De billijke vergoeding in hoger beroep als alternatief voor herstel van de arbeidsovereenkomst

2 juli 2018
De Hoge Raad heeft op 8 juni 2018 opnieuw een uitspraak gedaan over de billijke vergoeding. Wanneer in hoger beroep blijkt dat een arbeidsovereenkomst ten onrechte is ontbonden of opgezegd, kan de rechter in hoger beroep de werkgever veroordelen tot herstel van de arbeidsovereenkomst of betaling van een billijke vergoeding aan werknemer. In het arrest heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de vraag of de appelrechter beide achterwege kan laten (dus noch de arbeidsovereenkomst herstellen, noch een billijke vergoeding toekennen) en hoe de omvang van de billijke vergoeding moet worden bepaald.
Aletha Dera-ten Bokum
Aletha Dera-ten Bokum
Advocaat - Associate Partner
In dit artikel

De Hoge Raad heeft op 8 juni 2018 opnieuw een uitspraak gedaan over de billijke vergoeding. Wanneer in hoger beroep blijkt dat een arbeidsovereenkomst ten onrechte is ontbonden of opgezegd, kan de rechter in hoger beroep de werkgever veroordelen tot herstel van de arbeidsovereenkomst of betaling van een billijke vergoeding aan werknemer. In het arrest heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de vraag of de appelrechter beide achterwege kan laten (dus noch de arbeidsovereenkomst herstellen, noch een billijke vergoeding toekennen) en hoe de omvang van de billijke vergoeding moet worden bepaald.

Wat waren de feiten?

Werknemer was in dienst bij twee verschillende werkgevers. Werknemer werkte bij werkgeefster als schoonmaker en daarnaast fulltime bij Securitas als beveiliger. Eind 2014 heeft werknemer zich zowel bij werkgeefster als bij Securitas ziek gemeld met psychische klachten. De bedrijfsarts van werkgeefster heeft werknemer enige tijd later geschikt geacht voor eigen werk bij werkgeefster, terwijl de bedrijfsarts van Securitas werknemer ongeschikt achtte voor eigen werk bij Securitas. Werkgeefster heeft van werknemer meerdere keren verlangd dat hij zijn werk zou hervatten. Toen werknemer dit bleef weigeren, omdat hij zich daartoe niet in staat achtte, heeft werkgeefster de kantonrechter gevraagd de arbeidsovereenkomst te ontbinden. De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden vanwege verwijtbaar handelen van werknemer en aan werknemer € 2.365,- bruto toegekend ter zake van de transitievergoeding. Werknemer heeft hoger beroep ingesteld met het verzoek werkgever primair te veroordelen tot herstel van de arbeidsovereenkomst en subsidiair te veroordelen tot toekenning aan werknemer van een billijke vergoeding van € 50.000,-. Het hof heeft geoordeeld dat de arbeidsovereenkomst in eerste aanleg niet ontbonden had mogen worden. Werknemer heeft zich niet schuldig gemaakt aan (ongegronde) werkweigering. Desalniettemin heeft het hof zowel het primaire als het subsidiaire verzoek van werknemer afgewezen. Werkgever is door het hof dus niet veroordeeld tot herstel van de arbeidsovereenkomst, noch tot betaling van een billijke vergoeding. Daarop is werknemer naar de Hoge Raad gestapt.

Oordeel van de Hoge Raad

Volgens werknemer moet een appelrechter die oordeelt dat de arbeidsovereenkomst in eerste aanleg niet ontbonden had mogen worden en die afziet van een bevel tot herstel van de arbeidsovereenkomst een billijke vergoeding toekennen op grond van artikel 7:683, derde lid, BW. De Hoge Raad oordeelt dat de appelrechter bevoegd is om in voorkomend geval geen billijke vergoeding toe te kennen. Kort en goed: de rechter in hoger beroep kan herstel van de arbeidsovereenkomst en toekenning van een billijke vergoeding beide achterwege laten.

Verder heeft de Hoge Raad duidelijkheid gegeven over de omstandigheden waarmee rekening moet worden gehouden bij het bepalen van de billijke vergoeding ex artikel 7:683 BW. Anders dan bij andere op grond van de WWZ toe te kennen billijke vergoedingen, is voor toekenning van een billijke vergoeding op grond van artikel 7:683 lid 3 BW niet noodzakelijk dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. De Hoge Raad stelt daarom voorop dat de billijke vergoeding van artikel 7:683 BW een alternatief is voor herstel van de arbeidsovereenkomst. Volgens de Hoge Raad ligt daarom in de rede dat de appelrechter bij de bepaling van de hoogte van een op de voet van die bepaling toe te kennen billijke vergoeding de gevolgen voor werknemer van het verlies van de arbeidsovereenkomst betrekt. Deze gevolgen worden naar hun aard mede bepaald door, zoals het hof het heeft uitgedrukt, de ‘waarde’ die de arbeidsovereenkomst voor de werknemer had. Daarnaast moet de appelrechter, aldus de Hoge Raad, bij het vaststellen van een billijke vergoeding op de voet van artikel 7:683 lid 3 BW ook de overige omstandigheden van het geval in aanmerking nemen. Eén van die omstandigheden is de (mate van) eventuele verwijtbaarheid van het handelen of nalaten van de werkgever. Volgens de Hoge Raad kunnen bij het vaststellen van een billijke vergoeding op de voet van artikel 7:683 lid 3 BW ook de overige gezichtspunten uit het New Hairstyle arrest toepassing vinden. De gezichtspunten uit dat arrest heeft mijn collega hier besproken.

Wat is uit deze uitspraak af te leiden?

Het is voor werkgevers van groot belang om bij ontslag van een werknemer de geldende wet- en regelgeving in acht te nemen. Als de wettelijke regels niet worden gevolgd, kan dit verregaande consequenties hebben. Gevolg kan zijn dat de betreffende werknemer nooit uit dienst is geweest of terug in dienst genomen moet worden. Ander gevolg kan zijn dat het dienstverband weliswaar geëindigd is (en blijft), maar dat werkgever een billijke vergoeding moet betalen. Er zijn verschillende soorten billijke vergoeding. Voor bepaling van de hoogte van de billijke vergoeding in hoger beroep gelden dezelfde gezichtspunten als in eerste aanleg. Voor bepaling van de hoogte spelen de persoonlijke situatie van de werknemer en alle omstandigheden van het geval een rol. De appelrechter die afziet van een bevel tot herstel van de arbeidsovereenkomst kan een billijke vergoeding achterwege laten.

Gerelateerd

Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...

Stappenplan pensioentransitie: van analyse naar implementatie vóór 2028

De pensioentransitie vraagt om een gestructureerde aanpak. Werkgevers en sociale partners hebben tot 1 januari 2028 de tijd om hun pensioenregelingen in lijn...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen