Tegenhouden vermeende staatssteun bij projectontwikkeling in kort geding: geen gemakkelijke opgave

4 december 2013
Veel ondernemingen lijken er sinds het begin van de inmiddels langdurige recessie last van te hebben: concurrenten die voordelen lijken te verkrijgen van transacties met overheden die mogelijk zijn aan te merken als staatssteun. Zoals een recente uitspraak van de rechtbank Den Haag aantoont is het voor mogelijk benadeelde concurrenten echter allerminst gemakkelijk om zulke transacties met een beroep op de staatssteunregels tegen te houden. Het bewijzen van staatssteun in een kort gedingproce...
Sjaak van der Heul
Sjaak van der Heul
Advocaat - Senior
In dit artikel
Veel ondernemingen lijken er sinds het begin van de inmiddels langdurige recessie last van te hebben: concurrenten die voordelen lijken te verkrijgen van transacties met overheden die mogelijk zijn aan te merken als staatssteun. Zoals een recente uitspraak van de rechtbank Den Haag aantoont is het voor mogelijk benadeelde concurrenten echter allerminst gemakkelijk om zulke transacties met een beroep op de staatssteunregels tegen te houden. Het bewijzen van staatssteun in een kort gedingprocedure is namelijk moeilijk.

De zaak
(Een onderneming van) de gemeente Westland heeft in 2006 gezamenlijk met de particuliere partij Bouwfonds (een dochter van de Rabobank) de gemeenschappelijke onderneming OWBZ opgericht, waarin beide participeren. OWBZ zal ter ontwikkeling van de zogenaamde Westlandse Zoom gronden afnemen van de Gemeente en vervolgens gaan exploiteren. Daartoe heeft OWBZ in 2006 tevens een samenwerkingsovereenkomst (SOK) gesloten met de Gemeente. Mede als gevolg van de recessie dreigde de ontwikkeling van de Westlandse Zoom niet tot stand te komen hebben. De Gemeente en OWBZ hebben vervolgens de SOK heronderhandeld, waarbij onder meer is overeengekomen dat de Gemeente een lening zou verstrekken aan OWBZ ter aflossing van een schuld aan de Rabobank (de moeder van Bouwfonds). Met OWBZ concurrerende projectontwikkelaars hebben vervolgens een kort gedingprocedure gestart teneinde de uitvoering van de lening te doen staken. Volgens de projectontwikkelaars zou die lening namelijk staatssteun opleveren ten gunste van OWBZ.

Voor het bestaan van staatssteun is onder meer vereist dat een selectief voordeel wordt verschaft aan een onderneming (in dit geval OWBZ). Indien de staat (in dit geval de Gemeente Westland) de lening verstrekt tegen dezelfde voorwaarden als -en tegelijkertijd met- een particuliere financier, wordt op grond van vaste Europese jurisprudentie verondersteld dat van staatswege geen selectief voordeel wordt verschaft. In dat geval handelt de staat namelijk als particuliere marktinvesteerder. In het onderhavige geval oordeelde de rechtbank Den Haag dat een particuliere partij evenals de gemeente Westland had op gelijke voet en onder gelijke voorwaarden geïnvesteerd in OWBZ. Daarbij was volgens de rechtbank Den Haag niet van belang dat de particuliere financier Bouwfonds was, ofwel de andere aandeelhouder van OWBZ en dat de leningen strekten ter financiering van een schuld aan de Rabobank.

Slotopmerking
Het bewijzen van een selectief voordeel vereist over het algemeen een (vergaande) economische analyse van de beweerde steunmaatregel. Als de gestelde staatssteun op basis van een overeenkomst is verleend, dienen eventuele gedupeerde concurrenten bovendien inzicht in de betreffende overeenkomst te hebben teneinde hun vordering te bewijzen. Mede omdat een kort gedingprocedure zich noch goed leent voor een uitgebreid economisch onderzoek ( zoals de mededingingspraktijk bewijst) noch voor het achterhalen van bewijsstukken, zijn de voorbeelden van het blokkeren van vermeende staatssteun via een kort gedingprocedure schaars. Alternatieven zijn het starten van een bodemprocedure dat zich beter leent voor uitgebreid onderzoek en/of het indienen van een klacht bij de Europese Commissie die zelf veel middelen heeft om feiten boven tafel te krijgen. Dit zijn echter veel tijdrovender paden die staatssteun bovendien niet kunnen tegenhouden en in principe slechts kunnen leiden tot terugvordering van de reeds verleende staattssteun.

Gerelateerd

Hoe een aanbestede overeenkomst al kan eindigen voordat de uitvoering begint

Het Bonnefanten Museum in Maastricht schrijft een Europese niet-openbare aanbesteding uit voor beveiligingsdiensten. Eye Watch Security Group (“Eye Watch”)...
Wanneer telt concernomzet mee bij quasi-inbesteden? Het HvJ EU verduidelijkt de 80%-toets en de rol van omzet van derden.

Quasi-inbesteden: concernomzet en derdenomzet tellen mee

Uit het arrest van 15 januari 2026 (C-692/23) van het Hof van Justitie volgt dat voor een succesvol beroep op de aanbestedingsuitzondering ‘quasi-inbesteden’...
Wanneer geldt de Aanbestedingswet defensie en veiligheid voor netbeheerders?

De Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied bij aanbestedingen door netbeheerders

Op 1 januari 2026 treedt de Energiewet in werking. Deze wet brengt mee dat netbeheerders bepaalde opdrachten op grond van de Aanbestedingswet op defensie- en...

Staatssteun bij publieke financiering van warmtenetten

De Wet collectieve warmte (Wcw) vergroot de publieke sturing op warmtenetten: warmtebedrijven moeten voortaan een publiek meerderheidsbelang hebben. Dit...

Raad van State: Didam-criteria van toepassing op begrotingssubsidies

In zijn uitspraak van 23 juli 2025 heeft de Afdeling geoordeeld dat ook begrotingssubsidies schaarse rechten kunnen zijn, aangezien ook bij begrotingssubsidies...

Nieuwe drempelbedragen Europese aanbestedingen vastgesteld

Op 22 oktober 2025 zijn de nieuwe drempelbedragen voor Europese aanbestedingsprocedures gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie. De...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

21
april
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Kwaliteitsregistraties: nieuwe verplichtingen, aandachtspunten en kansen sinds 1 januari 2026

De Wkz verandert de manier waarop kwaliteitsregistraties in de zorg worden gebruikt om de kwaliteit van zorg te kunnen verbeteren. Een kwaliteitsregistratie verzamelt patiëntgegevens bij verschillende zorgaanbieders om de kwaliteit van zorg, bijvoorbeeld bij een bepaalde aandoening, te meten en te verbeteren. Deze wet introduceert een wettelijke plicht voor zorgaanbieders om patiëntgegevens aan te leveren aan de kwaliteitsregistratie. Dat biedt kansen: toestemming van de patiënt is niet langer het uitgangspunt, maar vraagt tegelijkertijd om herziening van het interne beleid, waarbij aandacht moet zijn voor de privacyrechtelijke implicaties van de wet (waaronder de inrichting van een opt-out).

Online
10.00 - 11.30
07
mei
2026
Webinar
Zorg & Sociaal domein
Zorginkoop: onderhandelingsruimte zorgaanbieders & kaders NZa (Zorgverzekeringswet)

Hoeveel ruimte heeft een zorgaanbieder binnen het kader van de Zorgverzekeringswet in de onderhandelingen met een zorgverzekeraar als de tarieven structureel onder druk staan? Welke regels stelt de NZa rond zorginkoop en kunnen zorgverzekeraars worden aangesproken voor het niet-naleven van de regels?

Aan de hand van concrete casus en recent gevoerde procedures geven we niet alleen een update van de laatste regelgeving en jurisprudentie, maar tevens een uniek kijkje achter de schermen.

Online
14.00 - 15.30
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen