Vergunningsvrije delen in of buiten de aanvraag?

5 mei 2023

Een bouwplan kan in sommige gevallen worden gesplitst in een omgevingsvergunningplichtig en een omgevingsvergunningvrij deel. Is dat verstandig om te doen? En wat dient er dan precies in de aanvraag om een omgevingsvergunning te worden opgenomen?

Jasper Molenaar
Jasper Molenaar
Advocaat - Partner
In dit artikel

Splitsing bouwplan

Splitsing van een bouwplan dat uit verschillende onderdelen bestaat is in beginsel niet mogelijk. Een bouwplan dient als één geheel te worden beschouwd. Een bouwplan kan alleen worden gesplitst indien het bestaat uit onderdelen die in functioneel en bouwkundig opzicht van elkaar kunnen worden onderscheiden. Zo is het bijvoorbeeld niet mogelijk om bij een bouwplan voor het realiseren van een woning de uitbreiding van de keuken te splitsen van de rest van het bouwplan. De keuken vormt namelijk één ruimte, die niet functioneel en bouwkundig is te onderscheiden in twee afzonderlijke delen (zie ABRvS 28 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:699).

Alleen delen van een bouwplan die in functioneel en bouwkundig opzicht van elkaar kunnen worden onderscheiden kunnen dan ook worden gesplist in een vergunningsplichtig en vergunningsvrij deel. Dit is dus een eerste juridische hobbel die genomen moet worden voordat de keuze door de initiatiefnemer kan worden gemaakt om vergunningsvrije delen wel of niet in de aanvraag op te nemen.

Toevoegen van vergunningsvrije delen in de aanvraag

Het is mogelijk om vergunningsvrije delen in een aanvraag op te nemen. In de praktijk gebeurt dat ook vaak. Voor initiatiefnemers is het namelijk praktisch om één set bouwtekeningen te maken waarop het gehele bouwplan is weergegeven. Het kan daarnaast ook opportuun zijn om de vergunningsvrije delen wel in de aanvraag op te nemen, omdat de kans bestaat dat het bevoegd gezag een omgevingsvergunning verleent voor het gehele bouwplan zonder onderscheid te maken in vergunningsvrij en vergunningsplichtig. De vergunningsvrije delen worden dan als het ware vergund. De initiatiefnemer verkrijgt in feite de zekerheid dat ook deze delen gebouwd mogen worden. Dat verkleint het risico op handhaving achteraf.

Bovendien heeft de vergunninghouder nog enige ruimte om de vergunningsvrije delen niet of in afwijking van de verleende omgevingsvergunning te bouwen. In een uitspraak van 12 juni 2013 (ECLI:NL:RVS:2013:CA2891) heeft de Afdeling overwogen dat als in afwijking van een verleende vergunning wordt gebouwd, maar de bouwactiviteit op zichzelf vergunningsvrij is, aan de overtreder niet het bouwen in strijd met artikel 2.1 lid 1 onder a van de Wabo kan worden tegengeworpen. Een andere opvatting zou ertoe leiden dat dit deel van het bouwwerk zou moeten worden gesloopt en vervolgens zonder omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen” opnieuw kan worden opgericht. Dat strookt niet met de bedoeling van de wetgever.

Vergunningsvrije delen buiten de aanvraag laten

Als de aanvrager van een omgevingsvergunning delen van een bouwplan buiten de aanvraag wil laten, omdat deze volgens hem vergunningsvrij kunnen worden gebouwd, dan moet de aanvrager dat primair doen door deze delen niet in de aanvraag op te nemen. Vergunningsvrije delen van een bouwplan zijn immers vergunningsvrij en hoeven niet te worden aangevraagd.

Krijtstreepmethode

Als de onderdelen toch in de aanvraag worden opgenomen moet uit de aanvraag onmiskenbaar te blijken voor welke onderdelen van het bouwplan wél en waarvoor géén omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Ook dient de oppervlakte van het bouwplan waarvoor wel vergunning wordt gevraagd duidelijk uit de aanvraag te blijken. Dit moet uit het oogpunt van rechtszekerheid van derden en ter bepaling van wat het oorspronkelijk hoofdgebouw is. Dat kan bijvoorbeeld met de krijtstreepmethode: door middel van een fictieve ‘krijtstreep’ wordt het bouwplan opgedeeld in vergunningsvrije en vergunningsplichtige delen. Maar ook door middel van arceringen kan worden aangegeven welke onderdelen volgens de aanvrager omgevingsvergunningvrij kunnen worden gerealiseerd en buiten de aanvraag worden gelaten (zie ABRvS 28 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:699). Het bevoegd gezag dient vervolgens in de te verlenen omgevingsvergunning duidelijk tot uitdrukking te brengen welke onderdelen vergunningsvrij zijn en daarom niet bij de beoordeling van de aanvraag zijn betrokken en derhalve niet zijn vergund (zie ABRvS 4 maart 2015, ECLI:NL:RVS:2015:640).

Blijkt niet exact en uitdrukkelijk uit de aanvraag welke delen vergunningsvrij zijn en daarom buiten de aanvraag moeten worden gelaten, dan moet het bevoegd gezag het gehele bouwplan beoordelen. Zo is het op de bouwtekening omcirkelen van onderdelen met wolkjes niet afdoende (zie ABRvS 4 maart 2015, ECLI:NL:RVS:2015:640). De kans bestaat dan dat de vergunning wordt geweigerd op delen die eigenlijk vergunningsvrij kunnen worden gerealiseerd. In dat geval is het verstandig om de vergunningsvrije delen buiten de aanvraag te laten, zodat deze geen weigeringsgrond kunnen vormen.

Conclusie

Soms moeten vergunningsvrije delen in een aanvraag worden opgenomen, omdat deze delen niet in functioneel en bouwkundig opzicht van de vergunningsplichtige delen kunnen worden onderscheiden. Maar als de initiatiefnemer de keuze heeft, dan hangt het van geval tot geval af of verstandig is om vergunningsvrije delen in de aanvraag op te nemen. Enerzijds kan het opportuun zijn omdat daarmee de zekerheid wordt verkregen dat de vergunningsvrije delen mogen worden gebouwd. Anderzijds bestaat de kans dat de vergunning wordt geweigerd op delen die eigenlijk vergunningsvrij zijn.

Wilt u meer weten over het splitsen van een bouwplan in vergunningsplichtige en vergunningsvrije delen? Neem dan contact op met Joyce de Bruijn of Jasper Molenaar.

 

Gerelateerd

Wanneer is een vergunning vereist bij projectwijziging?

Voor het wijzigen van een project is niet in alle gevallen een nieuwe vergunning vereist. Wanneer een activiteit wordt aangemerkt als gewijzigde voortzetting...

Tussenuitspraak gedoogplicht in de Omgevingswet

De rechtbank Amsterdam heeft in een tussenuitspraak van 4 februari 2026 een interessant oordeel gegeven over de gedoogplichtregeling van artikel 10.11...

Afdeling kritisch op bevoegdheid burgemeester tot verwijdering van online berichten

Op 25 februari 2026 heeft de Afdeling advisering van de Raad van State een negatief advies uitgebracht over het initiatiefwetsvoorstel Wet online aangejaagde...
Afdeling bestuursrechtspraak bekrachtigt onteigeningsbeschikking onder de Omgevingswet in hoger beroep

Raad van State: eerste uitspraak in hoger beroep bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Op 4 februari 2026 heeft de Afdeling voor het eerst in hoger beroep uitspraak gedaan in een procedure tot bekrachtiging van een onteigeningsbeschikking onder...

Gerechtshof Den Haag: Veevoerproducenten hebben geen recht op nadeelcompensatie voor omzetderving door uitkoop veehouderijen

In zijn arrest van 27 januari 2026 heeft het gerechtshof Den Haag geoordeeld dat twee veevoerproducenten geen recht hebben op nadeelcompensatie voor...

Novelle bij de Wet versterking regie volkshuisvesting: aanpassing regeling voorkeursrecht Omgevingswet

Op 13 januari 2026 heeft de regering een novelle bij het wetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) ingediend bij de Tweede Kamer. De novelle...
No posts found
Events

Aankomende online en live events

We delen diepgaande kennis en pragmatische inzichten over actuele onderwerpen in het vakgebied en de maatschappelijke thema's waar we dichtbij staan.

19
mei
2026
Seminar
Zorg & Sociaal domein
Flexibele personeelsinzet in de zorg: van strategie tot werkbare oplossingen

Hoe organiseert u als zorginstelling flexibele personeelsinzet die juridisch en fiscaal klopt? De druk op capaciteit en continuïteit groeit, terwijl de regels rond collegiale uitleen, het contracteren met uitzendbureaus, toelatingsvergunningen en btw meer aandacht vragen. Steeds meer zorginstellingen zoeken duurzame vormen van flexibiliteit, zoals regionale samenwerking, inzet van (buitenlandse) bemiddelings- en uitzendbureaus, vernieuwd werkgeverschap of het vergroten van interne mobiliteit. Tijdens deze kennissessie krijgt u inzicht in de belangrijkste strategische keuzes voor flexibele personeelsinzet, aangevuld met praktijkervaring uit onze multidisciplinaire begeleiding van samenwerkingen in de zorg. 

Arnhem
10:00 - 13:00
21
mei
2026
Seminar
Arbeid & Pensioen
Gelijke beloning onder de loep: bent u er klaar voor?

Nieuwe Europese wetgeving over loontransparantie verplicht werkgevers om beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen inzichtelijk te maken, te verklaren én waar nodig aan te pakken. Richtlijn (EU) 2023/970 stelt minimumvereisten ter versterking van de toepassing van het beginsel van gelijke beloning. Lidstaten moeten uiterlijk 7 juni 2026 aan de richtlijn voldoen; Nederland heeft te kennen gegeven te streven naar implementatie per 1 januari 2027. Middels dit seminar delen wij de kennis en handvatten die voor u van belang zijn.

Arnhem
14:00 - 17:00
Liever een inhouse training op maat?

Wij organiseren ook events op maat. Van kleine tot grote groepen, we zorgen voor een inspirerende sessie afgestemd op uw wensen. Informeer naar de mogelijkheden.

Contact opnemen