De ontwikkelingen rond het coronavirus, COVID-19, gaan razendsnel. In ons kennisportal over het coronavirus vindt u onze juridische artikelen en andere relevante content. Bekijk het kennisportal

  1. Home
  2. Kennis
  3. Artikelen
  4. Afkoop stamrecht 2014: update

Afkoop stamrecht 2014: update

Op 18 oktober 2013 heeft het kabinet geantwoord aan de Tweede Kamer (nota naar aanleiding van het Verslag Belastingplan 2014), dat de werkgever de ontslagvergoeding vóór 15 november 2013 moet hebben overgemaakt aan de stamrecht B.V. of andere uitvoerder (bank of verzekeraar).Dit wil zeggen dat gebruikmaking van de eenmalige 80%-regeling in 2014 alleen mogelijk is indien sprake is van op 31 december 2013 bestaande aanspraken, die voor 15 november 2013 daadwerkelijk gestort zijn, als financieri...
Leestijd 
Auteur artikel Henk Hoving
Gepubliceerd 25 oktober 2013
Laatst gewijzigd 16 april 2018
 
Op 18 oktober 2013 heeft het kabinet geantwoord aan de Tweede Kamer (nota naar aanleiding van het Verslag Belastingplan 2014), dat de werkgever de ontslagvergoeding vóór 15 november 2013 moet hebben overgemaakt aan de stamrecht B.V. of andere uitvoerder (bank of verzekeraar).

Dit wil zeggen dat gebruikmaking van de eenmalige 80%-regeling in 2014 alleen mogelijk is indien sprake is van op 31 december 2013 bestaande aanspraken, die voor 15 november 2013 daadwerkelijk gestort zijn, als financiering van het betreffende recht op periodieke uitkeringen (stamrecht).

Verder is voor de kwalificatie van een bestaande aanspraak van belang of de aanspraak op 31 december 2013 voldoende bepaald is en aan de wettelijke voorwaarden voor de toepassing van artikel 11 lid 1, onderdeel g Wet op de loonbelasting 1964 voldoet. De datum waarop het ontslag plaatsvindt is derhalve niet de beslissende factor. Hieraan voegt het kabinet toe dat in het algemeen pas zal worden overgegaan tot de toekenning van een aanspraak op periodieke uitkeringen ter vervanging van gederfd of te derven loon (stamrecht), als het ontslag vaststaat. Op dat moment zal in beginsel ook de storting van de koopsom plaatsvinden, maar dat kan ook voor of na de vaststaande ontslagdatum. Er kan desondanks sprake zijn van onduidelijkheid over de fiscale behandeling. Stel dat de ontslagdatum gelegen is in 2014, maar de beëindigingsvergoeding, als storting op het stamrecht, daadwerkelijk betaald wordt in 2013. Niet uitgesloten is dat het kabinet nadere regels zal vaststellen dat de bedoelde formele ontslagdatum in 2014 niet later mag vallen dan rekening houdend met de feitelijke ontslagdatum (bijvoorbeeld de datum waarop de vaststellingsovereenkomst getekend is) en de vanaf dat moment geldende opzegtermijn.

Om fiscale risico’s te voorkomen verdient het aanbeveling om uitdrukkelijke instemming van de Belastingdienst te vragen over de toepassing van de stamrechtvrijstelling indien de formele ontslagdatum in 2014 ligt en de betaling in 2013 plaatsvindt.

Afspraken over ontslag en de aanwending van een beëindigingsvergoeding zijn maatwerk, waarvoor de specialisten van de sectie arbeidsrecht van Dirkzwager de gespecialiseerde kennis in huis hebben.