Afdeling bevestigt dat vergelijkbaar maar intensiever gebruik ook “afwijkend gebruik” is

1 februari 2011

De raad van de gemeente Zuidplas (voorheen: de gemeente Zevenhuizen-Moerkapelle) heeft gronden aangewezen waarop de Wet voorkeursrecht gemeenten van toepassing is. In (hoger) beroep stond ter beoordeling of het huidige gebruik van de gronden wel afwijkt van het beoogde gebruik daarvan.

Hanna Zeilmaker
Hanna Zeilmaker
Advocaat - Partner
In dit artikel

De voorzieningenrechter heeft onder verwijzing naar de Memorie van Antwoord bij de Wvg overwogen dat de raad afdoende heeft gemotiveerd dat het toekomstige gebruik intensiever is dan het huidige gebruik van de percelen. Appellant is van mening dat de voorzieningenrechter zijn uitspraak ten onrechte heeft gebaseerd op één zinsnede uit de Memorie van Antwoord bij de Wvg, namelijk “ook wanneer die bestemming voorziet in een vergelijkbaar maar beter of intensiever gebruik dan het bestaande, zal geredelijk van een afwijkend gebruik kunnen worden gesproken”. Hij acht het onjuist dat deze zinsnede in de memorie van antwoord als rechtsregel wordt ingeroepen. Als de minister het destijds zo belangrijk vond, had hij het criterium in een wettelijke bepaling moeten vastleggen. Daar komt bij volgens hem bij dat de jurisprudentie omtrent dit criterium vóór de wetswijziging van 1 juli 2008 is gevormd. Bovendien zou de voorzieningenrechter het criterium ook onjuist hebben toegepast, omdat het huidige gebruik van de gronden volgens appellant exact binnen het beoogde gebruik valt en de gronden dus niet beter en intensiever kunnen worden gebruikt dan nu het geval is.

De Afdeling overweegt, onder verwijzing naar de uitspraak van 18 april 2007 in zaaknr. 200607717/1), dat bij de parlementaire behandeling van de Wvg tot uitdrukking is gebracht dat de voorkeursregeling niet zo beperkt behoeft te worden opgevat, dat deze alleen zou kunnen worden toegepast wanneer sprake is van een bestemming voor wezenlijk andere gebruiksvormen. Ook wanneer de nieuwe bestemming voorziet in een vergelijkbaar maar intensiever gebruik dan het bestaande, zal van een afwijkend gebruik kunnen worden gesproken.

In dit geval is de beoogde planologische functie van de gronden niet wezenlijk anders dan de huidige functie. De Afdeling is echter met de voorzieningenrechter van oordeel dat het aan de gronden toegekende gebruik intensiever is dan het huidige gebruik, omdat het mogelijk wordt meer woningen op de percelen te situeren dan voorheen en er anders dan voorheen onder meer toegangs- en ontsluitingswegen en inritten kunnen worden gerealiseerd. Dat de percelen op dit moment voor meer doeleinden worden gebruikt die ook binnen het beoogde gebruik van het bestemmingsplan mogelijk zijn, maakt niet dat het beoogde gebruik niet als intensiever kan worden aangemerkt.

AbRvS 19 januari 2011, LJN: BP1306

Gerelateerd

Bekrachtigingsuitspraak Palace Wyck: onteigeningsbelang en algemene beginselen van behoorlijk bestuur

Bij uitspraak van 24 maart 2026 heeft de Rechtbank Limburg de onteigeningsbeschikking van de raad van Maastricht bekrachtigd voor de onteigening van een woning...

Onrechtmatige handhaving op verontreinigde grond: overheid aansprakelijk voor geleden schade?

Bij handhaving op het gebruik van verontreinigde grond kunnen besluiten van gemeente en provincie verstrekkende (financiële) gevolgen hebben voor betrokken...
Integrale controles gemeenten: samenwerking met politie mag, opsporing mag niet

Integrale controles door gemeenten: samenwerking met politie mag, opsporing mag niet

Op 12 mei 2026 heeft Advocaat-Generaal (A-G) Paridaens bij de Hoge Raad een conclusie genomen in een zaak die voor gemeenten van praktisch belang is. De zaak...

Wanneer is een vergunning vereist bij projectwijziging?

Voor het wijzigen van een project is niet in alle gevallen een nieuwe vergunning vereist. Wanneer een activiteit wordt aangemerkt als gewijzigde voortzetting...

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
No posts found