Ontslag op staande voet onterecht door gebrekkige ontslagbrief

14 augustus 2019
Het Hof 's-Hertogenbosch oordeelde op 25 juli 2019 dat een ontslag op staande voet onterecht verleend is doordat de ontslagbrief onvoldoende is gemotiveerd. De werkgever kwam in de ontslagbrief slechts met feiten en een duidelijke conclusie ontbrak. Het Hof concludeerde dat er hierdoor geen dringende reden is en dat het ontslag onterecht is verleend.
Aletha Dera-ten Bokum
Aletha Dera-ten Bokum
Advocaat - Associate Partner
In dit artikel

Het Hof 's-Hertogenbosch oordeelde op 25 juli 2019 dat een ontslag op staande voet onterecht verleend is doordat de ontslagbrief onvoldoende is gemotiveerd. De werkgever kwam in de ontslagbrief slechts met feiten en een duidelijke conclusie ontbrak. Het Hof concludeerde dat er hierdoor geen dringende reden is en dat het ontslag onterecht is verleend.

Ontslag op staande voet
Een ontslag op staande voet is een opzegging van de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang. Dit betekent dat de wettelijke opzegtermijn niet in acht wordt genomen, doordat er sprake is van een dringende reden die dit rechtvaardigt. Voor een ontslag op staande voet is een mededeling van de reden voor ontslag vereist. Dit betekent dat de werkgever de ontslagen werknemer mede moet delen waarom hij of zij ontslagen is. Het advies is om dit schriftelijk te doen met een goede motivering waarom sprake is van een dringende reden.

De casus
In de zaak die voor het Hof ’s-Hertogenbosch speelde werd een verkoper door zijn werkgever op staande voet ontslagen. De reden hiervoor was dat de medewerker met personeelskorting goederen kocht van zijn werkgever en deze goederen vervolgens via het internet doorverkocht. Zodoende beconcurreerde de werknemer zijn werkgever. Daarnaast zou de werknemer enkele bedrijfseigendommen hebben verkocht. De werkgever vond dit reden genoeg voor een ontslag op staande voet. In de ontslagbrief heeft de werkgever meerdere feiten en omstandigheden opgesomd die het ontslag zouden rechtvaardigen. De werkgever komt in de brief verder tot een drietal bevindingen. Ten eerste stelt de werkgever dat de door werknemer afgelegde verklaringen over de situatie ongeloofwaardig zijn. Ten tweede stelt de werkgever dat de werknemer zijn gedragingen had na moeten laten. Ten derde bevindt werkgever dat werknemer het vertrouwen onherstelbaar heeft beschaamd.

Het oordeel van het Hof
In zijn oordeel stelt het Hof voorop dat de brief waarin het ontslag op staande voet wordt medegedeeld de reden voor dit ontslag fixeert. Dit betekent dat de reden vaststaat en later niet meer gewijzigd kan worden. Vervolgens overweegt het Hof dat de bevindingen van de werkgever lijken te duiden op de aanwezigheid van een dringende reden. Om de bevindingen als dringende reden te kunnen zien moet voldoende vast staan waarom de verklaringen van de werknemer ongeloofwaardig zijn en dat het voor werknemer duidelijk was dat hij de goederen niet door mocht verkopen. Het Hof komt tot de conclusie dat hier geen sprake van is. Doordat de werkgever slechts bevindingen en suggestieve verwijten in de ontslagbrief opnam ontbreekt een duidelijke conclusie. De benadering in de ontslagbrief is vooral feitelijk. Het Hof concludeert dat in deze benadering de feiten niet zo duidelijk zijn dat daaruit een dringende reden voortvloeit. Dit betekent dat de door werkgever in de ontslagbrief aangevoerde verklaringen, feiten en omstandigheden onvoldoende zijn om een ontslag op staande voet te rechtvaardigen. Doordat het ontslag op staande voet ten onrechte is heeft de werkgever ernstig verwijtbaar gehandeld. Dit zet de deur open voor de rechter om de werknemer een billijke vergoeding toe te kennen.

Het oordeel van het Hof in deze zaak laat maar weer eens zien dat een goed gemotiveerde ontslagbrief erg belangrijk is. Zonder goed gemotiveerde brief is er namelijk geen dringende reden voor het ontslag en kan de werkgever verwijtbaar handelen. Heeft u vragen over het opstellen van een ontslagbrief? Wij helpen u graag.

Gerelateerd

Niet indexeren van pensioen: in strijd met goed werkgeverschap?

In pensioenregelingen wordt indexatie regelmatig vormgegeven als een discretionaire bevoegdheid van de werkgever ('voorwaardelijke indexatie'). Zeker in tijden...
Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...
No posts found