Ruimere uitleg winstbestemmingseis voor de zorgvrijstelling in de vennootschapsbelasting?

7 april 2022
Op 19 januari 2022 heeft Rechtbank Zeeland-West-Brabant in een uitspraak uitleg gegeven aan de zogenoemde winstbestemmingseis voor de toepassing van de zorgvrijstelling voor de vennootschapsbelasting bij een zorgorganisatie die werkzaam is in de geestelijke gezondheidszorg en gehandicaptenzorg. Een voor de zorgpraktijk bijzonder interessante uitspraak omdat de zorgorganisatie een besloten vennootschap is waarvan de aandelen in het bezit zijn van vier besloten vennootschappen met een afzonderlijke natuurlijke persoon als aandeelhouder. Tegen deze uitspraak is inmiddels door de Belastingdienst hoger beroep ingesteld bij Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch.
Dennis Nijssen
Dennis Nijssen
Fiscalist - Partner
In dit artikel

Inleiding

De zorgvrijstelling houdt in dat een zorgorganisatie subjectief is vrijgesteld van de heffing van vennootschapsbelasting. Twee belangrijke vereisten voor de toepassing van de zorgvrijstelling zijn in het kort dat de zorgorganisatie:

  1. uitsluitend (100%) of nagenoeg uitsluitend (90%) zorgwerkzaamheden verricht (werkzaamhedeneis); hieronder wordt verstaan a) het genezen, verplegen of verzorgen van zieken, kraamvrouwen, mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking, wezen of ouderen die niet meer zelfstandig kunnen wonen en b) het bieden van een passende werkzaamheid aan mensen met een verstandelijke of lichamelijke beperking (sociale werkbedrijven);
  2. van publiekrechtelijke aard is, en als dat niet zo is maar wel winst behaalt, deze uitsluitend kan aanwenden ten bate van een subjectief vrijgesteld zorglichaam of een algemeen maatschappelijk belang (winstbestemmingseis); de bedoeling van deze bepaling is de financiële middelen die met zorgactiviteiten genereerd worden beschikbaar te houden voor de zorg.

De zorgwerkzaamheden, de inhoud van de statuten van de zorgorganisatie en de feitelijke omstandigheden vormen de basis voor de beoordeling of de zorgvrijstelling in de vennootschapsbelasting kan worden toegepast.

Wat was de uitgangspositie in de rechtbankprocedure Zeeland-West-Brabant?

De procederende zorgorganisatie is een besloten vennootschap (hierna: Zorg-BV) waarvan alle aandelen in het bezit zijn van vier besloten vennootschappen (Holdings), die elk een afzonderlijke natuurlijke persoon als aandeelhouder (DGA) hebben. De doelstelling van de Zorg-BV is het exploiteren van (een) instelling(en) voor geestelijke gezondheidszorg en gehandicaptenzorg voor volwassen en het aanbieden van zorg- en dienstverlening aan personen met een verstandelijke beperking en/of gedragsproblematiek. Door de Zorg-BV is in 2015 een beroep gedaan op de zorgvrijstelling voor de vennootschapsbelasting. In de statuten van de Zorg-BV waren zodanige bepalingen opgenomen dat de (jaarlijkse) winst en uitkeringen bij liquidatie niet ten gunste konden komen van de vier Holdings en de vier uiteindelijke aandeelhouders-natuurlijke personen. In het onderhavige boekjaar en de afgelopen jaren is door de Zorg-BV feitelijk ook geen winst uitgekeerd aan de Holdings.

Het standpunt van de Belastingdienst

Volgens de Belastingdienst kon Zorg-BV de zorgvrijstelling voor de vennootschapsbelasting niet toepassen omdat:

  1. de aandelen van Zorg-BV in het bezit zijn van niet-kwalificerende aandeelhouders (vier Holdings die niet zijn vrijgesteld van de vennootschapsbelasting op grond van de zorgvrijstelling);
  2. de uiteindelijke aandeelhouders van de vier Holdings natuurlijke personen zijn; het vermogen van Zorg-BV dient in de zogenoemde “dode hand” (zoals in een stichting) te zijn om het beschikbaar te houden voor de zorg;
  3. de wet- en regelgeving de eis stelt dat Zorg-BV de behaalde winsten uitsluitend kan aanwenden ten bate van een lichaam dat de zorgvrijstelling toepast of het algemeen maatschappelijk belang; de statuten van Zorg-BV bieden daartoe geen garantie omdat deze eenvoudig via een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders ten eigen behoeve kunnen worden gewijzigd.

Tussen Zorg-BV en de Belastingdienst was niet in geschil dat Zorg-BV voldeed aan de werkzaamhedeneis en er feitelijk ook geen uitkeringen door Zorg-BV aan de Holdings hadden plaatsgevonden.

Het oordeel van Rechtbank Zeeland-West-Brabant

De Rechtbank komt vervolgens tot het oordeel dat Zorg-BV de zorgvrijstelling wel kan toepassen omdat:

  1. het woord “kan” (in het zinsdeel: uitsluitend kan aanwenden) moet worden uitgelegd op basis van de voor Zorg-BV geldende statuten;
  2. er geen aanknopingspunten zijn dat rekening moet worden gehouden met de eventuele mogelijkheid van statutenwijziging bij Zorg-BV;
  3. er geen aanknopingspunten zijn dat de aandelen van Zorg-BV (uiteindelijk) moeten worden gehouden door een lichaam dat de zorgvrijstelling voor de vennootschapsbelasting toepast.

Ons commentaar

Een voor de praktijk bijzonder interessante uitspraak van de Rechtbank, omdat deze indruist tegen de vereisten voor de zorgvrijstelling opgenomen in de laatste beleidsbesluiten van het Ministerie van Financiën. Tegen de uitspraak is inmiddels door de Belastingdienst hoger beroep ingesteld bij Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Het is dus de vraag hoe het Gerechtshof - en wellicht na cassatie de Hoge Raad - tegen de uitleg van de winstbestemmingseis door de Rechtbank in de gegeven situatie aankijkt.

In voornoemde beleidsbesluiten (2018, 2019 en 2020) zijn door de Staatssecretaris van Financiën strenge(re) eisen opgenomen voor Zorg-BV’s onder andere ten aanzien van kwalificerende aandeelhouders, het bestuur, het toezichthoudend orgaan en de statuten(wijziging). Deze besluiten waren in het jaar 2015 waarover deze procedure werd gevoerd nog niet gepubliceerd. Personal holdings en natuurlijke personen vallen op basis van deze beleidsbesluiten in ieder geval niet onder de categorie kwalificerende aandeelhouders.

De Belastingdienst zal zich in de praktijk zonder twijfel blijven beroepen op de vereisten voor een zorg-BV zoals opgenomen in voornoemde beleidsbesluiten. Hierbij komt wel de vraag op wat de houdbaarheid van deze beleidsbesluiten is in geval het Gerechtshof en eventueel ook de Hoge Raad de uitspraak van de Rechtbank bevestigen.

De uitspraak van de Rechtbank kan behulpzaam zijn in lopende discussies met de Belastingdienst over de toepassing van de zorgvrijstelling in vergelijkbare situaties. De uitspraak en het hoger beroep geven wel aan dat de uitleg van de winstbestemmingseis in de gegeven omstandigheden nog geen uitgemaakte zaak is.

Neem gerust contact op met een van onze fiscalisten als u vragen of opmerkingen heeft over dit artikel of de toepassing van de zorgvrijstelling voor uw organisatie eens tegen het licht wilt houden.

Gerelateerd

Btw-koepelvrijstelling: kansen voor samenwerkingsverbanden

Btw-koepelvrijstelling: kansen voor samenwerkingsverbanden

Samenwerking tussen (semi)publieke organisaties, zoals zorg- en onderwijsinstellingen, neemt toe. Binnen de zorgsector zien we meer en meer regionale...
Hoge Raad schrapt automatisch bewijsvermoeden bij toepassing splitsfaciliteit in de Vpb

Hoge Raad schrapt automatisch bewijsvermoeden bij toepassing splitsingsfaciliteit in de Vpb

Op 27 februari 2026 heeft de Hoge Raad een belangrijk arrest gewezen over de splitsingsfaciliteit in de vennootschapsbelasting (HR 27 februari 2026,...

Massaal bezwaar belastingrente vennootschapsbelasting: wat gebeurt er nu en wanneer?

In ons eerdere blog schreven wij over het arrest van de Hoge Raad waarin is geoordeeld dat het verhoogde belastingrentepercentage voor de...
Coalitieakkoord 2026: fiscale koers en aandachtspunten

Coalitieakkoord 2026: fiscale koers en aandachtspunten

Op 30 januari 2026 presenteerden D66, VVD en CDA het coalitieakkoord Aan de slag – Bouwen aan een beter Nederland. Het akkoord bevat diverse fiscale afspraken...

Modernisering forfaits schenk- en erfbelasting: wat betekent dit voor u?

De Staatssecretaris van Financiën heeft op 12 januari 2026 een brief aan de Tweede Kamer gestuurd met een uitgewerkt voorstel om de forfaits in de schenk- en...

Kennisgroepstandpunten Belastingdienst - Onderwijs 

Deze bijdrage biedt een actueel overzicht van de kennisgroepstandpunten van de Belastingdienst voor de belastingmiddelen vennootschapsbelasting, loonheffingen...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

07
mei
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Zorginkoop: onderhandelingsruimte zorgaanbieders & kaders NZa (Zorgverzekeringswet)

Hoeveel ruimte heeft een zorgaanbieder binnen het kader van de Zorgverzekeringswet in de onderhandelingen met een zorgverzekeraar als de tarieven structureel onder druk staan? Welke regels stelt de NZa rond zorginkoop en kunnen zorgverzekeraars worden aangesproken voor het niet-naleven van de regels?

Aan de hand van concrete casus en recent gevoerde procedures geven we niet alleen een update van de laatste regelgeving en jurisprudentie, maar tevens een uniek kijkje achter de schermen.

Online
14.00 - 15.30
19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen