Raadgevende stem van bestuurder bij ontslag

27 september 2012
De bestuurder van een rechtspersoon heeft een dubbele juridische band: een vennootschapsrechtelijke en een arbeidsrechtelijke. Meestal krijgt het arbeidsrecht de meeste aandacht. Soms spreekt de rechter zich uit over de vennootschapsrechtelijke band van de statutair bestuurder.Rechtspraak rechtbankDe rechtbank Utrecht wees op 29 augustus 2012 vonnis in een geschil tussen Dr. Oetker Nederland B.V. en een van haar bestuurders. Pas in de derde AVA in een tijdsbestek van twee maanden was sprake v...
Tom Vandeginste
Tom Vandeginste
Advocaat - Partner
In dit artikel
De bestuurder van een rechtspersoon heeft een dubbele juridische band: een vennootschapsrechtelijke en een arbeidsrechtelijke. Meestal krijgt het arbeidsrecht de meeste aandacht. Soms spreekt de rechter zich uit over de vennootschapsrechtelijke band van de statutair bestuurder.

Rechtspraak rechtbank

De rechtbank Utrecht wees op 29 augustus 2012 vonnis in een geschil tussen Dr. Oetker Nederland B.V. en een van haar bestuurders. Pas in de derde AVA in een tijdsbestek van twee maanden was sprake van een rechtsgeldig ontslagbesluit. De eerste twee keer was de bestuurder niet of onvoldoende in de gelegenheid gesteld zijn raadgevende stem te geven. Deze verplichting ligt vast in de wet: artikel 2:227 lid 4 (binnenkort lid 7) BW. Vaak ligt deze verplichting ook verankerd in de statuten. Tijdens de eerste AVA was de bestuurder in het geheel niet opgeroepen en werd het besluit zonder enige betrokkenheid van de bestuurder genomen. De bestuurder beriep zich op de vernietigbaarheid van het besluit op grond van artikel 2:15 lid 1 aanhef en onder a BW, wegens strijd met wettelijke of statutaire bepalingen. Voor de tweede AVA (circa 1 maand later) werd de bestuurder opgeroepen terwijl hij met vakantie was. Dit was bij de aandeelhouder bekend, de bestuurder nam pas de avond voor de geplande AVA kennis van deze vergadering. Diezelfde avond protesteerde hij schriftelijk per e-mail, onder vermelding dat hij in verband met zijn vakantie niet in staat was om zijn raadgevende stem deugdelijk voor te bereiden en daartoe juridische bijstand in te schakelen. De bestuurder verscheen niet tijdens deze tweede AVA. Het ontslagbesluit werd toch genomen en de bestuurder beriep zich met succes op de vernietigbaarheid hiervan.

De derde AVA vond circa 1 maand daarop plaats en pas toen kon de bestuurder zijn raadgevende stem uitbrengen. Dit was overigens zonder gevolg. De bestuurder werd alsnog met onmiddellijke ingang uit zijn statutaire functie ontheven en het dienstverband werd met inachtneming van de geldende opzegtermijn opgezegd, eindelijk met succes.

Vennootschapsrecht werkt door in arbeidsrecht

Het rechtsgevolg van vernietiging van een ontslagbesluit is tweeledig. De bestuurder behoudt zowel zijn statutaire functie als zijn dienstverband.

Bestuurders en commissarissen

De verplichting tot het geven van een raadgevende stem geldt niet alleen voor de betreffende bestuurder, die geconfronteerd wordt met een voornemen tot ontslag of schorsing, maar voor àlle bestuurders en commissarissen. Bovendien moet daadwerkelijk sprake zijn van een voornemen en niet van een al genomen besluit. Met andere woorden de AVA moet daadwerkelijk openstaan voor de inhoud van de raadgevende stem(men) en deze ook als zodanig meewegen bij het definitieve besluit en hierop reageren. In concreto betekent dit dat bij de motivering van het definitieve besluit ingegaan moet worden op de ingewonnen adviezen, waaronder de raadgevende stem(men) van de bestuurders en de commissarissen.

Flex B.V. en andere rechtspersonen

Per 1 oktober 2012 wordt het B.V.-recht geflexibiliseerd. De raadgevende stem van bestuurders en commissarissen blijft een wettelijke plicht voor B.V.’s en N.V.’s. Bij andere rechtspersonen is de raadgevende stem van de bestuurders geen wettelijke plicht maar wel vaak opgenomen in de statuten. Ook bij stichtingen en verenigingen speelt derhalve dezelfde problematiek. Ook is sprake van een dubbele juridische band: vennootschapsrecht en arbeidsrecht. Bij stichtingen en verenigingen geldt de volle ontslagbescherming, net als bij gewone medewerkers in loondienst. Bij B.V.’s en N.V.’s is dit anders en geldt de preventieve ontslagtoets van het UWV niet; verder is na een geldig ontslagbesluit volgens het vennootschapsrecht geen herstel van het dienstverband mogelijk (artikel 2:244 lid 3 BW).

Gerelateerd

Niet indexeren van pensioen: in strijd met goed werkgeverschap?

In pensioenregelingen wordt indexatie regelmatig vormgegeven als een discretionaire bevoegdheid van de werkgever ('voorwaardelijke indexatie'). Zeker in tijden...
Ontbinding arbeidsovereenkomst bij verlopen werkvergunning

Verlopen vergunning van werknemer volgens kantonrechter géén reden voor ontbinding

Op 19 maart 2026 oordeelt de rechtbank Limburg dat de arbeidsovereenkomst van een werknemer met een verlopen verblijfsvergunning (voor arbeid) niet kan worden...

Raad van State kritisch op wetsvoorstel loontransparantie: ambitie botst met uitvoerbaarheid

Op 7 april 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies gepubliceerd over het wetsvoorstel ter implementatie van de Richtlijn...

Loonverschillen na overgang van onderneming: wat vereist Richtlijn 2023/970?

Het uitgangspunt is helder: werknemers die gelijk of gelijkwaardig werk verrichten, moeten daarvoor gelijk worden beloond, ongeacht hun geslacht. Dat...

Ontslag na overgang onderneming: Hoge Raad verduidelijkt ETO-redenen

In een uitspraak van 6 februari 2026 heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de reikwijdte van het opzegverbod bij overgang van onderneming. De Hoge Raad...

De pensioentransitie: praktische tips voor werkgevers

De pensioentransitie is een complex en langdurig traject. Werkgevers moeten niet alleen juridisch correct handelen, maar ook draagvlak creëren bij werknemers...
No posts found