Het WK-Bid: risico op staatssteun?

13 augustus 2010
Tijdens het bezoek dat de FIFA afgelopen vier dagen (van 9 tot en met 12 augustus 2010) aan België en Nederland heeft gebracht, is het publieke debat over het WK-bid van Nederland en België in alle hevigheid losgebarsten. Vooral de vermeende (belasting)voordelen die door beide landen aan de FIFA zouden zijn gegarandeerd doen een hoop stof opwaaien. Er gaan zelfs stemmen op die stellen dat de (vermeende) vrijstellingen onrechtmatige staatssteun aan de FIFA inhouden. Een blik op de voorwaarden...
Sjaak van der Heul
Sjaak van der Heul
Advocaat - Senior
In dit artikel
Tijdens het bezoek dat de FIFA afgelopen vier dagen (van 9 tot en met 12 augustus 2010) aan België en Nederland heeft gebracht, is het publieke debat over het WK-bid van Nederland en België in alle hevigheid losgebarsten. Vooral de vermeende (belasting)voordelen die door beide landen aan de FIFA zouden zijn gegarandeerd doen een hoop stof opwaaien. Er gaan zelfs stemmen op die stellen dat de (vermeende) vrijstellingen onrechtmatige staatssteun aan de FIFA inhouden. Een blik op de voorwaarden voor staatssteun uit het EU-werkingsverdrag (VWEU), leert datstaatssteun een reëel risico is.

Uit artikel 107 lid 1 van het EU-Werkingsverdrag volgt dat er sprake is van staatssteun is indien aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

(i) de steun wordt verleend door een staat of uit staatsmiddelen bekostigd;

(ii) komt ten goede aan bepaalde ondernemingen;

(iii) levert deze een selectief voordeel op van niet-marktconforme aard;

(iv) waardoor de mededinging wordt vervalst of dreigt te worden vervalst; en

(v) de intracommunautaire handel ongunstig wordt beïnvloed.

(i) staatsmiddelen

Het is vaste jurisprudentie dat ook maatregelen die leiden tot een vermindering van staatsinkomsten uit staatsmiddelen worden bekostigd. Indien een vrijstelling voor de FIFA leidt tot een vermindering van de belastingopbrengsten voor de Nederlandse en Belgische overheden, is aldus aan de eerste voorwaarde voor staatssteun voldaan.

(ii) komt ten goede aan ondernemingen

Een onderneming in de zin van de staatssteunregels is elke entiteit die een economische activiteit uitoefent, bestaande uit het aanbieden van goederen en diensten op een bepaalde markt. Het is evident dat de FIFA –in het kader van de organisatie van een Wereldkampioenschap- verschillende diensten aanbiedt. Zoals het aanbieden van sportamusement, de verkoop van televisierechten en merchandising.

(iii) selectief voordeel

Er is sprake van een selectief voordeel indien een nationale maatregel bepaalde ondernemingen of bepaalde producties begunstigt ten opzichte van anderen die zich in een feitelijk en juridisch vergelijkbare situatie bevinden. De (vermeende) belastingvrijstelling zal specifiek betrekking hebben op de FIFA.

(iv) mededingingsbeperking

Vooropgesteld moet worden dat een dreigende mededingingsbeperking snel zal worden aangenomen. Europese rechters stellen zich op het standpunt dat de mededinging wordt beperkt indien een onderneming geen kosten hoeft te dragen die deze in de normale omstandigheden had moeten dragen. Daarvan is in het onderhavige geval sprake.

De FIFA zal hiertegen inbrengen dat er geen sprake is van een beperking van de mededinging, omdat de FIFA de enige aanbieder van vergelijkbare diensten is. Zij biedt deze niet aan in concurrentie met andere ondernemingen. In dit kader is relevant dat de Commissie een dergelijk argument in haar beschikkingenpraktijk in het verleden heeft geaccepteerd. Het betrof steun aan de monopolistische beheerder van het Engelse railnetwerk, die naar het oordeel van Commissie ook geen concurrentie kon ondervinden omdat de Engelse staat concurrentie op deze markt had gesloten.

Om vast te stellen of de FIFA als monopolist geen concurrentie ondervindt bij het aanbieden van haar verschillende diensten, is uitgebreid marktonderzoek nodig. Op het eerste gezicht lijkt het standpunt van FIFA echter moeilijk verdedigbaar, gelet op het feit dat de FIFA wel degelijk om de gunst van de toeschouwer (in het stadion en voor de tv) moet concurreren met andere evenementen (die door ander ondernemingen worden geëxploiteerd). Hetzelfde geldt voor de verkoop van televisierechten en merchandising

(v) interstatelijke handel

Een steunmaatregel heeft interstatelijk effect indien deze rechtstreeks, daadwerkelijk of potentieel invloed uitoefent op het ruilverkeer tussen de Europese lidstaten, waardoor de instandhouding van een gemeenschappelijke markt wordt belemmerd. Het feit dat de FIFA in staat zal zijn om het in Nederland verworven (belasting)voordeel in verschillende Europese lidstaten in te zetten, zal voldoende zijn om interstatelijk effect aan te kunnen nemen.

Tot slot

Indien in strijd met artikel 107 EU-Werkingsverdrag staatssteun wordt uitgekeerd, dient deze door de lidstaat bij de begunstigde te worden teruggevorderd. Dit kan dus betekenen dat de FIFA belastingen, waarvoor zij was vrijgesteld alsnog moet betalen. In dat geval mogen Nederland en België geen vervangende schadevergoeding toekennen aan de FIFA, omdat dan alsnog via een omweg staatssteun wordt verstrekt.

Het is daarbij vaste jurisprudentie dat de mogelijke begunstigden (zoals de FIFA) zich niet kunnen beroepen op onwetendheid ten aanzien van de overtreding. Zij dienen zelf te onderzoeken of de staatssteunregels zijn nageleefd.

Gerelateerd

Aanbestedingsprocedures

Het formuleren van (gunnings)criteria is een kunst

In de regel zijn kort gedingen tegen de motivering van de gunningsbeslissing en de beoordeling niet kansrijk te noemen. Toch oordeelde de Haarlemse...

Hoe een aanbestede overeenkomst al kan eindigen voordat de uitvoering begint

Het Bonnefanten Museum in Maastricht schrijft een Europese niet-openbare aanbesteding uit voor beveiligingsdiensten. Eye Watch Security Group (“Eye Watch”)...
Wanneer telt concernomzet mee bij quasi-inbesteden? Het HvJ EU verduidelijkt de 80%-toets en de rol van omzet van derden.

Quasi-inbesteden: concernomzet en derdenomzet tellen mee

Uit het arrest van 15 januari 2026 (C-692/23) van het Hof van Justitie volgt dat voor een succesvol beroep op de aanbestedingsuitzondering ‘quasi-inbesteden’...
Wanneer geldt de Aanbestedingswet defensie en veiligheid voor netbeheerders?

De Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied bij aanbestedingen door netbeheerders

Op 1 januari 2026 treedt de Energiewet in werking. Deze wet brengt mee dat netbeheerders bepaalde opdrachten op grond van de Aanbestedingswet op defensie- en...

Staatssteun bij publieke financiering van warmtenetten

De Wet collectieve warmte (Wcw) vergroot de publieke sturing op warmtenetten: warmtebedrijven moeten voortaan een publiek meerderheidsbelang hebben. Dit...

Raad van State: Didam-criteria van toepassing op begrotingssubsidies

In zijn uitspraak van 23 juli 2025 heeft de Afdeling geoordeeld dat ook begrotingssubsidies schaarse rechten kunnen zijn, aangezien ook bij begrotingssubsidies...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen