1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Rechtbank Arnhem-Leeuwarden: 30%-regeling ook van toepassing op hogeschool-studenten met wo-diploma

Rechtbank Arnhem-Leeuwarden: 30%-regeling ook van toepassing op hogeschool-studenten met wo-diploma

De 30%-regeling is de laatste tijd veel in het nieuws, vooral omdat de regeling aan alle kanten versoberd wordt. Dit maakt het moeilijker voor werkgevers om hooggekwalificeerd personeel uit het buitenland aan te trekken. De potentiële vijver waarin kan worden gevist lijkt daardoor kleiner te worden. Maar, die potentiële vijver, hoe groot is die dan precies? Daarover ging een rechtbankprocedure die we onlangs voerden. Conclusie: De rechtbank Arnhem – Leeuwarden is - met ons – van oordeel dat de reikwijdte van één van de (salaris)voorwaarden voor jonge hoogopgeleide werknemers ruim moet worden uitgelegd. Dit betekent dat niet alleen werknemers met een diploma behaald aan een universiteit, maar ook werknemers met een wo-diploma behaald aan een hogeschool kwalificeren voor toepassing van de 30% regeling.
Leestijd 
Auteur artikel José Niers
Gepubliceerd 08 maart 2024
Laatst gewijzigd 08 maart 2024

In dit artikel gaan we nader in op 

  • Wat is de 30%-regeling en wat zijn de belangrijkste voorwaarden om er voor in aanmerking te komen;
  • De belangrijkste conclusies uit de uitspraak van de rechtbank Arnhem-Leeuwarden;
  • Een drietal tips voor de praktijk (gebaseerd op de uitspraak).

 

De 30%-regeling in het kort

De 30%-regeling is een fiscaal gunstige regeling voor buitenlandse werknemers die in Nederland komen werken en voldoen aan specifieke voorwaarden. De regeling biedt de mogelijkheid om gedurende maximaal vijf jaar een deel van het bruto salaris netto (dus belastingvrij) te ontvangen. Dit netto deel wordt geacht een vergoeding te zijn voor de extra kosten die de werknemer maakt om naar Nederland te komen.

Om in aanmerking te komen voor de regeling, moet je kort gezegd:

 

  • In dienst treden bij een in Nederland gevestigde werkgever (inhoudingsplichtige);
  • In 2/3 van de twee jaar vóór de start van de dienstbetrekking op meer dan 150 kilometer van de Nederlandse grens hebben gewoond (waarbij het gaat om de fiscale woonplaats, die meestal afwijkt van de verblijfplaats). Deze voorwaarde stond niet centraal in de rechtbankprocedure, maar hij kwam in de bezwaarprocedure wel voorbij. Ik kom hier onder ‘tips voor de praktijk’ op terug.
  • ‘Specifieke deskundigheid’, wat tegenwoordig uitsluitend betekent dat de werknemer aan een salarisnorm dient te voldoen. Naast de reguliere (hoge) salarisnorm is er een aparte (lagere) salarisnorm van toepassing voor wo-masterstudenten onder de 30 jaar. De salarisnormen worden jaarlijks geïndexeerd. De lagere salarisnorm is voor 2024 gesteld op € 35.048 na toepassing van de 30%-regeling. De uitleg van deze procedure ging over de invulling van het begrip ‘wo-masterstudent’. Ik ga hier nader op in onder ‘de aanleiding voor de procedure.
  • In het verleden geen langere periodes (meer dan vijf jaar) in Nederland hebben verbleven, gewoond en/of gewerkt.

 

Naast verschillende voordelen voor de werknemer, waarover u meer kunt lezen in onze blog XXXX, heeft toepassing van de 30%-regeling (ook) voor de werkgever tot gevolg dat het belastbare loon, dat de grondslag voor de premies werknemersverzekeringen vormt, wordt verlaagd. Dit uiteraard naast het voordeel dat werkgevers die de 30%-regeling toepassen aantrekkelijker zijn voor hoogopgeleide buitenlandse werknemers.

 

De aanleiding voor de procedure

In deze zaak ging het om een jonge werknemer, bij de start van zijn dienstbetrekking 26 jaar oud, die in 2021 de master Renewable Energy, een wo-opleiding die wordt aangeboden door de Hanzehogeschool Groningen, met succes afrondde. De werknemer komt van origine uit Polen en is speciaal voor zijn masterstudie naar Nederland gekomen. Tijdens zijn studie verbleef hij in een studentenhuis. Waar mogelijk reisde hij terug naar Polen voor het bezoeken van vrienden en familie.  

 

Na zijn studie heeft de werknemer tijdelijk bij een andere werkgever gewerkt, waarna hij (binnen drie maanden) in dienst trad bij zijn huidige werkgever. Deze werkgever heeft voor de werknemer een aanvraag voor toepassing van de 30%-regeling ingediend. Daarbij is met bewijsstukken onderbouwd dat de werknemer voldeed aan alle voorwaarden, waarbij voor de salarisvoorwaarde de lagere norm voor wo-masters onder de 30 was toegepast. De Belastingdienst wees de aanvraag af. Zij was van mening dat de lagere salarisnorm niet van toepassing was omdat de werknemer weliswaar onder de 30 is en een masterdiploma had, maar het diploma was behaald aan een hogeschool. Daardoor kon geen sprake zijn van een opleiding gevolgd in het wetenschappelijk onderwijs, omdat hogescholen niet gericht zijn op het geven van wetenschappelijk onderwijs.

 

De rechtbank deelde de uitleg van de inspecteur niet, en oordeelde dat niet van belang is of een opleiding is gevolgd aan een universiteit dan wel een hogeschool, maar of de opleiding is geaccrediteerd als wo (wetenschappelijk onderwijs)-opleiding. Daarbij onderkent de rechtbank dat er kennelijk een ontwikkeling gaande is dat hbo-instellingen wo-onderwijs kunnen verzorgen, zoals ook wordt bevestigd in de Wet studiefinanciering 2000 en de Variawet hoger onderwijs. De accreditatie van opleidingen in het hoger onderwijs is in Nederland en Vlaanderen belegd bij het NVAO. Nu vaststaat dat de opleiding Renewable Energy is geaccrediteerd als wo-master, is sprake van een wo-masterdiploma. Op de werknemer mag de lagere salarisnorm voor master onder de 30 jaar worden toegepast.

De Belastingdienst heeft inmiddels laten weten geen hoger beroep in te stellen tegen de uitspraak van de Rechtbank Arnhem – Leeuwarden.

 

Tips voor de praktijk

  • Grotere groep in aanmerking voor 30%-regeling

Gelet op het hiervoor besproken oordeel van de rechtbank is de groep werknemers waarvoor een 30%-regeling aan kunt vragen (mogelijk) groter dan velen op het eerste gezicht denken. De lagere salarisnorm van € 35.048 (2024) kan worden toegepast op alle werknemers met een wo-masterdiploma onder de 30, of deze nu zijn gevolgd aan een hogeschool of aan een universiteit. Dit oordeel is bovendien definitief, nu de beroepstermijn reeds is verstreken.

  • Gebruik van het vraag- en antwoordbesluit uit 2014

Tijdens de procedure bij de rechtbank kwam naar voren dat bepaalde antwoorden in het vraag- en antwoordbesluit van 17 december 2014 berusten op een onjuiste uitleg en/of inmiddels achterhaald zijn. Het besluit is namelijk gepubliceerd in een tijd waarin wo-opleidingen alleen konden worden aangeboden door instellingen die gericht waren op het verzorgen van wo-opleidingen (universiteiten). Inmiddels is het geven van wo-onderwijs echter niet meer voorbehouden aan universiteiten, waardoor hogescholen ook wo-onderwijs kunnen en mogen aanbieden. Wij adviseren u daarom om bij het raadplegen van dit besluit kritisch te zijn en er voor te waken dat u het besluit, ten onrechte, in uw nadeel uitlegt.

  • Fiscale woonplaats ≠ verblijfplaats tijdens studie

Wanneer een werknemer in Nederland heeft gestudeerd en hier tijdens zijn studie heeft verbleven, is daarmee nog niet gezegd dat de werknemer in deze periode ook een fiscale woonplaats in Nederland heeft gehad. Dit is van belang voor toetsing van de voorwaarde of de werknemer in 2/3 van de periode van twee jaar voor aanvang van de dienstbetrekking fiscaal gezien op meer dan 150 kilometer van de Nederlandse grens woont. Voor een fiscale woonplaats is van belang dat er een duurzame band van persoonlijke aard met Nederland aanwezig is. Het is niet gezegd dat een internationale student naar Nederland komt om hier een studie te volgen, hier ook vanaf aankomst in Nederland fiscaal gezien woont.

 

Uiteraard kunnen we behulpzaam zijn bij het verkrijgen van een 30% regeling voor uw werknemer. U kunt daarvoor contact met ons opnemen via mail of telefoon (informatie vindt u aan de rechterkant) of met uw vaste aanspreekpunt bij Dirkzwager.