Referentie-eis ‘gelijkwaardig’ betekent dat aantal uren globaal moet overeenstemmen

27 april 2011
De uitleg van een referentie-eis en de vraag of een inschrijver daaraan voldoet, is regelmatig onderwerp van geschil. Recent moest de Haarlemse voorzieningenrechter zich buigen over de vraag of voldaan was aan de eis dat het referentieproject gelijkwaardig moet zijn aan de aanbestede overeenkomst (vzr. rb. Haarlem 16 februari 2011; gepubliceerd 22 april 2011; LJN:BP9887).De zaakDe zaak betrof een aanbesteding van een provincie voor de inhuur van nautisch personeel. De referentie-eis luidde al...
Tony van Wijk
Tony van Wijk
Advocaat - Partner
In dit artikel
De uitleg van een referentie-eis en de vraag of een inschrijver daaraan voldoet, is regelmatig onderwerp van geschil. Recent moest de Haarlemse voorzieningenrechter zich buigen over de vraag of voldaan was aan de eis dat het referentieproject gelijkwaardig moet zijn aan de aanbestede overeenkomst (vzr. rb. Haarlem 16 februari 2011; gepubliceerd 22 april 2011; LJN:BP9887).

De zaak

De zaak betrof een aanbesteding van een provincie voor de inhuur van nautisch personeel. De referentie-eis luidde als volgt:

Een inschrijver dient 1 (één) referentie te overleggen waarmee wordt aangetoond ervaring te hebben met het uitvoeren van opdrachten van vergelijkbare inhoud en omvang. De referentie moet een opdracht betreffen die een soortgelijke contractduur heeft gehad en mag niet ouder zijn dan 5 jaar. (…) Met inhoud wordt bedoeld dat uw referentie wordt getoetst of deze past binnen deze uitvraag voor nautisch personeel en andere gerelateerde functies (bv pontbedienaar). Met inhoud en omvang wordt bedoeld dat uw referentie wordt getoetst naar gelijkwaardigheid aan deze raamovereenkomst.”

Op de aanbesteding hebben twee marktpartijen ingeschreven. De provincie heeft een inschrijving ongeldig verklaard en de opdracht voorlopig gegund aan de andere inschrijver. De niet-gegunde inschrijver startte een kort geding. Hij betwiste niet de ongeldigheid van zijn inschrijving, maar stelde dat ook de andere inschrijver ongeldig had ingeschreven althans dat de andere inschrijver niet aan voornoemde referentie-eis heeft voldaan.

Ongeldig maar wel belang bij vordering tot heraanbesteding

Allereerst overweegt de voorzieningenrechter (naar vaste jurisprudentie) dat ook indien de eisende partij ongeldig is, hij nog steeds belang heeft bij de ongeldigverklaring van de andere inschrijver. In dat geval heeft de provincie immers uitsluitend ongeldige inschrijvingen ontvangen. Een heraanbesteding is dan geboden.

Hoe moet een eis worden uitgelegd en worden getoetst door de rechter?

Vervolgens gaat de voorzieningenrechter in op de uitleg van de referentie-eis. In lijn met de bestaande jurisprudentie wordt overwogen dat een aanbestedende dienst eisen ondubbelzinnig moet formuleren in de aanbestedingsstukken. Bij de uitleg van een eis wordt acht geslagen op de bewoordingen daarvan, gelezen in het licht van de gehele tekst van alle aanbestedingsstukken. Daarbij komt het aan op de betekenis die naar objectieve maatstaven volgt uit de bewoordingen waarin die stukken zijn gesteld. Ten slotte geldt dat slechts in geval van aperte- procedurele dan wel inhoudelijke- onjuistheden, plaats is voor ingrijpen van de voorzieningenrechter.

‘Gelijkwaardig’ betekent dat aantal uren globaal moet overeenstemmen

Bij de beoordeling van de litigieuze referentie-eis overweegt de voorzieningenrechter dat in de aanbestedingsleidraad een tabel is opgenomen met de verwachte aantallen te werken uren, uitkomend op een totaal van 51.477 per jaar. “ Daarom moet voorshands worden geconcludeerd dat met de zin Met inhoud en omvang wordt bedoeld dat uw referentie wordt getoetst naar gelijkwaardigheid aan deze raamovereenkomst niets anders bedoeld kan zijn dan dat het aantal in het referentieproject gewerkte uren (globaal) dient overeen te stemmen met het in de tabel onder 1.6 genoemde aantal van 51.477”, aldus de rechter.

Met het referentieproject zou tussen 16.600 en 20.844 uur op jaarbasis gemoeid zijn. De voorzieningenrechter overweegt dat –ook bij marginale toetsing- daarmee het referentieproject niet gelijkwaardig is aan de aanbestede overeenkomst.

Derhalve wordt de provincie veroordeeld om tot heraanbesteding over te gaan (voor zover zij nog de opdracht in de markt wenst te zetten).

Gerelateerd

Hoe een aanbestede overeenkomst al kan eindigen voordat de uitvoering begint

Het Bonnefanten Museum in Maastricht schrijft een Europese niet-openbare aanbesteding uit voor beveiligingsdiensten. Eye Watch Security Group (“Eye Watch”)...
Wanneer telt concernomzet mee bij quasi-inbesteden? Het HvJ EU verduidelijkt de 80%-toets en de rol van omzet van derden.

Quasi-inbesteden: concernomzet en derdenomzet tellen mee

Uit het arrest van 15 januari 2026 (C-692/23) van het Hof van Justitie volgt dat voor een succesvol beroep op de aanbestedingsuitzondering ‘quasi-inbesteden’...
Wanneer geldt de Aanbestedingswet defensie en veiligheid voor netbeheerders?

De Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied bij aanbestedingen door netbeheerders

Op 1 januari 2026 treedt de Energiewet in werking. Deze wet brengt mee dat netbeheerders bepaalde opdrachten op grond van de Aanbestedingswet op defensie- en...

Staatssteun bij publieke financiering van warmtenetten

De Wet collectieve warmte (Wcw) vergroot de publieke sturing op warmtenetten: warmtebedrijven moeten voortaan een publiek meerderheidsbelang hebben. Dit...

Raad van State: Didam-criteria van toepassing op begrotingssubsidies

In zijn uitspraak van 23 juli 2025 heeft de Afdeling geoordeeld dat ook begrotingssubsidies schaarse rechten kunnen zijn, aangezien ook bij begrotingssubsidies...

Nieuwe drempelbedragen Europese aanbestedingen vastgesteld

Op 22 oktober 2025 zijn de nieuwe drempelbedragen voor Europese aanbestedingsprocedures gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie. De...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

21
april
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Kwaliteitsregistraties: nieuwe verplichtingen, aandachtspunten en kansen sinds 1 januari 2026

De Wkz verandert de manier waarop kwaliteitsregistraties in de zorg worden gebruikt om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren. Een kwaliteitsregistratie verzamelt patiëntgegevens bij verschillende zorgaanbieders om de kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld bij een bepaalde aandoening, te meten en te verbeteren. Deze wet introduceert een wettelijke plicht voor zorgaanbieders om patiëntgegevens aan te leveren aan de kwaliteitsregistratie. Dat biedt kansen: toestemming van de patiënt is niet langer het uitgangspunt, maar vraagt tegelijkertijd om herziening van het interne beleid, waarbij aandacht moet zijn voor de privacyrechtelijke implicaties van de wet (waaronder de inrichting van een opt-out).

Online
10.00 - 11.30
07
mei
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Zorginkoop: onderhandelingsruimte zorgaanbieders & kaders NZa (Zorgverzekeringswet)

Hoeveel ruimte heeft een zorgaanbieder binnen het kader van de Zorgverzekeringswet in de onderhandelingen met een zorgverzekeraar als de tarieven structureel onder druk staan? Welke regels stelt de NZa rond zorginkoop en kunnen zorgverzekeraars worden aangesproken voor het niet-naleven van de regels?

Aan de hand van concrete casus en recent gevoerde procedures geven we niet alleen een update van de laatste regelgeving en jurisprudentie, maar tevens een uniek kijkje achter de schermen.

Online
14.00 - 15.30
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen