Kerninstrumenten Omgevingswet: het omgevingsplan

20 september 2021

De Omgevingswet verplicht overheden nieuwe kerninstrumenten te gebruiken voor het beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving. In een reeks korte en praktische artikelen gaan wij nader in op elk van deze zes instrumenten. In het vierde deel van deze reeks staat het omgevingsplan centraal.

Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

Van bestemmingsplan naar omgevingsplan

Onder de Omgevingswet heeft iedere gemeente één omgevingsplan voor haar grondgebied. Het omgevingsplan vervangt de gemeentelijke bestemmingsplannen en beheersverordeningen en bevat de algemene regels van de gemeente voor de fysieke leefomgeving. De fysieke leefomgeving heeft een bredere reikwijdte dan het huidige criterium van een ‘goede ruimtelijke ordening’. Zo kunnen er in een omgevingsplan regels worden gesteld over de bodem, water en de lucht en regels met betrekking tot de gezondheid van de mens. Maar ook de regels die nu nog in gemeentelijke verordeningen staan, zoals de monumentenverordening, komen in het omgevingsplan terecht.

Tijdelijk deel omgevingsplan

Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet ontstaat het omgevingsplan van rechtswege. Deze bestaat uit drie onderdelen:

  1. De bestemmingsplannen, wijzigings- en uitwerkingsplannen, beheersverordeningen en exploitatieplannen;

  2. De door het Rijk opgestelde regels waarvan is bepaald dat ze tijdelijk deel uitmaken van het omgevingsplan: de bruidsschat; en

  3. Enkele gemeentelijke verordeningen, zoals de Erfgoedverordening (met betrekking tot de archeologische monumentenzorg), de Hemelwaterverordening en de Geurverordening (voor geurhinder afkomstig van veehouderijen).

De bruidsschat bestaat bijvoorbeeld uit regels uit het Activiteitenbesluit en het Bouwbesluit 2012. Deze regels gaan met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vervallen. Om te zorgen dat er geen gat ontstaat en om gemeenten de gelegenheid te geven om deze regels zelf in hun omgevingsplan op te nemen, maakt de bruidsschat van rechtswege tijdelijk onderdeel uit van het omgevingsplan. De meeste gemeentelijke verordeningen met betrekking tot de fysieke leefomgeving maken bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet (nog) geen onderdeel uit van het omgevingsplan. Deze blijven naast het omgevingsplan van kracht.

Transitiefase

Gemeenten krijgen tot eind 2029 de tijd om het tijdelijk deel van het omgevingsplan en andere regels over de fysieke leefomgeving over te zetten naar het “echte” omgevingsplan. Er zijn verschillende varianten om het tijdelijke deel om te zetten:

  1. Per deellocatie binnen het gemeentelijke grondgebied omzetten naar regels die voldoen aan de Ow;

  2. Een thematische aanpak en bepaalde onderwerpen in één keer regelen voor het gehele grondgebied van de gemeente;

  3. In één keer het omgevingsplan vaststellen voor het gehele grondgebied.

Bij het wijzigen van regels uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan geldt dat deze in het nieuwe deel van het omgevingsplan moeten landen en dus ook aan de inhoudelijke regels die de Omgevingswet stelt dienen te voldoen (zie hierna). Voor regels in gemeentelijke verordeningen die de fysieke leefomgeving wijzigen maar die geen onderdeel uitmaken van het tijdelijk deel van het omgevingsplan, geldt dat het tot eind 2029 is toegestaan om deze verordeningen te wijzigen, zonder de wijziging in het nieuwe deel van het omgevingsplan te zetten.

Inhoud omgevingsplan

In het omgevingsplan moeten in ieder geval regels worden opgenomen die leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit volgt uit artikel 4.2 lid 1 Ow. Een evenwichtige toedeling impliceert een gebiedsgerichte benadering waarbij de schaarse ruimte binnen de fysieke leefomgeving zo goed mogelijk wordt verdeeld, ingericht en benut. Dit kan worden bereikt door (i) regels te stellen aan activiteiten voor (een gedeelte van) het grondgebied of (ii) functieaanduidingen met de toegelaten activiteiten (met regels) te koppelen aan locaties. Functieaanduidingen zijn niet verplicht, maar wel handig. Zo kan er aan een locatie de functieaanduiding ‘wonen’, ‘natuur’ of ‘monument’ worden toegekend. Deze functie an sich brengt echter nog geen rechtsgevolgen met zich mee. Net zoals in de doeleindenomschrijving in het bestemmingsplan moeten er in het omgevingsplan nadere regels worden gesteld aan de functies ter regulering van de activiteiten die op die locatie mogen worden verricht. Het kan gaan om regels die duidelijk maken welke activiteiten wel of niet mogen worden verricht, dan wel de mate waarin, de wijze waarop of de voorwaarden waaronder.

Omgevingsplanactiviteit

Een omgevingsplanactiviteit is elke activiteit die zonder omgevingsvergunning niet is toegestaan op grond van het omgevingsplan. Enerzijds zijn dit activiteiten die het omgevingsplan zelf vergunningplichtig stelt (binnenplans), anderzijds betreft het activiteiten die in strijd zijn met het omgevingsplan (buitenplans). De gemeente kan aldus zelf in het omgevingsplan bepalen voor welke activiteiten zij een voorafgaande toestemming in de vorm van een omgevingsvergunning nodig acht. In het volgende artikel van deze reeks gaan wij nader in op enkele aspecten van de omgevingsvergunning onder de Omgevingswet.

Meer weten?

Wilt u meer weten? Neem dan contact op met Joyce de Bruijn, Jasper Molenaar of een van de andere specialisten omgevingsrecht van Dirkzwager.

Gerelateerd

Wanneer is een vergunning vereist bij projectwijziging?

Voor het wijzigen van een project is niet in alle gevallen een nieuwe vergunning vereist. Wanneer een activiteit wordt aangemerkt als gewijzigde voortzetting...

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
Afdeling bestuursrechtspraak bekrachtigt onteigeningsbeschikking onder de Omgevingswet in hoger beroep

Raad van State: eerste uitspraak in hoger beroep bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Op 4 februari 2026 heeft de Afdeling voor het eerst in hoger beroep uitspraak gedaan in een procedure tot bekrachtiging van een onteigeningsbeschikking onder...

Gerechtshof Den Haag: Veevoerproducenten hebben geen recht op nadeelcompensatie voor omzetderving door uitkoop veehouderijen

In zijn arrest van 27 januari 2026 heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld dat twee veevoerproducenten geen recht hebben op nadeelcompensatie voor...

Novelle bij de Wet versterking regie volkshuisvesting: aanpassing regeling voorkeursrecht Omgevingswet

Op 13 januari 2026 heeft de regering een novelle bij het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) ingediend bij de Tweede Kamer. De novelle...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen