Vervaltermijn in Didam-publicatie biedt verkopende overheid weinig bescherming

8 juni 2026

In Didam-publicaties voor onderhandse uitgifte wordt meestal een termijn opgenomen waarbinnen gegadigden bezwaar moeten maken tegen de voorgenomen uitgifte. Mag een gemeente een bezwaar negeren omdat het pas na die termijn wordt gemaakt? De voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland beantwoordt die vraag ontkennend. Een eenzijdig door een overheidslichaam gestelde termijn heeft niet de kracht van een wettelijke of contractuele vervaltermijn.

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Midden-Nederland deed op 23 april 2026 uitspraak.

Frank Cornelissen
Frank Cornelissen
Advocaat - Associate Partner
In dit artikel

De feiten

De gemeente Dronten publiceert op 19 januari 2026 haar voornemen om een perceel grond onderhands te verkopen aan een particulier — aangeduid als 'de familie'. Die verleende eerder medewerking aan beëindiging van studentenbewoning in 17 woningen in Dronten-Noord. De verkoop dient als compensatie daarvoor. Op de te verkopen grond moet de familie tijdelijke huisvesting voor arbeidsmigranten realiseren.

De gemeente formuleert in de publicatie een strikte vervaltermijn: gepasseerde gegadigden moeten zich binnen twintig kalenderdagen schriftelijk en gemotiveerd melden.

Op 15 februari 2026 – dus na afloop van de termijn – meldt zich een gegadigde die actief is in huisvesting van arbeidsmigranten. Hij verzoekt alsnog voor koop van de grond in aanmerking te komen. De gemeente wijst dat verzoek af, waarna de gegadigde een kort geding start.

De vervaltermijn in de Didam-publicatie

De gemeente beroept zich allereerst op de termijn, maar weet de rechter niet te overtuigen. Die overweegt dat er in het geval van een voorgenomen verkoop van grond door een overheidslichaam geen wettelijke vervaltermijn geldt zoals in het aanbestedingsrecht het geval is. Waarschijnlijk doelt de voorzieningenrechter op de termijn van (minimaal) 20 dagen die aanbestedende diensten na een bekendmaking in het kader van “vrijwillige transparantie” (zie artikel 4.16 Aanbestedingswet 2012) in acht moeten nemen. Strikt genomen is dat overigens geen vervaltermijn. De rechten van gegadigden vervallen niet; zij verliezen hun aanspraak op (een kans op) de opdracht pas zodra de aanbesteder (na het verstrijken van de termijn) daadwerkelijk de opdracht gunt. Zie daarover ook een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland (rechtsoverweging 4.12).

Geen contractuele vervaltermijn

Ook is er geen sprake van een contractuele vervaltermijn: de termijn waarop de gemeente zich beroept, is eenzijdig door haar opgelegd. De klagende gegadigde heeft die termijn niet aanvaard; deze is hem eenvoudigweg in de publicatie opgelegd. Dit maakt de termijn anders dan termijnen die in aanbestedingsstukken voorkomen en waarmee ondernemers door inschrijving akkoord gaan.

Rechtsverwerking vereist bijkomende omstandigheden

Vervolgens beoordeelt de voorzieningenrechter of sprake is van rechtsverwerking. Stilzitten is daarvoor onvoldoende. Er moet sprake zijn van bijkomende omstandigheden, zo volgt uit rechtspraak van de Hoge Raad (rechtsoverweging 4.11). Die ontbraken hier. De gemeente voerde slechts aan dat de eisende partij al vóór de publicatie op de hoogte was van de onderhandelingen met de familie en desondanks geen actie had ondernomen. De rechter passeert dat argument: op de hoogte zijn van onderhandelingen tussen de gemeente en de familie is iets anders dan dat de eisende partij ook daadwerkelijk op de hoogte was of kon zijn van het moment waarop de koop met betrekking tot het perceel zou worden geëffectueerd. Dit geldt te meer nu de gemeente kennelijk al sinds 2024 met de familie in onderhandeling is.

Ook zijn er geen andere feiten of omstandigheden die erop wijzen dat de eisende partij bij de gemeente het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gewekt dat hij de verkoop niet zou aanvechten.

De conclusie is dan ook dat van rechtsverwerking geen sprake is. 

De uitkomst

Dat de gegadigde de termijn had laten verlopen, baat de gemeente in het kort geding dus niet. De rechter komt dan aan een inhoudelijke beoordeling toe en die valt ook in het nadeel van de gemeente uit. Het gevolg is dat de gemeente de koopovereenkomst met de familie niet mag uitvoeren. Er moet alsnog een openbare verkoop plaatsvinden of een betere onderbouwing van onderhandse uitgifte.

Commentaar

Voor overheden bevestigt deze uitspraak dat een eenzijdig in een Didam-publicatie opgenomen vervaltermijn niet de kracht heeft van een wettelijke of contractuele vervaltermijn. Gemeenten kunnen er niet op vertrouwen dat een dergelijke termijn gegadigden definitief buitenspel zet.

Voor marktpartijen is van belang dat een te late reactie op een Didam-publicatie niet fataal hoeft te zijn. Zolang er geen bijkomende omstandigheden zijn die rechtsverwerking rechtvaardigen — zoals actieve gedragingen die bij de gemeente het gerechtvaardigd vertrouwen wekken dat de gegadigde niet zal opkomen tegen de verkoop — blijft het mogelijk om in kort geding het sluiten van de overeenkomst te voorkomen.

Gerelateerd

Afwezige trainee bij usability test: gelijkheidsbeginsel geschonden, herbeoordeling geboden

Een ogenschijnlijk kleine fout met grote gevolgen: één van de trainees van de aanbestedende dienst is gedurende de gebruikstest gedeeltelijk afwezig. De...
Aanbestedingsprocedures

Het formuleren van (gunnings)criteria is een kunst

In de regel zijn kort gedingen tegen de motivering van de gunningsbeslissing en de beoordeling niet kansrijk te noemen. Toch oordeelde de Haarlemse...

Hoe een aanbestede overeenkomst al kan eindigen voordat de uitvoering begint

Het Bonnefanten Museum in Maastricht schrijft een Europese niet-openbare aanbesteding uit voor beveiligingsdiensten. Eye Watch Security Group (“Eye Watch”)...
Wanneer telt concernomzet mee bij quasi-inbesteden? Het HvJ EU verduidelijkt de 80%-toets en de rol van omzet van derden.

Quasi-inbesteden: concernomzet en derdenomzet tellen mee

Uit het arrest van 15 januari 2026 (C-692/23) van het Hof van Justitie volgt dat voor een succesvol beroep op de aanbestedingsuitzondering ‘quasi-inbesteden’...
Wanneer geldt de Aanbestedingswet defensie en veiligheid voor netbeheerders?

De Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied bij aanbestedingen door netbeheerders

Op 1 januari 2026 treedt de Energiewet in werking. Deze wet brengt mee dat netbeheerders bepaalde opdrachten op grond van de Aanbestedingswet op defensie- en...

Staatssteun bij publieke financiering van warmtenetten

De Wet collectieve warmte (Wcw) vergroot de publieke sturing op warmtenetten: warmtebedrijven moeten voortaan een publiek meerderheidsbelang hebben. Dit...
No posts found