 2019.

Vooraf: verschil nabestaandenpensioen op opbouwbasis en risicobasis
Pensioen gaat lang niet altijd alleen om ouderdomspensioen. Pensioen kan ook een voorziening bieden aan nabestaanden (partners en wezens) bij overlijden van de werknemer, namelijk als de pensioenregeling ook een nabestaandenpensioen bevat. Daarbij kan nabestaandenpensioen zowel op opbouwbasis als op risicobasis bestaan. Bij een nabestaandenpensioen op opbouwbasis spaart de werknemer voor partnerpensioen tijdens de deelneming aan de pensioenregeling. Die opbouw van partnerpensioen stopt als gevolg van een uitdiensttreding, maar de opgebouwde pensioenpot blijft wel staan. Bij partnerpensioen op risicobasis bestaat alleen dekking voor het overlijdensrisico tijdens de deelname (of gedeeltelijk bij het ontvangen van een WW-uitkering). Dit betekent dat zodra de premiebetaling stopt, bijvoorbeeld bij uitdiensttreding, de verzekering komt te vervallen. Juist bij nabestaandenpensioenregelingen op risicobasis – die zeer veel voorkomen – moeten werknemers dus bedacht zijn op een verlies van dekking door uitdiensttreding. Of, bij een indiensttreding bij een nieuwe werkgever, dat de “teller” wat betreft de hoogte van het nabestaandenpensioen weer op nul zou kunnen beginnen (in verband met nul dienstjaren bij de nieuwe werkgever).

Arrest
Het Gerechtshof oordeelde vorig jaar dat een nabestaande toch recht had op partnerpensioen, ook al was het partnerpensioen op risicobasis verzekerd en was de dekking als gevolg van een uitdiensttreding (in 2010) voorafgaand aan het overlijden (in 2015) komen te vervallen. De reden: de in 2015 overleden partner/ex-werknemer had nooit expliciet toestemming gegeven voor de wijziging van het pensioenreglement in 1999.

Er zijn in het verleden veel partnerpensioenregelingen omgezet van opbouwbasis naar risicobasis. Voor deze wijziging is (tenzij de regeling is ondergebracht bij een bedrijfstakpensioenfonds of staat voorgeschreven via een cao) in beginsel instemming van de werknemers vereist, waarbij de werknemers goed geïnformeerd moeten worden over de gevolgen van deze wijziging. In die zin zet de uitspraak wellicht meer nabestaanden aan het denken of het in het verleden wel correct verlopen is. Met andere woorden: had de werknemer in het verleden daadwerkelijk welbewust ingestemd met de wijziging?

Terecht?
Terugkomend op de vraag: is het politiek tumult terecht? Nee en ja. Nee, omdat het hier volgens mij “slechts” gaat om een discussie over een civielrechtelijke aansprakelijkheid van een werkgever en het aan de rechter is om zich een oordeel over de civielrechtelijke positie van partijen te verschaffen. Op het moment dat het wijzigingstraject niet volgens de regels is verlopen, met als algemeen uitgangspunt dat een wijziging van een arbeidsvoorwaarde de instemming van de werknemers behoeft, biedt de wetgeving sowieso al voldoende mogelijkheden om die wijziging ter discussie te stellen. In zoverre is het dus niets nieuws onder de zon. Ja, omdat het nabestaandenpensioen met alle modaliteiten zoals we die nu kennen, in de praktijk inderdaad te veel knelpunten oplevert. Zeker op het moment dat zich een baanswitch of ontslagscenario voordoet. Ik schreef daarover eerder een bijdrage voor HR Rendement.

Nieuwe wetgeving op komst
Koolmees zit ten aanzien van dit onderwerp in ieder geval ook niet stil. Er is onlangs een advies door de Stichting van de Arbeid uitgebracht waarin deze knelpunten ook onderkend worden en in een eerdere Kamerbrief en de Hoofdlijnennotitie van de uitwerking van het Pensioenakkoord zegt Koolmees toe dit advies te zullen overnemen. Met gevolg dat, als het wetgeving wordt, het nabestaandenpensioen meer gestandaardiseerd gaat worden. De standaard wordt dan - kort gezegd - een nabestaandenpensioen dat op risicobasis wordt gefinancierd, dat diensttijd onafhankelijk wordt, met een uniform partnerbegrip en waarbij (meer) mogelijkheden worden gerealiseerd om in geval van een uitdiensttreding de verzekering voor het nabestaandenpensioen te laten voortduren.

Meer aandacht voor nabestaandenpensioen!
Politieke ontwikkelingen die ik alleen maar kan toejuichen. Het gaat immers in de praktijk nog te vaak mis, wat betreft dit onderwerp. Vaak omdat dit onderwerp onvoldoende op het vizier van werknemer en werkgever staat bij een scenario van uitdiensttreding, terwijl de gevolgen verstrekkend (kunnen) zijn. Gevolgen die eenvoudiger aan de werkgever kunnen worden toegerekend, op het moment dat de pensioenregeling niet volgens de arbeidsrechtelijke regels is vastgelegd of gewijzigd.

Mocht een pensioenwijzigingsvraagstuk binnen uw onderneming spelen, of wilt u weten met welke pensioengevolgen u rekening moet houden op het moment dat een ontslagscenario speelt, dan kunt u uiteraard contact met mij opnemen.

Gerelateerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...

Stappenplan pensioentransitie: van analyse naar implementatie vóór 2028

De pensioentransitie vraagt om een gestructureerde aanpak. Werkgevers en sociale partners hebben tot 1 januari 2028 de tijd om hun pensioenregelingen in lijn...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen