De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Samenwerkingsverbanden in de zorg: de stichting (5)

Samenwerkingsverbanden in de zorg: de stichting (5)

Ontwikkelingen in het zorglandschap noodzaken zorgaanbieders om meer en efficiënter samen te werken. Bij het vormgeven en inrichten van een samenwerkingsverband worden de samenwerkingspartners voor tal van uitdagingen en vraagstukken gesteld. Wat is de beste juridische organisatievorm voor het samenwerkingsverband? Welke civielrechtelijke en fiscale aspecten zijn daarbij van belang? Hoe wordt de interne governance ingericht? Welke mededingingsregels gelden er?
Auteur artikelMarieke van Dongen
Gepubliceerd17 april 2020
Laatst gewijzigd03 mei 2020
Leestijd 

In artikel vijf van deze artikelenreeks samenwerkingsverbanden in de zorg bespreken wij een aantal relevante juridische en fiscale aspecten van de stichting als juridische organisatievorm van het samenwerkingsverband en de interne governance hiervan.

 

Eerdere artikelen die in deze artikelenreeks zijn verschenen:

Contouren van de samenwerking (1)

Samenwerkingsovereenkomst (2)

Personenvennootschap (3)

Rechtspersonen (4)

Besloten vennootschap (6)

Coöperatie (7)

 

Stichting

Een in de zorgsector veel voorkomende samenwerkingsvorm is de stichting. De stichting is een rechtspersoon die geen leden of aandeelhouders heeft (ledenverbod). Een ander kenmerk van de stichting is het uitkeringenverbod dat er op neer komt dat de stichting geen winsten mag uitkeren aan haar oprichters of personen die deel uitmaken van haar (bestuurs)organen. Uitkeringen aan derden zijn slechts toelaatbaar als deze uitkeringen een ideële of sociale strekking hebben.

Juridische kenmerken van een stichting

Naast de in het vorige artikel beschreven kenmerken van een rechtspersoon, kent de stichting de volgende bijzondere kenmerken:

• Maatschappelijke uitstraling.
• Ledenverbod: het ledenverbod brengt mee dat de stichting geen orgaan kent waarin de samenwerkingspartners zijn vertegenwoordigd, zoals de aandeelhoudersvergadering van een B.V. of de algemene ledenvergadering van een coöperatie. Hierdoor is de zeggenschap van de samenwerkingspartners over de stichting lastiger te organiseren dan bij een B.V. of coöperatie.
• Winstuitkeringenverbod: een stichting mag wel winst maken, maar de winst mag niet worden uitgekeerd aan de samenwerkingspartners.
• Risicodragende kapitaalparticipatie van derden is niet mogelijk.
• Governance:
 - Het stichtingenrecht dat is neergelegd in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek schrijft slechts één orgaan voor, namelijk het bestuur.
 - Een toezichthoudend orgaan (raad van toezicht) is niet wettelijk verplicht, tenzij de stichting over een zogenaamde WTZi-toelating beschikt en de Transparantie-eisen WTZi de instelling van een toezichthoudend orgaan voorschrijven.
• Invloed en zeggenschap samenwerkingspartners: de invloed en zeggenschap van de samenwerkingspartners op de activiteiten van de stichting zou op de volgende manieren georganiseerd kunnen worden:
 - Toekennen van de bevoegdheid aan de samenwerkingspartners tot benoeming, schorsing en ontslag van de bestuurders van de stichting.
 - Paritair samengesteld bestuur dat bestaat uit vertegenwoordigers van de samenwerkingspartners.
 - Instellen van een deelnemersraad of adviesraad met goedkeurende of adviserende bevoegdheden.
• Aandachtspunt is de aanwending van het liquidatiesaldo bij opheffing van de stichting en daarmee het samenwerkingsverband.

 

Fiscale kenmerken van de stichting

 

1. Vennootschapsbelasting:

Een stichting is belastingplichtig indien en voor zover met de activiteiten en vermogensbestanddelen een onderneming wordt gedreven of in concurrentie wordt getreden met belastingplichtige ondernemers. Bij de beoordeling of sprake is van het drijven van een onderneming moet worden getoetst op de aanwezigheid van kapitaal en arbeid, deelname aan het economisch verkeer en het beogen van winst. Dat in de statuten het maken van winst is verboden of niet naar winst wordt gestreefd, is fiscaal niet doorslaggevend. Op basis van rechtspraak valt onder het beogen van winst namelijk ook het - anders dan incidenteel - behalen van exploitatieoverschotten. Het maakt dan niet uit dat die overschotten aanvankelijk bedoeld zijn om een buffervermogen op te bouwen.

De wetgever heeft een specifieke vrijstelling opgenomen voor stichtingen met jaarlijks geringe exploitatieoverschotten.

In de zorgsector kan de zorgvrijstelling van toepassing zijn als de werkzaamheden voor 90% of meer bestaan uit in de wet genoemde zorgtaken (werkzaamhedeneis) en de winst van de stichting uitsluitend ten bate komt van organisaties die ook de zorgvrijstelling toepassen of ten bate van het algemeen maatschappelijk belang (winstbestemmingseis). In een besluit van de Staatssecretaris van Financiën zijn kaders voor toepassing van de zorgvrijstelling neergelegd.  

2. Btw:

Een stichting die op duurzame basis tegen vergoeding prestaties verricht (goederenleveringen of diensten), kwalificeert als btw-ondernemer. Over prestaties tegen vergoeding aan en door de stichting is in principe btw verschuldigd.

Afhankelijk van de feitelijke omstandigheden kan een btw-vrijstelling van toepassing zijn of kan de heffing van btw anderszins worden voorkomen. Voor de zorgsector is dit een specifiek aandachtspunt, omdat de inkoop-btw op kosten doorgaans niet of beperkt aftrekbaar is.

3. Loonheffingen:

Binnen een stichting oefent het bestuur het hoogste gezag uit. Een bestuurder staat in beginsel niet in gezagsverhouding tot een stichting waardoor er geen sprake is van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. De diverse wetten voor de loonheffingen kennen nog een aantal fictieve dienstbetrekkingen, maar deze zijn niet van toepassing op de bestuurder van een stichting. In dat geval is er geen sprake van het inhouden en afdragen van loonheffingen over de beloning van de bestuurder. Dit kan anders zijn wanneer de stichting een Raad van Toezicht kent waaraan de bestuurder verantwoording moet afleggen. In dat geval is mogelijk wel sprake van een gezagsverhouding en daarmee van een dienstbetrekking voor de loonheffingen.
De diverse loonheffingswetten kennen ook nog de mogelijkheid om te opteren voor een dienstbetrekking. Hoewel er geen (fictieve) dienstbetrekking aanwezig is, wordt, op verzoek van de werkgever en bestuurder, de verhouding voor de loonbelasting en zorgverzekeringswet aangemerkt als fictieve dienstbetrekking. Het verzoek om te opteren voor een fictieve dienstbetrekking moet worden ingediend bij de Belastingdienst voor de eerste loonbetaling. Wordt hiervoor geopteerd, dan kan de bestuurder bijvoorbeeld deelnemen aan de pensioenregeling van de stichting.

4. Schenkbelasting:

Vermogens- of exploitatiebijdragen van oprichters of derden kunnen voor de stichting een belastbare verkrijging zijn voor de schenkbelasting. In samenwerkingsverbanden met een zakelijke of ideële doelstelling zal daar overigens niet snel sprake van zijn. Onder bepaalde omstandigheden zal de stichting de ANBI-status kunnen verwerven waardoor verkrijgingen uit schenkingen en nalatenschappen vrijgesteld zijn van schenk- en erfbelasting.

Aandachtspunten

Zie het artikel over Rechtspersonen (4) voor aandachtspunten bij de inrichting van een samenwerkingsverband door middel van rechtspersonen.

Contact

Wilt u meer weten over het vormgeven van samenwerkingsverbanden in de zorgsector? Neem dan gerust contact met ons op. Ons kantoor beschikt over een multidisciplinair team met advocaten, (kandidaat)notarissen en fiscalisten dat gespecialiseerd is in geïntegreerde advisering over de (rechts)vorm, organisatie-, governance- en medezeggenschapstructuur van samenwerkingsverbanden in de zorgsector, alsmede het oprichten hiervan.

 

Lezingenreeks Zorg & Recht

Op het moment van schrijven van dit blog is het onzeker of de Zorg & Recht lezing over samenwerkingsverbanden in de zorgsector van 26 mei a.s. in de huidige vorm door gaat. Wij onderzoeken momenteel de mogelijkheden voor (online) alternatieven. Indien u hiervan op de hoogte gehouden wil worden, stuur dan een verzoekje naar marketing@dirkzwager.nl, of hou onze website www.dirkzwager.nl/events in de gaten. Mensen die zich reeds hebben aangemeld ontvangen nog persoonlijk bericht hierover.

Beoordeel dit artikel